Zoals verwacht een lange wandeling om de stad Limoges te verlaten. ‘sMorgens goot het water. Dus haastte ik me niet om te vertrekken. Gelukkig stopte het met regenen en vertrok ik droog. Wat echt opviel waren de veel gekleurde mensen in de stad. Zeker in het centrum. Ik vermoed dat de blanke bevolking in de mooiere buitenwijken woont.

Wat wel opviel in de stad was de versmarkt díe momenteel verbouwd wordt. Het gebouw achter is de oude versmarkt in verbouwing, de huidige markt gaat door in de witte tent op de voorgrond.Na de vele kilometers om de stad te verlaten kwam ik iets nieuws tegen. Een voetpad naast de weg. Wat een luxe om niet constantte moeten opletten voor aanstormende tegenliggers.

Aixe-sur-Vienne was het eerste stadje van betekenis. Belangrijk wegens oversteekplaats over de Vienne.

Daarna ging de tocht weer omhoog uit het dal en langs een kabbelend beekje met verschillende watermolens (niet meer werkend).

Na een regenloze dag kwamen de wolken terug opzetten zoals je ziet boven het kasteel van La Judie.

En toen ik in Flavignac aankwam was het zacht aan het druppelen.Vannacht overnacht ik in de gemeentelijke gite. Daar kwam ik mijn eerste pelgrim tegen. Wu, 72 jaar, van Mongoolse origine op weg vanuit Koningsbergen Duitsland. Wil het ganse stuk naar Santiago in één keer afleggen. We zijn samen gaan eten en hij vertelde dat hij en zijn vrouw thee verkopen, zij in Keulen en hij in Koningsbergen.




































Een paar boodschappen gedaan, want de eigenares van de gîte van deze avond had me in de mail gewaarschuwd dat er niet veel te rapen zou zijn op een zondagavond op de aankomstplaats. De wandeling ging rustig verder langs een oude spoorlijn. Weinig spectaculair, maar het vuurwerk zou later op de dag komen.
Op het einde van de lange spoorlijn gaf een ladder aan dat het wat heuvelachtiger ging worden. Gelukkig had ik mijn hartslagmeter omgedaan om mijn tikker in de gaten te houden.
Mijn picnic had ik toen al op met zicht op de Creuze. Verschillende watermolens staan nog steeds langs de rivier.
Een nieuwe vogelsoort gespot in deze omgeving, nl. de waterspreeuw; typische een soort voor het biotoop met stromend water. Een ander beestje dat ook van de partij was vandaag was de hagedis.
Af en toe flitste er eentje langs de rotsblokken of muurtjes. De tocht voorbij de trapjes werd helemaal anders. Heel gevarieerd met op en neer slingerende boswegels. Er was zelfs een plaatsje dat me echt deed denken aan het Elfenbad in de Efteling. Gelukkig was het droog vandaag en dus niet glibberig.
Rond 15 uur kwam ik na een stevige klim en een flinke afdaling in Cargilesse aan. Een versterkte boerderij domineert er het dorpje, maar zoals zo vaak in Frankrijk zie je ook hier de ontvolking toeslaan.
Daarna ging de tocht verder langs die smalle bospaadje die zich omhoog en omlaag slingeren door het landschap. Één bepaald deeltje doet zijn naam alle eer aan. Ik was echt blij dat het er droog bij lag.
De tocht ging tot aan de Creuze beneden en dan een brug over. Het laatste stuk viel tegen want ik moest de laatste 5 kilometer bergop klauteren via een drukke departementale met haarspeldbochten. Maar gelukkig was de tocht ervoor schitterend geweest.



















































