Etappe 28 – Van Champlemy naar La Charite sur Loire – 35,4 km – (693,5 km)

Op naar de Loire vandaag. En flink wat kilometers want Frankrijk is uitgestrekt. De start ging door weiland die overging in bossen. Tussen de bomen door dit blauwe landschap gevonden.

Lijnzaad. Of ook vlas. Pas begonnen met bloeien.

De wandelweg slingerde zich tussen de velden. Heuvel op en neer.

Soms was het niet heel duidelijk waar die wandelweg naar toe was. Heel veel pelgrims lopen er hier toch niet voorbij. Of ze lopen op sokkevoeten.

Tijdens het eten van mijn koffiekoek deze middag in het bos kreeg ik een heel concert te horen van een wielewaal. De eerste keer dat ik dit hoorde. Impressionant. Wat ook impressionant was, was een zwerm bijen die in een boom hingen met veel bijen er rond. Wat een gezoem. Wat een lawaai.

Plots loop je een lang bospad uit en sta je pal op een wijngaard. De Loirevallei. Dus lekkere wijnen die hier vandaan komen. Meer uitleg op onderstaande beeld.

In de champagnestreek was er weinig leven in die struiken toen ik er eind maart voorbij stapte. Hier is het al een stuk later in het seizoen en daar komen de druiven…

En plots zijn de druiven terug weg en slaat de weg een bos in. Kilometers aan een stuk bomen en bomen. Veel eik eigenlijk. Ik herkende zelfs de geur bij een zagerij. Eikenhout.

Rond 19u kwam ik aan in het hotelletje dat ingericht is omtrent schrijvers

Ik slaap in de Jules verne kamer.

Etappe 27 : Van Thurigny naar Champlemy – 23,7 km – (658,1km)

Zonnig aangenaam wandelweer. Gisteren nog een 71-jarige Fransman ontmoet. Architect op rust die ook stapte. Zomaar. Een maand lang de Camino en terug naar huis.

De eerste bezienswaardigheid was meteen bij de start met de gerestaureerde en functionerende Lavoir. Niet dat de mensen hun was komen doen, Maar wel dat het waarde vlot stroomde. Er kwamen nog Lavoirs langs de route vandaag.

Daarna een bospad met stevige klim en boven de poort naar de velden. Steeds mooi zicht als je zo boven die weidse landschappen kan bewonderen.

De weg ging afwisselend langs velden en door bossen vandaag. En naarmate de dag vorderde steeg de temperatuur. Op de zuidelijke hooilanden waren er bellen warme lucht waar je doorstapte. Vreemd. En enorm veel verschillende geuren…

Varzy is het stadje waar ik tegen de middag was. Vooraf kwam ik deze kikkerpoel tegen. Is blijkbaar een bronnengebied en dus het begin van een riviertje. Tot groot jolijt van vele kwakers die er een kwaakconcert hielden.

Dus rond de middag was ik in Varzy waar ik lekker heb geluncht. Typisch resto met veel mannelijke klanten. Kalkoengebraad en boontjes. Lekker. In Varzy alleen al zijn er 2 grote Lavoirs.

Na de middag dook de Camino in de bossen. Daar stond onderstaande kapel uit het midden van de 12de eeuw.

Blijkbaar een lepra kapel. De arme mensen met huidziekten konden toen niet naar de dermatoloog maar werden verbannen uit dorp en stad en leefden boven in het bos in houten hutten.

In de bossen wordt wat gerooid, Maar deze houthakkers haddêeen boodschap aan de pelgrims.

Op het einde van de tocht zocht de Camino de weiden en velden op en kwam ik aan de chambre d’hote

Ênog snel een plaatje van de ruime velden

Etappe 26 : Van Vezelay naar Thurigny – 26,7 km – (634,4 km)

Terug op stap. Het werd de dag van het weerzien. Na een rustige nacht vrij vroeg vertrokken uit Vezelay. Ik ben niet meer naar de kathedraal geweest want vorige keer heb ik er een paar uur doorgebracht.

Vanuit Vezelay heb je de keuze. Ofwel ga je via Nevers of je kiest de route via Bourges. Die laatste koos ik.

Dus meteen op weg begeleid door een paar laaghangende wolken. De kathedraal kon je zelfs niet zien want verstopt in de wolken.

Het landschap was wisselend Velden, weiden en bossen. Vooral bos in het eerste deel van de tocht. En wat je zoal tegen komt in die bossen.

Een wrak van een bus. Het was ook een weerzien. Van de modder onze andere. Hier en daar zelf naast de weg moeten lopen wegens veel nattigheid.

Ook voor iets anders was het een weerzien. De slakken. Escargots. Ferme dikke. En naaktslakken zonder huisje. Des limaces. Dikke oranje.

Na de middag kwam er plots een heel ander landschap onder de wandelschoenen met vooral grote velden.

En op een van die velden rare kleine plantjes die ik al eens gezien had was mijn indruk. Inderdaad. Zonnebloemen zoals Dries die kweekt in mijn tuin. Ze moeten nog wat groeien!

Een ander weerzien kwam er tegen etenstijd. De weg ging toen aar beneden en daar lag ….. de Yonne. Eigenlijk 2 Yonnes en een kanaal er naast. Maar met een schitterende picknick plaats naast het water!

Met 3 bruggen en de resten van wat ooit eens een watermolen geweest is. Drooggelegd en omgebouwd tot moestuin. Ik zou nog uitvinden waarom later op de avond.

Omdat een pelgrim niet zou vergeten waar zijn focus op moet liggen volgend bordje. Nog wat km te gaan. Gelukkig is men hier wel gastvrij. Geen café meer in de dorpen maar wel wc én water in het gemeentehuis met de revolutionaire boodschap van broederlijkheid, enz…

Nog een weerzien vandaag. De speciale bloemetjes van kalkgrond nl. De orchidee. De ene al uitgebloeid en de andere met kleine bloempjes.

En wat verderop een ander specialeke. Een parasitaire plant die leeft op een andere planten en die bremraap heet. Makkkelijk herkenbaar want heeft geen bladgroen.

Op het einde van de dag begon het te rommelen. De lucht werd dreigend boven de Camino. Maar gelukkig trok het gerommel wat verder en bleef het droog. De poncho bleef ingepakt.

En zo kwam ik aan in de gites moulin du merle. Een watermolen, met water en die dus de gehele nacht flink luidruchtig kabbelt. Afsluiten doe ik met dit vredevolle beeld van een rustig platteland in Thurigny.

Etappe 23 : Van Auxerre naar Mailly-la-Ville – 29,0 km – (573,4 km)

Gisterenavond kreeg ik bericht dat de slaapplaats die ik gereserveerd had toch niet beschikbaar was. Pech dus. Na zoeken en puzzelen toch een nieuwe bestemming gevonden. Betekent wel meer kilometers de eerste dag en dan 2 korte etappes naar Vezelay.

Brr. Heel fris vanmorgen. Amper 3 graden. Gelukkig heb ik mijn lange onderbroek nog mee! De route verliet Auxerre door de buitenwijken en dook rap de velden in. Gelukkig had ik nog een bakker gevonden deze 1 mai en wat mondvoorraad en water mee. Na een lange rechte lijn kwamen boven op het plateau plots de wijnstokken terug. Iets meer blaadjes al. Een paar kilometer slechts verder ging het plots steil naar beneden. En met de rugzak betekent dit: voorzichtig!

Beneden gekomen kwam ik een oude bekende tegen! De rivier de Yonne, die me de rest van de dag zou begeleiden vele kilometers lang.

Volgens de mensen van het departement de Yonne zou ‘hun’ rivier ongeveer 2/3 van de watertoevoer leveren aan de waterloop in Parijs. Dus zou de Seine eigenlijk Yonne moeten heten. Aan de oevers en de zandzakken daar te zien is het een natte winter geweest en hadden ze last van natte voeten.

Het was eerst echt pal naast het water dat de Camino liep vandaag. Dat was wel plezanter en meer afwisselend dan de weg op de jaagpaden later op de dag.

Hier en daar zijn er stroomversnellingen en heel vaak vind je dan een sas en een waterval die hey debiet van de stroom kan regelen. Geen boten vandaag. Niemand aan de sassen en sluizen.Kwam het door 1 mei of door de omgevallen boom?

De installaties lagen er ongebruikt bij.

Wel meer mensen dan vorige dagen. Wat fietsers en joggers. Ook vissers vaak en zelfs een man met een miniatuur bootje.

Onderweg ook deze constructie gezien. Deze diende om hey debiet van de stroom te regelen en zo ook het houttransport via het water aan te sturen. De opening kon zo groot of klein gemaakt worden als gewenst door de latjes dwars latje per latje in het water te laten zakken.

En verder hing de weg wel zo een 25 km als jaagpad tot aan de bestemming. Hier en daar nog een orchidee gezien op de kalkbodem. En daar het zon was vandaag kwamen de kleuren beter tot hun recht. Morgen meet natuur. Beloofd.

Smakelijk en gezondheid.

Etappe 20 : Paron naar Joigny – 35,2 km – (500,7 km)

De hoofdpersonage vandaag is de rivier de Yonne. Het grootste deel van de dag werd ik begeleid door de rivier. Maar eerst werd ik heel hartelijk uitgeleide gedaan door mijn gastheer en vrouw. Ze trokken zelfs hun stapschoenen aan om een stukje mee te stappen.

Michel boerde jaren en kent alle weggetjes als zijn broekzak. Hij is het die me aanraadde waar ik onderstaande vergezicht van de Yonne kon trekken.

De weg is hier wel heel wat mooier dan in de streek van Reims! Glooiende heuvels met bloeiend koolzaad. Her en der bossen op die heuveltoppen. Daar doorheen gooit de goed onderhouden aarde weg. Plots sprong er zelfs een ree 3 meter voor mij uit het kreupelhout pal op de weg. En even sierlijk sprong het dan terug het bos in. Je verschiet wel even want nogal onverwacht die ontmoeting!

Het eerste dorpje heet Gron. Klein en landelijk met kabbelend beekje in de tuin. Echt zo een beekje dat je wil meenemen om ook in je tuin te leggen.

Na Gron volgt een tocht door veld en bos. En na een paar kilometer in het glooiende landschap daalt de weg naar de rivier die we voor de rest van de dag volgen.

Na een flinke wandeling op het jaagpad langs de meanderende rivier tussen de velden en bossen komt de Camino aan in Villeneuve sur Yonne.

Omdat het middag was ging ik even zitten in een bar om een koffie te drinken. Dat deed deugd zo een koffie op een terrasje. Toen ik klaar was en aanstalten maakte om te vertrekken klonk een stem uit het cafee. Moet ik geen stempel in je boek zetten vraagt een in het zwart gekleed mannetje terwijl hij zijn glaasje likeur in een keer naar binnen kapt. “Graag” zeg ik. “Een pastoor moet ook al eens een glaasje drinken, he!” Zegt hij. “Met miswijn op zondag alleen ga ik niet ver geraken” zegt hij terwijl hij een dikke bundel sleutels mee gritst en naar buiten komt. Hij troont me mee aar de kerk alsof ik oorlogsbuit was. In de sacristie werd dan een stempel bij gedrukt in het pelgrimboekje.

En dan ging de weg verder langs het jaagpad van de Yonne. Af en toe had ik het gezelschap van een Zwitserse plezierboot die mij inhaalde. Maar wat verderop haalde ik die weer in wanneer de boot verrast werd. Er is wel wat verval op de rivier. Dus hier en daar stuwinstalaties om de Yonne bevaarbaar te houden.

Pleziervaart is er wel. Mooie boten ook. Iets breder dan de narrowboats in UK maar af en toe wel een kleurrijk exemplaar.

Doordat het verval hoger werd stroomopwaarts werd een kanaal naast de rivier gegraven voor de boten. Een vertrouwd gezicht voor Vlaanderen die vaart met bomen. Wel geen wielertoeristen hier want pad is van aarde. Slechts een paar vtt rijders.

En zo stappen na een dikke 33 km kwam Joigny in zicht. Wat in de hoogte. Volgens de gids wat vergane glorie. En dat klopte wel.

Ik bezocht nog even 2 van de 3 kerken. Restauratie van de stukken is voorzichtig aangevat. Ook huizen allerhande vind je er.

Zie zo. Aangekomen. Beentjes wat laten rusten nu.

Etappe 18 : Baye naar Sezanne 20,9 km – (448,3 km)

De Camino starte vanmorgen langsheen de oude spoorberm. Wat wel enorm opvalt na deze dikke 2 weken is dat de bomen aan het ontploffen zijn gegaan. Overal zie je jong groen in de bomen. Het pad ging over landwegen vandaag en een paar stroken langs departementales die niet te druk waren. Dat kan anders wel tegenvallen en als eer een wagen je kruist aan een flinke 90 km per uur, dan is dat wel indrukwekkend. Bij vrachtwagens wordt je bijna omver geblazen.

slak

De eerste ‘gast’ die ik tegenkwam vandaag was een culinaire gast. In Frankrijk eten ze bijna elk beest op en nu ik de Bourgonië nader kruis ik toevallig deze locale delicatesse. Looksaus had ik niet bij en een stuk stokbrood ook niet – daarenboven is het voortplantingsseizoen en dan laat je de beesten gerust. Dus liet ik die wijngaardslak maar lopen. Nu ja, lopen!

Le Talus Saint-Prix. Daar staat dit Romaans kerkje. Je ziet zo dat dit toch al een aantal jaar daar staat te staan. Zou van rond 12de eeuw daar gebouwd zijn. Wel zag ik meer en meer borden verschijnen bij de monument. Vaak hebben ze een rol gehad in de Slag van de Marne, waarbij generaal Joffre de Duitsers in 1914 een halt toe riep bij hun invasie in Frankrijk. Hier zie je zoals in de streek van Ieper al meer en meer restanten van de grote oorlog.

romaans kerkje

Wat verderop nog sporen van die Grote oorlog. Een ossuaire. Een knekelgraf of massa graf waar een groep soldaten samen begraven zijn. Het is pas in 1915 dat de Franse staat de individuele begraafplaatsen van soldaten zal invoeren. Daarvoor vind je meestal massagraven van de gevallen militairen, zoals hier. Ook van vroegere oorlogen kom je nog zo’n sporen tegen.

necropole

Het is niet altijd evident om de juiste weg te vinden. De Camino symbolen durven nogal eens verschillen en bevinden zich soms op niet evidente plaatsen.

Leven als God in Frankrijk. Zou dit zo iets zijn zoals in dit kasteel?

De kalkbodem in de champagne streek is zo lek als een zeef en vol grotten en gaten. Betekent ook dat het water dat erop regent zijn weg zoekt en dat er heel wat bronnen zijn. Hier liggen er 3 naast één.

Het gevolg van die vele bronnen is dat je in ongeveer elk dorp daar er nog een Lavoir staat. Een gebouwtje opgetrokken rond een brom of beekje waar mensen gezamenlijk de was deden. Dat zal wel een belangrijke sociale functie hebben gehad.

De dag was gestart onder zonneschijn. Maar rond de middag kwamen de wolken en wat later gingen de sluizen open. Meteen alles kloddernat en de wegjes werden opnieuw moddersloten. Daar was het ploeteren opnieuw.

Het was net of de natuur me eraan wilde laten herinneren dat ik asap verder moet doen met die Camino. Want in Sezanne moet ik even stoppen. Camino on hold voor 2 weken en dan op naar Vezelay. Glibberend trok ik verder onder de pijpenstelen totdat in de verte de torens van de stad zichtbaar waren.

En inderdaad. De druiven waren terug geleerd. Ook hier champagne wijngaarden. In de kerk heb ik een kaarsje gebrand als dank voor de prima afloop van deel 1. Dan heb ik me ook omgekleed want ik zat onder de modder en ben dan nog een stempel laten plaatsen in het parochiaal centrum. Zie zo. Klaar voor het vervolg over een kleine 2 weken.

Etappe 17 : Montmort-lucy naar Baye 17,1km – (427,5 km)

Schitterende blauwe lucht vanmorgen toen ik in Montmort vertrok voor een hele korte etappe. Maar zo kan ik morgen nog een redelijk stukje stappen naar Sezanne.

De heel intensieve wijnbouw is verdwenen e heeft plaats gemaakt voor velden en zelfs een oude boomgaard. De fruitbomen helemaal onder de maretak. In het gras op het pad ligt het bol witte besjes die van de maretakken gevallen zijn.

Weet zo’n lang recht pad en dan gaan de gedachten op den dool. Ook keek ik al wat meer achter mij om te zien of er geen collega pelgrim op komst was. Door te babbelen ga je het denken en tobben wat onderdrukken.

Op sommige stukken heb je de indruk alleen op de wereld te zijn. Ook nam ik de beslissing om na de werkpauze volgende week (weken) zo snel mogelijk verder te stappen op deze Camino. Meteen wanneer ik thuis ben begin ik aan de voorbereiding aan het stuk Troyes naar Vezelay.

Met zo een prachtig weer is het heerlijk te wandelen. Niet te koud en niet te warm. Geen neerslag. Het kan niet beter.

Al snel kwam ik bij een vijvertje. Water heeft altijd een rustgevend effect en ook zie je al eens andere vogels. Op die vijver zaten fuut, wilde eenden en 2 statige zwanen. Een beetje daarvoor er vos waargenomen die op het pad liep en zich snel verstopte toen hij mij zag.

Zoals gemeld, korte tocht vandaag. Wel in de verte everzwijnen gehoord. Niet gezien. Wel gezien en het was lang geleden dat ik er nog gezien had: kikkervisjes of dikkoppen. In één van de plassen die de hele breedte van het wandelpad innemen.

Het wandelpad eindigde met een strook oude spoorbedding. Hey voordeel was dat de waterhuishouding iets beter is dan de klassieke bospaden en het pad meestal droog en begaanbaar is. Dieet water die sporen aanleggen was ook een job op zich want het water we krijgen dat hier overal uit de kalkgrpnd opborrelt is een werk op zich.

En daar was dan het oud of moet ik schrijven het ex station van Baye. Het gebouwtje ligt op 500m van het dorpje. Nu wordt het gebruikt als woonhuis.

Baye zelf is een landbouwdorp waar veel leven uit verdwenen is. De resten van een indrukwekkend klooster zijn ingenomen door een nieuwe gemeenschap van christenen die alles delen met elkaar. Hier wonen ze.

Een gigantisch complex. De rest van het dorp ziet er triest uit met veel sporen uit het verleden zoals dit Posthuis.

Veel huizen staan te koop en de kerk staat op invallen. Triest is het lot van het Franse platteland.

Etappe 16 : Epernay naar Montmort-lucy 28,1 km – (410,4km)

Wakker onder blauwe hemel deze morgen. Prima wandelweer. Eerst naar Epernay centrum gestapt met volle rugzak. Vol met drank en met kleren. De temperatuur blijft aangenaam en dus geen jas of lange onderbroek. En extra drinkwater mee.

De eerste halte was de kerk met de hoop een stempel te halen. Is dan toch maar toerisme kantoor geworden want in de kerk was geen levende ziel te bespeuren.

Onderweg naar het centrum over de bruggen van de Marne gestapt. Ik had gezelschap van nog iemand met een rugzak daar beneden.

De Marne is ook een rivier met gevoelige geschiedenis in Frankrijk. Speelde een rol in elke oorlog. Juist aan de brug staat een grote mijlpaal van de Voie de la liberte. Vanop de Marne brug valt een grote toren op. Is nu een plaats waar het verhaal over de champagne wordt verteld en getoond. Indrukwekkende toren wel.

Voor echte pelgrims is de stad niet interessant. Achteraf gezien zou ik beter meteen naar Moussy zijn gestapt. Daar is meer champagne te beleven. Onderweg toch wat gebabbeld met wijnboer.

Die vertelde me dat ze nu na het snoeien, de struiken aan het binden zijn. On liet la vigne. Dat doet ie gezeten op zijn karretje met een speciaal instrumentje dat een draadje rond de stengel en de draagdraad draait, vastzet en afsnijdt.

De voormiddagtocht liep verder door de wijngaarden van beroemde en minder beroemde champagnehuizen.

Langs de weg liep water in een kunstmatige goot en er was zelfs een bonnetje waar het water uit de kalkhoudende bodem vloeide.

Het was weer heel druk in de wijngaard. De wijnboer vertelde me dat er 27 verschillende handelingen nodig zijn om van de druif in het champagneglas te geraken. Ook werd er volop gewoeld zond de wortels met de speciale tractoren. Een eenzaat probeert het op de ouderwetse manier.

Om de wijnbouwstreek te verlaten was een flinke klim nodig naar een Romaans kerkje. Dat was al de 2de km van de dag.

Nu lag de weg open naar de beboste toppen boven de wijnstreek. Juist voorbij het kerkje stond een bank en een tafel. En gezien het middaguur was heb ik mijn koffiekoek opgepeuzeld met mooi uitzicht als extra. En zo staan mij 2 schelpen ook eens op de foto.

Zoals gemeld liep de weg verder langs de grens tussen bos en wijngaarden. Toen ik even achterop keek zag ik een pelgrim die me volgde op korte afstand. Een dame in het rood met blauwe rugzak. Ze zwaaide met haar pelgrimsstaf en vroeg of ik de camino wandelde. Ik had meteen door dat ze Nederlandstalig was. Haar naam was Katrien en ze kwam uit het Leuvense. Ze doet haar Camino in stukjes tijdens de paasvakantie. Vorig jaar was ze thuis vertrokken tot Rocroi en dit jaar liep ze van Rocroi naar Reims.

Ze vertelde honderduit over haar belevenis, over haar 5 kinderen, over haar minder goede been maar dat het toch goed ging om te stappen, enz… Je kan haar Camino volgen op haar blog.

De tocht ging dan door een heel ander landschap. Geen druiven meer, Maar bomen. En de narcissen hebben plaats gemaakt voor hele velden bosannemonen.

Een flink stuk van de weg liep door bos. Weer flink veel sporen van everzwijnen en hun gewroet. Toen we even pauzeerden aan een vijver kwam een pick-up, vol maïs en een aanhangwagen met quad. 2 fransen stapten uit en vertelden dat ee de evers kwamen voederen. De eeugen hebben jongen en die kunnen extra eten gebruiken zeiden ze. Het gewroet in de modder van de wegen komt omdat drachtige zeugen op zoek zijn naar extra proteinen en regenwormen opsnorren.

Al pratend en zonder teveel verloren te lopen naderden we onze bestemming, Montmort-lucy. Zij ging overnachten bij een dame die kamers ter beschikking stelt aan pelgrims. Ze wou morgen dan meteen tot Sezanne stappen.

Samen dronken we dan nog een glaasje voor onze wegen scheidden. Buen Camino Katrien

Etappe 15 : Reims naar Epernay 26,25 km – (382,3 km)

De tocht laat zich samenvatten in woorden: wijngaarden, bossen en heuvels.

Net buiten Reims de eerste wijngaarden opgemerkt. En tussen de wijnstokken mensen die op karretjes aan het werken waren. Met een pneumatische snoeischaar waren ze de stokken aan jet kort snoeien. Heel kort zelfs.

Naarmate de voormiddag vorderde steeg ook de activiteit in de wijngaarden. Ook de temperatuur steeg met een beetje zonlicht en al vlug mocht ik beginnen laagjes uit te trekken.

Heel vreemde tractoren verschenen die heel behoedzaam tussen de aanplant reden. Met kleine metalen schijven werd de grond wat omgewoeld. Een heel ander type landbouw in vergelijking met die akkers vorige dagen.

De velden volgden elkaar af met alleen een weg of de tgv lijn als onderbreking. Met luid geraas vloog een hoge snelheidstrein langs. Een witte van DB. Wel indrukwekkend als die volle bak voorbij vliegt.

Tot het oog reikt wijnvelden en daar in de velden de beboste heuveltoppen die mij van Epernay, de échte chzmpagnestad scheiden.

En dan begon de klim naar boven. Het bos in. Weer een flink stuk doorheen de bomen.

Veel sporen van gewoel door everzwijnen en pootafdrukken van reeën. Ook de eerste koekoek gehoord. Heel duidelijk. De lente is duidelijk zichtbaar in het bos.

Grote stroken bos waren goed begaanbaar maar dan kwam ik in het bovenste stuk. Vandaag 2 keer geklommen van +100m naar 250m en dat voel je in de benen. In de ruigste stukken komen alleen houthakkers, jagers én everzwijnen. Vooral die laatste zorgen voor kwalijke wegen. De eenzame wandelaar laveert van links naar rechts om een begaanbaar stukje te vinden.

Na het bos kwam een mooi uitzicht op de vallei van Epernay waar boven een immens gebouw is neergezet. Ik vermoed een school, Maar nog in aanbouw. Met zo een zicht zou ok ook wel willen lesgeven. Alleen was de omgeving veel waziger geworden. Komt het door de wolken? Komt hey door het stoken van het snoeihout het en der?

Epernay is echt het centrum. Veel wijnhuizen, aanlevetnedtikven edg. Ik passeerde oa langs een atelier waar champagnekurken worden gemaakt en een drukkerij gespecialiseerd in de metaalachtige sleefs die rond de hals van de flessen hangen. Morgen ga ik Epernay eerst even bezoeken voor de weg verder te zetten.

Etappe 14 : Reims (centrum) – Reims buitenwijk Cormontre 12,5 km (356,0 km)

Vandaag rustdag met bezoek aan kathedraal en stad.

Vanmorgen na het ontbijt terug even naar de kathedraal en de gregoriaanse dienst meegenomen. We zijn toch zondag.

Het museum met de kerkschatten naast de kathedraal wou ik ook nog bezoeken maar dat kon niet. Mocht niet binnen met rugzak (stel je voor dat ik zo’n kelk of schilderij in mijn rugzak meepak) én nog triester, er is geen vestiaire waar je de rugzak kunt achterlaten. (Veiligheid want die zou vol metaal en springstof kunnen zijn).

En zo mocht ik het bezoek dus op mijn buik schrijven. Uit pure frustratie een koffieterrasje gedaan met zicht op de fijn gebeeldhouwde torens. Bijna een stripverhaal op zich.

2 koppels voor mij. Nederlanders. En wat drinken ze? Hoegaarde en Leffe. Ik die dacht dat Reims de stad was van de champagne. Eigenlijk heb in tijdens mijn tocht nog niets gezien van de wijnbouw. Wel winkels natuurlijk. Ik vermoed dat de druiven er morgen zullen aankomen.

Zo saai als de tocht gisteren was, zo gevarieerd was die vandaag. Door de stad trekken is steeds een ontdekking. Zo werd ik plots voorbijgereden door een tram. Op zich niks speciaals. Alleen waren er geen elektriciteitsdraden te zien waar die tram stroom moest aftappen. Nogal een verschil met die rammelbakken in Antwerpen en Gent. Het zicht van de winkelstraat was heel wat mooier. Iets voor de Veldstraat bij de Stroppen.

Nog straffer was een eetgelegenheid waar je kon eten en drinken, (niks speciaals tot daar) maar ook een kat kon adopteren. Kattentherapie. Bij het binnengaan verplicht handjes wassen en gele overschoenen aantrekken.

Ik denk dat je bij ons wat problemen zou hebben met voedselveiligheid?

De weg van de Camino liep dan langs een kanaal. Veel zondags volk. Joggers, fietsers, jonge gezinnen. Tot 3 keer toe werd ik er aangesproken ivm mijn schelp.

En terwijl ik langs het kanaal stapte liep schoondochter Anja haar marathon uit in Parijs! Een dikke proficiat.

Compostelle, c’est par la 2400 km riep een visser. Ook joggers stopten om een babbeltje te doen of te vertellen dat ze ook de tocht of een deel ervan gedaan hadden.

Die vaart was ook het centrum van de roeivereniging. Verschillende 4 mans boten met stuurman of vrouw waren voorbijgevaren en werden opgewacht door volk en een muziekgroepje dat carnavalesk uitgedost vrolijke hoempa deuntjes speelde. Een van de roeiers vond dat ik na Compostela maar moest beginnen roeien.

Tja, waarom niet.

De tocht ging verder en na een zonde in de Kfc (Kentucky Fried Chicken) kwam ik aan in het hotelleke en kon ik kijken naar Paris-roubaix. Kwestie iemand anders te zien die door wind en stof moet ploeteren.

Ondertussen was Anja in Parijs aangekomen na haar meer dan 42km lopen. Super knap. En ze ziet er nog heel fit uit.

Is het geen schatje.

En zo zijn we klaar voor de etappe naar Epernay morgen.