Etappe 47 : Perigeux naar Saint-Astier – 26,5 km (1.191,2km)

Merkwaardige ontmoetingen en een boswandeling

En zo ben ik ’s morgens nog maar pas vertrokken in Perigeux of daar kwam de eerste ontmoeting al. Ik werd geroepen door een man. Of ik de Saint-Jacques deed, waar ik vandaan kwam, dat hij ook gestapt had, dat zijn nazm Jorge was, enz, enz… ik wou verder stappen, mazr hij liet me niet gaan. Ik moest een geschenk aanvaarden van hem en zo kreeg ik het boek dat hij over zijn Camino heeft geschreven en hij schreef er zelf npg een boodschap in voor mij.

Dan ging de tocht de stad uit. Meestal is dat niet de meest boeiende strook van de tocht maar deze keer viel het niet echt tegen. Afwisseling was er wel.

Langs de invalsweg was zelfs een speciale strook voor fietsers en voetgangers.

Een volgende ontmoeting was meer spiritueel van aard met een bezoek aan een abdij, volop in herstel en renovatie. Hierbij wat beelden.

De abdij van Chancelade. Ernaast was een kleine kapel waar ik met mijn rugzak aan bijna niet binnen geraakte.

Na wat rondgekeken te hebben, verder gestapt. Al snel dook de route het bos in met stijgen en dalen. Op het laagste punt vind je vaak een lavoir, een wasplaats en ook hier was dat zo.

De volgende uren werd ik onder gedompeld in het bos. Daar kwam ik de volgende ontmoeting tegen. Ik zag ze niet maar hoorde toen ik juist pauzeerde en aan het eten was. Wat verderop was plots een everzwijn aan het roepen. Niet zo aangenaam als je rustig op een boomstronk aan het eten bent. En zo een ever roept luid! Om eerlijk te zijn voelde ik me niet zo op mijn gemak.

Wat verderop zag ik heel wat sporen van omgewoelde grond op en naast het pad. Iets anders wat ik zag waren onderstaande bloemen die beginnen aan de bloei. Mooi, alleen benieuwd wat het zijn want geen idee.

Tekenen van de Camino vind je op de meest rare plaatsen zoals deze bengelende schelp met “bon chemin” op geschreven midden in het bos.

En na 2 fikse klimwandelingen gevolgd door evenveel afdalingen kwam ik aan in de vallei van l’isle, rivier met jaagpad naast. En wie loopt er naast dat jaagpad? Weer een ontmoeting. Medepelgrim Wu!

Samen wandelden we dan verder langs de rivier, die wel wat vetval heeft. Waterkrachtcentrales (in het witte gebouw) zorgen er voor electrische stroom.

We stappen samen over de dansende brug, waar je voetstappen de brug doen lichtjes bewegen. Vreemd.

En zo komen we samen aan in Saint-Astier, bestemming voor de dag.

Etappe 46 : Borges naar Perigeux – 25,4 km (1.164,7 km)

Mooie groene wandeling naar de stad.

Gisterenavond gegeten in de gite. De uitbater is een man en die leeft alleen want na een scheidingsproces van 3 jaar. We praatten over van alles en nog wat. Hij werkte voor de chambre de commerce, een soort Franse Voka. Het ging over de lokale producten en hoe die geteeld werden. Hij bezat onder andere een wijngaard en maakte wijn én zijn sterke drank. Een stoker had 14 liter drank gestookt (en 6 liter aangegeven aan de fiscus) om te mengen met nieuwe wijn en Pinneau te maken, die we natuurlijk moesten proeven. Voortreffelijk. Ook haalde hij zomertruffels uit de koelkast. Zijn zus had die meegebracht van bij haar thuis. Waren niet zo aromatisch als de wi tervariant maar je kon ze wat versnipperen over pasta vond hij.

Zoals gisteren gemeld is het landschap heel wat meer open dan de vorige dagen. Akkers die pas geploegd zijn. De lucht bleef ook vandaag mooi blauw.

Het was een mooie wandelweg vandaag, althans de eerste 15 km. Mooie wandelpaden in bos of via de weiden. Lekker zacht voor de voetzolen.

Gezelschap kreeg ik van een bekende, zeker als er een stukje weg af te stappen viel.

Muren langs het wandelpad, muren opgetrokken uit kalkblokken en overgroeid met een dikke moslaag en dat kilometerslang. Eigenaardig.

Na een 10-tal kilometer te hebben gewandeld kwam ik aan op een plaats die een bezienswaardigheid is volgens de gids; een unieke waterput. En ja, daar was ie dan en ook de Duitse pelgrim Wu stond er bij. We groetten elkaar hartelijk en dronken samen water. Wel klaagde hij dat de etappes wat lang waren en dat hij heel moe was bij aankomst. Hij wou de lengte van de dagtrips wat verkorten.

Na de lange wandeling door het bos kwam Perigeux stilaan dichterbij. Deze vesting werd aangelegd in 17de eeuw. Nu is het privé-eigendom. Leuk om in te wonen?

En ook vandaag een laatste klim van de dag die flink in de kuiten kroop. Plus dat de meeste automobilisten graag goed doorrijden maalte dit stuk het minst aanename van de dag. Ze razen heel dichtbij voorbij en je hebt weinig speling.

Perigeux heeft een oude geschiedenis en in de stad vind je veel sporen terug van zijn Romeinse geschiedenis zoals deze toren die de rest is van een Romeinse tempel.

Ik had me flink gehaast vandaag om een stukje stad te zien. Mesane is een museum at een Romeinse villa overkoepelt. Het gebouw beschermt eigenlijk de opgegraven restanten. Impressionant en ik ben blij dat ik dit nog kon meepikken.

De schilderingen van de muren zijn nog heel fris en kleurrijk.

Ook de stadsomwallingen staan nog heel prominent in de stad aanwezig. Na het Romeinse deel van mijn bezoek was het de beurt aan de kathedraal om een stempel te halen. Veel recentrr bouwwerk.

Als pelgrim mocht ik zelfs gratis de koorgang binnen, vanwaar je mooi zicht hebt op de dakstructuur.

Stilaan tijd omeen drukke dag af te sluiten met lekker eten. In een pizzarestaurant

Ik had apperitiefje kirr besteld, maar de patron vond dat degene die ik gekregen had er wat bleekjes uitzag en bracht me dan maar een andere om te vergelijken.

Objectief onderzoek kwam tot de conclusie dat de donkerste de lekkerste is 😉

Gezondheid!

Etappe 45 – Thiviers naar Borges – 23,4 km – (1.139,3 km)

Een Englishman in … Thiviers

Hotel de France et de Russie, zo heet het hotel waar ik overnachtte. Wel gesloten op maandag, maar voor pelgrims deed de patron wel open en ik kreeg ook een pelgrimsmenu. Die patron sprak eigenlijk English. Tijdens het eten aan de babbel geslagen en bleek hij na een carriere van 40 jaar supermarktdirecteur bij Waitrose in Uk samen met zijn vrouw 3 jaar geleden dit hotel te zijn opgestart.

Ze baten het nu samen uit, nu de 4 kinderen over de wereld zijn uitgezworven. Ze doen het met hart en ziel samen met een stukje British flair. Nice!

Koekoekendag

Vandaag veranderde het landschap terug. De weiden maakten plaats voor akkers met leem en blokken krijt.

En de ganse dag koekoeken. Net alsof je zo een koekoeksklok bij je hebt. Hun geroep was omzeggens nooit uit de lucht.

Af en toe schoof het landschap open met mooie vergezichten. De hoogtes en laagtes echter waren veel minder uitgesproken dan de vorige dagen. En blauwe luchten, doorspekt met flinke wolkenpartijen. Schitterend wandelweer kortom.

En zo ben ik de Perigord in gestapt. Morgen is Perigeux op het programma. Dit is de streek van foie gras, truffels en noten. De eerste ganzenboerderij voorbij gestapt met weinig beweging en veel ganzen. De meeste dieren zitten gewoon op de grond naast de voederbak en eten.

En dan kwam de route op de voie de Napoleon. Ik weet niet of hij er zelf over heeft gewandeld, of dat hij opdracht gaf ze aan te leggen, zeker is dat de weg dubbel zo breed is als de gewone wegen hier.

Af en toe staan er kruisen langs de weg. De meeste zijn uitgehouwen uit steen, sommige zijn in gietijzer. Dit exemplaar is zwart geverd en iemand had er een rozenkrans aan gehangen.

Zoals gezegd is dit ook de streek van okkernoten. Veel aangeplante stroken gezien van die laat bloeiende bomen. Ze staan er nog heel winters bij.

Eigenlijk slechts één dropje gezien onderweg. Negrondes en dat was zo dood als een pier. Om 13u, toen ik langsstapte was ook de bakker dicht. Wel onderstaand nieuw verkeersbord leren kennen daar.

En zo eindigde de tocht vandaag in Sorges, dorpje langs de N21, met een mooi kerkje in een fraai landschap.

In de gites waar ik overnacht is er zelfs geen gsm-dekking, maar gelukkig is er wel wifi! Tot morgen en dank voor het lezen.

Etappe 44 : La Coquille – Thiviers – 21,9 km – (1.115,9 km)

Een nieuwe boeiende ontmoeting.

Heel goed geslapen vannacht. Misschien zitten de vele kilometers van gisteren er voor iets tussen. Ingepakt, ontbeten, blauwe lucht en weer op weg. De gite achterlatend.

Het was er heel rustig. Nu in La Coquille is hey heel rustig buiten langs de route nationale die door het dorp loopt. Nog even de kerk bezocht en vertrokke voor een korte rechtlijnige etappe.

Eerst ging de weg over in een grindweg, zakkend naar een dal. Daar beneden lag een oude vervallen watermolen aan een vliedend beekje.

Geen levende ziel te bespeuren en dat zou zo de ganse voormiddag blijven. Niks dan natuur, een afwisseling van weiden en bossen, zonder huis, zonder een levende ziel.

Wel mooi, rustig en soms avontuurlijk met wat modderige strookjes, maar al bij al heel goed begaanbaar. We hebben erger meegemaakt vorig jaar in de Ardennen.

Rond de middag even uitgebreid halt gehouden om wat te pauzeren. Etappe van beperkte afstand en geen tijdsdruk. Met dank aan de gele plastiek zak van Gamemania ideale zitplaats.

De weg liep 10 km rechtdoor om dan naar een riviertje te zakken en een bruggetje erover.

Aan de overzijde van het bruggetje zag ik plots 2 mensen. 3 rugzakken ook. Eén van beide herkende ik als Wu, die ik de dag ervoor had zien vertrekken. De andere pelgrim was een jonge blonde vrouw die aanstalten maakte om te vertrekken. Ik begroette Wu en zei dag aan de vrouw. Zij vroeg of ze mee mocht stappen. Wu was bmijkbaar juist aan pauze toe. En zo ging de tocht verder, maar in het gezelschap van Anna. Een Nederlandse, gehuwd met Spaanse echtgenoot en gestart begin maart in het Nederlandse Sittard. Ze woonde in Schotland en Spanje en vooraleer aan kinderen te beginnen wilde ze nog de Camino srappen, in één ruk tot Compostella. Ze hoopte einde mei er te geraken want dan zou ze vertrekken met haar man naar Azie. Haar echtgenoot vertrok nu naar Chili voor een maandenlange tocht daar. We vertelden elkaar onze verhalen. Het was leuk en gezellig. Even samen op de foto.

Anna hield er wel een stevige tred op na. Gisteten had ze 42 km gestapt, maar dat was toch wat uit de comfortzone vond ze. Ze pikkelde flink vooruit en bergop moest ik al flink doorstappen om haar bij te houden. Zo kwam de eindbestemming in zicht. Anna wou nog wat beelden schieten en dus fotografeerde ik de fotograaf.

Aangekomen in het centrum dronken we samen een koffie in de bar op het marktplein e daarna namen we afscheid. Ze ging naar de camping en zou morgen een wandeling van een 35 km stappen, iets meer dan wat ik van plan ben. Straffe meid.

Etappe 43 : Flavignac – La Coquille – 34,7 km – (1.094,0 km)

Het was een minder goede nacht. Mijn kamergenoot Wu ronkte soms als een vliegtuig met het gevolg dat ik niet zoveel uurtjes slaap heb gehad. Pas was ik goed ingslapen of hij stond rond 6u op om in te pakken en te ontbijten. Hij vertrok rond 7u15, toen ik aanstalten maakte op te staan. Het zou een lange wandeling worden vandaag.

De lucht was blauw en een lichte mist lag in de lagere delen van het landschap. Deze mooie alleenstaande boom zwaaide me uit in Flavignac.

Het landschap was golvend en open. Veel groen. Maar dat blijft nooit lang want plots gaat de Camino naar een rivier in een dal en na een brug gaat de tocht terug naar boven. Vaak via een al dan niet kronkelend bospaadje.

Les Cars en dan Chalus waren de dorpjes van de dag. Het 2de duidelijk de grootste van beide. Even gestopt om er een koffie en een stuk “gateaux de Corse” te smullen.

Maar dat was het midden van de dag en amper een derde van de tocht vandaag. De wandeling trok zich terug op gang.

Nog een laatste blik op de donjon en het stadje wandelde ik terug naar boven, naar de velden en vooral de uitgestrekte weiden waar er terig wat bruine koeien vetschenen. De kleur van de weiden was wel opvallend.

De gele paardebloemen maakten door hun grote aantal er een groen/geel tapijt van. Ik vond het alleszinds heel mooi. Het vervelende van zo alleen te stappen is dat je je indrukken niet kunt delen. En indrukken, die krijg je de ganse dag door. Dus als er kandidaten zijn om mee te stappen, steeds welkom!

Over indrukken gesproken. Onderstaande beeldje getrokken onderweg. Heel vredelievend.

Wat met echter opviel was dat alle ooien (=vrouwelijke schapen) gekleurd waren met rode verf. Ook een aantal lammeren kleurden groen. Maar een aantal van die lammetjes waren rood gekleurd zoals dat op de voorgrond. En na wat scherp toekijken viel het me op dat het bijna allemaal jonge bokjes waren. Zou het lamskroontje met Pasen er voor iets tussen zitten?

De route volgde dan een stukje een spoorlijn. Met heel wat geraas in deze stille omgeving denderde er plots een dieselstel van de SNCF voorbij. De conducteur toeterde vriendelijk toen hij me zag de foto maken.

De tocht leek niet te willen ophouden. La Coquille kwam maar niet in zicht. En als je eenmaal 30 km in de benen hebt en er verschijnt een nieuwe stevige kuitenbijter als helling voor je, dan sakker je wel wat.

Maar uiteindelijk geraak je wél op bestemming. Een gite die nog wat verderop lag en waar ik juist aankwam toen het begon te druppelen. Weer geluk met het weer gehad vandaag! De Thomas More collega’s en studenten die de Camino stappen in Spanje in de buurt van Compostella hebben blijkbaar meer water die uit de lucht valt. Buen Camino en sterkte.

Etappe 42 : Limoges naar Flavignac – 31,1 km (1.059,3 km)

Zoals verwacht een lange wandeling om de stad Limoges te verlaten. ‘sMorgens goot het water. Dus haastte ik me niet om te vertrekken. Gelukkig stopte het met regenen en vertrok ik droog. Wat echt opviel waren de veel gekleurde mensen in de stad. Zeker in het centrum. Ik vermoed dat de blanke bevolking in de mooiere buitenwijken woont.

Wat wel opviel in de stad was de versmarkt díe momenteel verbouwd wordt. Het gebouw achter is de oude versmarkt in verbouwing, de huidige markt gaat door in de witte tent op de voorgrond.Na de vele kilometers om de stad te verlaten kwam ik iets nieuws tegen. Een voetpad naast de weg. Wat een luxe om niet constantte moeten opletten voor aanstormende tegenliggers.

Aixe-sur-Vienne was het eerste stadje van betekenis. Belangrijk wegens oversteekplaats over de Vienne.

Daarna ging de tocht weer omhoog uit het dal en langs een kabbelend beekje met verschillende watermolens (niet meer werkend).

Na een regenloze dag kwamen de wolken terug opzetten zoals je ziet boven het kasteel van La Judie.

En toen ik in Flavignac aankwam was het zacht aan het druppelen.Vannacht overnacht ik in de gemeentelijke gite. Daar kwam ik mijn eerste pelgrim tegen. Wu, 72 jaar, van Mongoolse origine op weg vanuit Koningsbergen Duitsland. Wil het ganse stuk naar Santiago in één keer afleggen. We zijn samen gaan eten en hij vertelde dat hij en zijn vrouw thee verkopen, zij in Keulen en hij in Koningsbergen.

Etappe 41 : St-Leonard naar Limoges – 26,2 km (1.028,2km)

Een speciale ontmoeting

Een etappe die het moest hebben van het begin en het einde. Tussenin een wandeling zonder veel afwisseling, buiten het stijgen en dalen. Ik denk dat er geen 5 meter vlak ligt hier.

Sint-Leonard ligt in een dal. Dus de rivier eerst over via een mooi oud bruggetje. De spoorwegbrug mag ook gezien worden.

En dan het riviertje over doorheen een schattig dorpje

Na de brug liep de route nog even langs het water tot bij een mooi watermolencomplex. Ik denk dat er minstens 3 watermolens in de gebouwen zijn verwerkt.

Wat volgt er na een afdaling naar een brug en water? Inderdaad, een klauterpartij. Deze startte naast een fabriekje voor tegels uit, jawel, Limoges.

Na het geklauter volgde dan een 20 km lange eentonige tocht. Gelukkig zat er hier en daar iets leuks zoals deze auto die blijkbaar al even niet gereden heeft.

Of wat verderop een wei waar ik moest denken aan wat ik ooit aan mijn enige broer zei: zie je broertje staat in de wei…

Wat je wel hebt in Frankrijk is dat het oude erfgoed om de hoek kan liggen. Zoals deze oude kerk die nu bewoond wordt, maar jammerlijk genoeg niet goed onderhouden.

En zo kwam ik na een 15 kilometer wandelen aan in de stad Limoges. Aankomen in steden is nooit leuk omdat je vaak via een drukke invalsweg moet om in het centrum te geraken. En daar zijn voetpaden eerder schaars. Niet leuk als er dan 40-tonners naast je voorbij denderen.

Gelukkig liep de weg dan via een stadswijk verder naar beneden, naar de Vienne en de oude brug waar ik over heen moest. Juist voor ik die brug overstapte werd ik aangesproken door een heer die uit een bar kwam.

Of ik pelgrim was, of ik de Camino stapte? Omdat ik bevestigd antwoordde wees hij naar de bar en zei dat het lokale jacobusgezelschap samen zat op vrijdagnamiddag. Wat een toeval. Ik stapte binnen voor een koffie en maakte kennis met de groep personen die de route bewegwijzert. Met open armen werd ik ontvangen.

Ze hoorden mij uot over mijn ervaring tijdens de wandeling en vroegen naar waar de route aanduiding beter kon. Een plaatsje kon ik aanduiden. De stempels werden in mijn credentialboekje gezet en als aandenken kreeg ik nog een aanduidingssticker. Leuk.

Van de barman kreeg ik nog een porseleinen schelpje mee als aandenken.

En zo kon ik de brug over naar de kathedraal van Vezelay.

Nog wat klauteren en ik was op bestemming bij dit gotische bouwwerk dat ik dan even bezocht. Toch eens een selfie.

Slapen doe ik in de buurt van het grote stationsgebouw in Limoges. Indrukwekkende constructie.

Andere opvallende verschijning in de stad zijn de bussen. Geen stinkende dieselmotoren maar electrisch… trolleybussen.

Tot morgen.

Etappe 40 : Les Billanges naar St-Leonard – 23,0 km (1028,2km)

Koud!Brr, het was fris deze morgen. Een paar graden boven vriespunt, maar gelukkig droog. Iets voor negen de hoeve verlaten en langs de weg gestapt tot het dorpje Les Billanges. De foto van de kerktoren geeft aan hoe het dorp er uit ziet… verkommerd en leeggelopen.

De route slingerde naar beneden, naar een stuwmeer en de Pont du Dognon. Daar over het meer en meteen naar boven langsheen een bospad. De brug was wel herkenbaar

Het vervelende in deze heuvelachtige streek is dat je na een brug, rivier of beek terug omhoog mag klauteren. Ook is bij de oversteek vaak een kruising van wegen. Dus belangrijk dat je daar goed uitkijkt en de juiste route kiest anders is het een stuk of wat kilometers extra

Het leuke van het eerste deel van de wandeling vandaag was dat die door boslandschap liep en dus waren er veel eekhoorns te zien. Na de brug ging het over een bospad naar boven en daar trok de omgeving wat open.

De Camino zelf is wel vrij hoe aangeduid met blauw gele pijlen. Soms staan ze van ver te blinken.

Maar eenmaal boven kwam er wat verandering in het landschap en de omgeving. Minder bruine koeien, kleinere weiden én schapen met lammetjes. Pasen nadert.

Tenslotte eindigt de wandeling, na langsheen een 3-tal watermolens te gaan, in Saint-Leonard de Noblat.

Weer een pelgrimsoord. Leonard was Frankisch krijger die Clovis als Peter had. Hij bezocht zieken en gevangenen. Die laatsten mocht hij zelfs, als hij dat nodig vond, vrij laten van de koning. Hij is begraven in de kerk hier. Daar hangt zelfs een lijst met het aantal kerken met zijn naam in Europa. Boven zijn graf hangen handboeien om zijn werk naar de gevangenen toe te gedenken.

De witte dingetjes die je ziet boven de tombe hangen zijn babysokjes. Sint Leonard wordt ook aanroepen door vrouwe om zwanger te geraken als dit niet zo vlot lukt. En neen… Ik heb geen sokjes meegebracht.

Morgen Limoges in het vizier.

Etappe 38: La Souterraine – Marsac – 30,0km (981,7km)

Een leuk weerzien

Vandaag gaat de tocht naar Marsac, meer bepaald naar Coucouche Panier, een gite die door een jong oud, Christine en Patrick, Belgisch koppel werd geopend. Patrick had me 2 jaar geleden uitgenodigd tijdens grote zoekactie met archeologen in de buurt van Vilvoorde. En belofte maakt schuld, maar ik was heel blij hem terug te zien.

De tocht vandaag startte langsheen een departementale die zich door het landschap slingerde.

Maar eerst was er nog La Souterraine. Oud ingeslapen stadje gebouwd rond de kerktoren. Die toren wordt gerestaureerd en als je goed kijkt zie je 2 kerels hoog tussen de buizen wandelen. Brrr. Geen job voor mij.

Het was eigenlijk vrij saai langs die weg. Ook nogal wat auto’s die voorbij vlogen en dat op een smalle weg. Vervelend.

Er veranderde wel iets na de middag. Het weer. Donkere wolken komen aanzetten en de wind is duidelijker aanwezig. Ook kouder. Het pellen van de laagjes textiel vandaag bleef achterwege. Gelukkig is het toch droog gebleven buiten een paar waarschuwingsdruppels juist voor de aankomst.

Wat een pelgrim altijd een plezier doet is een bankje om te zitten of een dak boven het hoofd zoals op de foto hierboven. Niet talrijk onderweg maar heel welkom. Met een 20 km in de benen doet het deugd even te kunnen zitten, schoenen en sokken uit en wat te eten en drinken. Nu was het een klein speeltuintje aan het water te Chamborand. Dank aan de adjointe maire voor het initiatief.

De Camino bleef een stijgende afwisseling van grote weiden en bossen. De weg zelf was vrij rustig maar het bleef uitkijken voor auto’s díe langsrijden. In het bos juist voor Benevent l”abbaye piepten lichten door de bomen en was er een machine aan het grommen. Deze klaarde het bos uit door alle niet geplante bomen weg te zagen. Alles in een beweging. De arm slingert omknelt eerst de basis van de boom en zaagt die door. Vervolgens wordt de boom ontdaan van alle takken en in stukken gesneden. Wat een snelheid.

Aankomst in Benevent. Dit dorpje zag er echt uitgestorven uit. Veel verlaten huizen en gesloten winkels. Er wordt aan de kerk gewerkt en gerestaureerd.

Aangenaam is wel dat de kerken hier open zijn en je als pelgrim welkom bent binnen te stappen. Er ligt ook steeds een schrift waarin je een woordje kan schrijven. Zo zie je ook wie je voorgaat op Camino. Gisteren passeerde een Duitse pelgrim collega.

Bij het buitenstappen van Benevent onderstaand bordje zien prijken.

Er is nog een paar kilometer te stappen…

De laatste kilometers gingen weer door bos en wei langs een heel rustig pad met aankomst in Marsac.

En zeker weten dat het terugzien heel aangenaam was!

Als avondmaal had Patrick lekkere Boeuf bourguinon gemaakt van Limousin. Om vingers af te likken. Een aanrader. Bedankt Christine en Patrick voor de gastvrijheid!

Etappe 35 : Châteauroux – Saint-Marcel – 34,6 km (887,6 km)

De kop is er af!

Onder een stralende zon vertrokken deze morgen en die zon zou de ganse dag mij vergezellen. Het voelde eigenlijk meer als meimaand aan, dan eind maart! De narcissen en de hyacinten in het bos zijn uitgebloeid en langs de weiden bloeit de meidoorn.

Vandaag was de caminotocht zoals vaak in 2 delen opgesplitst: eerst een tocht door het bos en vervolgens ging het verder door een heel gevarieerd landschap.

Een lange rechte lijn doorheen bossen. Zo een 14 kilometer lang. Zoals gemeld zijn enkel de bladeren van de narcissen aanwezig. De bloemen zijn er jammer genoeg niet meer.

Na de middag ging het landschap over in een mengvorm van velden en bosjes. Ideaal voor hertjes en ja hoor, plots sprongen er 3 de weg over.

Het is me zelfs gelukt een foto te maken. Natuurlijk waren ze snel weg.

Ander opvallend feit. Veel lege boerderijen. Vaak ook toegankelijk. Eigenlijk zou je er kunnen overnachten mocht je een slaapzak meebrengen. Maar ik zou niet willen weten welke wezens mee komen slapen…

Veel waterplasjes verderop. Met hier en daar mooie gebouwen erbij. Leven als God in Frankrijk.

Uiteindelijk ging de tocht verder tot in Saint-Marcel, een stadje langsheen de rivier de Creuze. Morgen gaat de tocht eerst langs die Creuze.

Tot dan.