Etappe 24: Mailly-la-ville naar Vaudonjon Montillot – 25,6 km – (599,0km)

Vanmorgen startte onder een blauwe hemel en dat zou zo blijven buiten hier en daar een plukje wolk die voorbijgleed. De dag begon met een kort stukje kanaal en Yonne, naar de route terug.

En dat was het laatste water dat ik zag Vandaag, buiten dat van de drinkfles en de douche. De weg klauterde snel naar boven. Heel de dag zou het langzaam naar boven gaan. Ook hier Romeinse heirbaan maar verre van recht en saai.

Eerst nog met een laagje macadam over maar verderop werd het echt Romeins. En onderhoud was beperkt geweest de laatste 2000 jaar. Gelukkig was het droog. Dus het ritme lag goed.

Op zo een open weg was het snel nodig wat kledinglaagjes uit te doen. Maar toch niet te veel want al snel ging de weg over in bos en daar lag de temperatuur wat lager.

Na de stroken door het bos volgde weer stukken wandelweg door jet veld. Het was tijdens zo een stuk dat ik plots iets vreemds tussen de straatstenen zag. Met behulp van mijn zakmes kon ik het lospeuteren. Een stuk fossiel denk ik.

En de weg zelf zag er zo uit. Vreemd dat dat daar lag. Maar dit is Frankrijk en hier kan dat.

Wanneer jet mooie warm is en het middag is geweest, dan heeft de pelgrim niet veel nodig om zijn picknick te verorberen. Een bankje, schaduw en mooi uitzicht.

Na de croissant ging de to ht verder met wat dalen en veel klimmen. Afwisselend door bos en velden met vooral gerst en uitgebloeid koolzaad.

Hier en daar zijn er verwijzingen naar Compostela gangers. Een bank met een papier op dat je uitgenodigd wordt om te gaan zitten om wat uit te rusten. Car la route est encore longue. Of een kraan waar je drinkbaar water mag nemen, ook voorzien van de schelp. En dan komt het moment dat je in de verte de torens ziet van Vezelay.

Tweede bestemming na Reims. Maar eerst zakt de Camino vooraleer de klim richting de kerk gaat.

Maar eerst overnacht ik in b&b les coquelicots, opengehouden door jonge mensen uit Kontich. Ik werd in het Nederlands ontvangen. Goed slapen voor de klim van morgen.

Etappe 22 : Naar en in Auxerre centrum – 8 en 4 km. – (544,4 km)

Oei. De gids meldt dat de musea op maandag en dinsdag gesloten zijn. Ik hoop toch iets te vinden in Auxerre om wat cultuur te kunnen tonen na al die natuur van de voorbije dagen.

De temperaturen zijn vannacht flink gezakt. Het is amper 10 graden als ik het hotel verlaat. En de wolken die voorbij zoeven zijn zo grijs dat er wel nattigheid van moet komen. Ik ga eerst van het hotel terug naar de Compostella route en dan naar Auxerre. Afstand is beperkt vandaag.

Eerst nog wat platteland met akkers en weiden en een laatste dorpje.

De stad Auxerre is ongeveer de grootte van Mechelen. Vooral gekend voor zijn voetbalploeg. Nu je van Mechelen niet zeggen dit jaar. Auxerre is ook niet meer in zo’n goede doen schijnt het. Via de uitdeinende stadswijken daalt de Camino naar het stadscentrum.

Mijn poncho had ik ondertussen aan want het was kil en nat. De weg daalde af tussen de huizen met hier en daar wat winkels en handelszaken. Zelfs een vioolbouwer gezien. Veel was er wel niet open op deze 30 april, vooravond van 1 mei.

Het stadscentrum is vrij beperkt qua oppervlakte. Veel kleine smalle straatjes en nog veel huisjes in plak en stak. De tour de l’horloge moet wat opgelapt worden. Iemand is met de wijzers gaan lopen.

Verderop ging de tocht tot bij de kathedraal. Het office du toerisme was gesloten op maandag. Hopelijk kon ik dan maar een stempel krijgen in de kathedraal?

Maar in de kathedraal was er niemand. Het onthaal én de toegang tot de crypte was pas open op woensdag tot en met zondag. Dus weer pech. Uit pure frustratie dan maar deze selfie pm te bewijzen dat ik er wel geweest ben.

Wel zag ik bij het buitengaan van de kathedraal dat de pastorij er juist naast lag. Maar die was pas open om 14u. Dan maar eerst een sandwich ementhal jambon gaan eten. De patron had wel een originele manier gevonden om speciale Belgische bieren te tappen. 3 perfect drafts stonden naast elkaar voor Leffe, Hoegaerden enz.

Om 14u dan toch de stempel gekregen. Zie hoe mooi.

Wat verderop zag ik een rugzak met schelp! De 2 Fransen die ik gisteren even had ontmoet waren ook toegekomen. Even dag gezegd en hen verteld dat ze de stempel voor hun boekje in de pastorij moesten halen. Daar trokken ze meteen naar toe. In de stad nog wat rondgekeken en toch huizen zien staan die de wetten van de fysica aan hun hiel lappen.

Neen. Geen trucage. Dat huis staat echt zo krom. Verderop nog een poging gedaan om het museum te bezoeken. Museum was dicht. Ik kon wel klooster enz bezoeken met de rugzak op de rug want vestiaire was er niet. En eerst moest ik de rugzak laten doorzoeken. Uit veiligheidsmaatregelen. Ik heb bedankt want ik had geen zin om alles uit en in te pakken. Na het spotten van een chocolade winkeltje met lekkere pralines naar het maisons des randoneurs voor inchecken.

Smakelijk.

Etappe 20 : Paron naar Joigny – 35,2 km – (500,7 km)

De hoofdpersonage vandaag is de rivier de Yonne. Het grootste deel van de dag werd ik begeleid door de rivier. Maar eerst werd ik heel hartelijk uitgeleide gedaan door mijn gastheer en vrouw. Ze trokken zelfs hun stapschoenen aan om een stukje mee te stappen.

Michel boerde jaren en kent alle weggetjes als zijn broekzak. Hij is het die me aanraadde waar ik onderstaande vergezicht van de Yonne kon trekken.

De weg is hier wel heel wat mooier dan in de streek van Reims! Glooiende heuvels met bloeiend koolzaad. Her en der bossen op die heuveltoppen. Daar doorheen gooit de goed onderhouden aarde weg. Plots sprong er zelfs een ree 3 meter voor mij uit het kreupelhout pal op de weg. En even sierlijk sprong het dan terug het bos in. Je verschiet wel even want nogal onverwacht die ontmoeting!

Het eerste dorpje heet Gron. Klein en landelijk met kabbelend beekje in de tuin. Echt zo een beekje dat je wil meenemen om ook in je tuin te leggen.

Na Gron volgt een tocht door veld en bos. En na een paar kilometer in het glooiende landschap daalt de weg naar de rivier die we voor de rest van de dag volgen.

Na een flinke wandeling op het jaagpad langs de meanderende rivier tussen de velden en bossen komt de Camino aan in Villeneuve sur Yonne.

Omdat het middag was ging ik even zitten in een bar om een koffie te drinken. Dat deed deugd zo een koffie op een terrasje. Toen ik klaar was en aanstalten maakte om te vertrekken klonk een stem uit het cafee. Moet ik geen stempel in je boek zetten vraagt een in het zwart gekleed mannetje terwijl hij zijn glaasje likeur in een keer naar binnen kapt. “Graag” zeg ik. “Een pastoor moet ook al eens een glaasje drinken, he!” Zegt hij. “Met miswijn op zondag alleen ga ik niet ver geraken” zegt hij terwijl hij een dikke bundel sleutels mee gritst en naar buiten komt. Hij troont me mee aar de kerk alsof ik oorlogsbuit was. In de sacristie werd dan een stempel bij gedrukt in het pelgrimboekje.

En dan ging de weg verder langs het jaagpad van de Yonne. Af en toe had ik het gezelschap van een Zwitserse plezierboot die mij inhaalde. Maar wat verderop haalde ik die weer in wanneer de boot verrast werd. Er is wel wat verval op de rivier. Dus hier en daar stuwinstalaties om de Yonne bevaarbaar te houden.

Pleziervaart is er wel. Mooie boten ook. Iets breder dan de narrowboats in UK maar af en toe wel een kleurrijk exemplaar.

Doordat het verval hoger werd stroomopwaarts werd een kanaal naast de rivier gegraven voor de boten. Een vertrouwd gezicht voor Vlaanderen die vaart met bomen. Wel geen wielertoeristen hier want pad is van aarde. Slechts een paar vtt rijders.

En zo stappen na een dikke 33 km kwam Joigny in zicht. Wat in de hoogte. Volgens de gids wat vergane glorie. En dat klopte wel.

Ik bezocht nog even 2 van de 3 kerken. Restauratie van de stukken is voorzichtig aangevat. Ook huizen allerhande vind je er.

Zie zo. Aangekomen. Beentjes wat laten rusten nu.

Etappe 19 : Terug naar Bourgogne – via Parijs – 17,2 km gewandeld in Parijs en in Sens – (465,5 km)

Al een paar dagen loop ik er zenuwachtig bij. Het vervolg van de Camino nadert. Omdat ik nog werk moet ik de camino in stukjes wandelen. Na 3 weken start ik terug in de buurt van waar ik aangekomen ben. Dus zit ik nu in de trein naar Parijs. Bedoeling is om daar het stukje camino te stappen vanuit station Paris bord via de Notre Dame en de tour St- Jacques.

Dat is het startpunt van de Camino sensinonis die Parijs verbindt met Vezelay, mijn bestemming deze maal. Daar stap ik naar het station gare de Lyon om vervolgens de trein te nemen naar Sens. Vandaar start dan de echte staptocht. In Sens ga ik langs bij familie die in Paron woont. Dat dorpje ligt aan de Camino en ik kon moeilijk hun gastvrijheid weigeren.😁

De confrontatie met de drukke stad als je aan het stappen bent met je rugzak is wat vreemd. Vreemd om de schelpaanduiding te moeten zoeken in stadsomgeving.

Wel valt het op dat Parijs verandert. Er zijn al wat fietspaden! Vooral gebruikt door foetskoeriers. Als voetganger kan je ook door hen omver gereden worden nu. Ik vond dat de auto duidelijk plaats moet maken.

De lage wegen naast de Seine zijn autovrij en ingenomen door de wandelaars. Mijn wandeling vandaag startte in de Gat du Nord. Van daar uit naar de Seine via het Palais du Louvre en even Notre Dame binnen om een stempel.

Ik had geluk. Amper file! Toen ik buiten kwam stond er een lange rij aan te schuiven. Zoals in Reims mocht ok gerust langs de veiligheid met mijn rugzak. De schelp opent deuren in de kerken.

Aan de overzijde van de Seine staat de Tour St Jacques en daar begint de tocht. Die loopt eerst langs de rivier met de typische boekenkasten.

Dan verderop over een passerelle bij de jachthaven aan de Seine en verderop langs het station gare de Lyon. Daar vertrekken de lijnen naar Sens. Maar ik moest nog wat verder want de trein die ik wou nemen vertrok in gare de Bercy. Was vroeger het station waar de nachttreinen met auto richting le midi trokken. De komst van de tgv maakte die nachttreinen overbodig. Op het perron werd ik aangesproken door een oudere heer. Compostelle? Hij was ook gegaan in 2 grote stapbeurten. Formidable, Ine experience unique. Facile à reconnaitre avec le coquillage.

De treinrit duurde een uur met een half uur vertraging.

Aangekomen in Sens stapte ik eerst richting stadscentrum naar één van de oudste gotische kathedralen van Frankrijk. En weer verrassing. De kerk is volledig opgelapt inclusief de mooie veelkleurige dakbedekking typisch voor Bourgogne.

Na mijn kwam ik via een andere deur buiten en kwam meteen terecht in een officiële inhuldiging van de eerste onbemande shuttle die de parking buiten de stad zal verbinden met het centrum. Veel schoon volk. Burgemeester pastoor depute enz..

Wel stond verderop een politie bestelwagen dwars over de winkelstraat. Waren er bang dat de shuttle niet tijdig zou stoppen en in de Yonne rijden?

Vanuit Sens stapte ik terug langs de Camino naar Paron. Eigenlijk niet heel slim want die Camino trekt over een heuvel daar waar de weg vrij vlak de rivier volgt. Het werd een stevige klim. Boven was er als beloning het vergezicht over de vallei.

En na een even steile afdaling kwam ik dan aan in Paron, waar ik met open armen werd ontvangen en waar na het eten van eelfgemaakte everzwijnen terrine er nog een pak andere familieleden dag kwamen zeggen. Een super gezellige avond en meteen de reden waarom de blog wat achterloopt.

Etappe 18 : Baye naar Sezanne 20,9 km – (448,3 km)

De Camino starte vanmorgen langsheen de oude spoorberm. Wat wel enorm opvalt na deze dikke 2 weken is dat de bomen aan het ontploffen zijn gegaan. Overal zie je jong groen in de bomen. Het pad ging over landwegen vandaag en een paar stroken langs departementales die niet te druk waren. Dat kan anders wel tegenvallen en als eer een wagen je kruist aan een flinke 90 km per uur, dan is dat wel indrukwekkend. Bij vrachtwagens wordt je bijna omver geblazen.

slak

De eerste ‘gast’ die ik tegenkwam vandaag was een culinaire gast. In Frankrijk eten ze bijna elk beest op en nu ik de Bourgonië nader kruis ik toevallig deze locale delicatesse. Looksaus had ik niet bij en een stuk stokbrood ook niet – daarenboven is het voortplantingsseizoen en dan laat je de beesten gerust. Dus liet ik die wijngaardslak maar lopen. Nu ja, lopen!

Le Talus Saint-Prix. Daar staat dit Romaans kerkje. Je ziet zo dat dit toch al een aantal jaar daar staat te staan. Zou van rond 12de eeuw daar gebouwd zijn. Wel zag ik meer en meer borden verschijnen bij de monument. Vaak hebben ze een rol gehad in de Slag van de Marne, waarbij generaal Joffre de Duitsers in 1914 een halt toe riep bij hun invasie in Frankrijk. Hier zie je zoals in de streek van Ieper al meer en meer restanten van de grote oorlog.

romaans kerkje

Wat verderop nog sporen van die Grote oorlog. Een ossuaire. Een knekelgraf of massa graf waar een groep soldaten samen begraven zijn. Het is pas in 1915 dat de Franse staat de individuele begraafplaatsen van soldaten zal invoeren. Daarvoor vind je meestal massagraven van de gevallen militairen, zoals hier. Ook van vroegere oorlogen kom je nog zo’n sporen tegen.

necropole

Het is niet altijd evident om de juiste weg te vinden. De Camino symbolen durven nogal eens verschillen en bevinden zich soms op niet evidente plaatsen.

Leven als God in Frankrijk. Zou dit zo iets zijn zoals in dit kasteel?

De kalkbodem in de champagne streek is zo lek als een zeef en vol grotten en gaten. Betekent ook dat het water dat erop regent zijn weg zoekt en dat er heel wat bronnen zijn. Hier liggen er 3 naast één.

Het gevolg van die vele bronnen is dat je in ongeveer elk dorp daar er nog een Lavoir staat. Een gebouwtje opgetrokken rond een brom of beekje waar mensen gezamenlijk de was deden. Dat zal wel een belangrijke sociale functie hebben gehad.

De dag was gestart onder zonneschijn. Maar rond de middag kwamen de wolken en wat later gingen de sluizen open. Meteen alles kloddernat en de wegjes werden opnieuw moddersloten. Daar was het ploeteren opnieuw.

Het was net of de natuur me eraan wilde laten herinneren dat ik asap verder moet doen met die Camino. Want in Sezanne moet ik even stoppen. Camino on hold voor 2 weken en dan op naar Vezelay. Glibberend trok ik verder onder de pijpenstelen totdat in de verte de torens van de stad zichtbaar waren.

En inderdaad. De druiven waren terug geleerd. Ook hier champagne wijngaarden. In de kerk heb ik een kaarsje gebrand als dank voor de prima afloop van deel 1. Dan heb ik me ook omgekleed want ik zat onder de modder en ben dan nog een stempel laten plaatsen in het parochiaal centrum. Zie zo. Klaar voor het vervolg over een kleine 2 weken.

Etappe 16 : Epernay naar Montmort-lucy 28,1 km – (410,4km)

Wakker onder blauwe hemel deze morgen. Prima wandelweer. Eerst naar Epernay centrum gestapt met volle rugzak. Vol met drank en met kleren. De temperatuur blijft aangenaam en dus geen jas of lange onderbroek. En extra drinkwater mee.

De eerste halte was de kerk met de hoop een stempel te halen. Is dan toch maar toerisme kantoor geworden want in de kerk was geen levende ziel te bespeuren.

Onderweg naar het centrum over de bruggen van de Marne gestapt. Ik had gezelschap van nog iemand met een rugzak daar beneden.

De Marne is ook een rivier met gevoelige geschiedenis in Frankrijk. Speelde een rol in elke oorlog. Juist aan de brug staat een grote mijlpaal van de Voie de la liberte. Vanop de Marne brug valt een grote toren op. Is nu een plaats waar het verhaal over de champagne wordt verteld en getoond. Indrukwekkende toren wel.

Voor echte pelgrims is de stad niet interessant. Achteraf gezien zou ik beter meteen naar Moussy zijn gestapt. Daar is meer champagne te beleven. Onderweg toch wat gebabbeld met wijnboer.

Die vertelde me dat ze nu na het snoeien, de struiken aan het binden zijn. On liet la vigne. Dat doet ie gezeten op zijn karretje met een speciaal instrumentje dat een draadje rond de stengel en de draagdraad draait, vastzet en afsnijdt.

De voormiddagtocht liep verder door de wijngaarden van beroemde en minder beroemde champagnehuizen.

Langs de weg liep water in een kunstmatige goot en er was zelfs een bonnetje waar het water uit de kalkhoudende bodem vloeide.

Het was weer heel druk in de wijngaard. De wijnboer vertelde me dat er 27 verschillende handelingen nodig zijn om van de druif in het champagneglas te geraken. Ook werd er volop gewoeld zond de wortels met de speciale tractoren. Een eenzaat probeert het op de ouderwetse manier.

Om de wijnbouwstreek te verlaten was een flinke klim nodig naar een Romaans kerkje. Dat was al de 2de km van de dag.

Nu lag de weg open naar de beboste toppen boven de wijnstreek. Juist voorbij het kerkje stond een bank en een tafel. En gezien het middaguur was heb ik mijn koffiekoek opgepeuzeld met mooi uitzicht als extra. En zo staan mij 2 schelpen ook eens op de foto.

Zoals gemeld liep de weg verder langs de grens tussen bos en wijngaarden. Toen ik even achterop keek zag ik een pelgrim die me volgde op korte afstand. Een dame in het rood met blauwe rugzak. Ze zwaaide met haar pelgrimsstaf en vroeg of ik de camino wandelde. Ik had meteen door dat ze Nederlandstalig was. Haar naam was Katrien en ze kwam uit het Leuvense. Ze doet haar Camino in stukjes tijdens de paasvakantie. Vorig jaar was ze thuis vertrokken tot Rocroi en dit jaar liep ze van Rocroi naar Reims.

Ze vertelde honderduit over haar belevenis, over haar 5 kinderen, over haar minder goede been maar dat het toch goed ging om te stappen, enz… Je kan haar Camino volgen op haar blog.

De tocht ging dan door een heel ander landschap. Geen druiven meer, Maar bomen. En de narcissen hebben plaats gemaakt voor hele velden bosannemonen.

Een flink stuk van de weg liep door bos. Weer flink veel sporen van everzwijnen en hun gewroet. Toen we even pauzeerden aan een vijver kwam een pick-up, vol maïs en een aanhangwagen met quad. 2 fransen stapten uit en vertelden dat ee de evers kwamen voederen. De eeugen hebben jongen en die kunnen extra eten gebruiken zeiden ze. Het gewroet in de modder van de wegen komt omdat drachtige zeugen op zoek zijn naar extra proteinen en regenwormen opsnorren.

Al pratend en zonder teveel verloren te lopen naderden we onze bestemming, Montmort-lucy. Zij ging overnachten bij een dame die kamers ter beschikking stelt aan pelgrims. Ze wou morgen dan meteen tot Sezanne stappen.

Samen dronken we dan nog een glaasje voor onze wegen scheidden. Buen Camino Katrien

Etappe 15 : Reims naar Epernay 26,25 km – (382,3 km)

De tocht laat zich samenvatten in woorden: wijngaarden, bossen en heuvels.

Net buiten Reims de eerste wijngaarden opgemerkt. En tussen de wijnstokken mensen die op karretjes aan het werken waren. Met een pneumatische snoeischaar waren ze de stokken aan jet kort snoeien. Heel kort zelfs.

Naarmate de voormiddag vorderde steeg ook de activiteit in de wijngaarden. Ook de temperatuur steeg met een beetje zonlicht en al vlug mocht ik beginnen laagjes uit te trekken.

Heel vreemde tractoren verschenen die heel behoedzaam tussen de aanplant reden. Met kleine metalen schijven werd de grond wat omgewoeld. Een heel ander type landbouw in vergelijking met die akkers vorige dagen.

De velden volgden elkaar af met alleen een weg of de tgv lijn als onderbreking. Met luid geraas vloog een hoge snelheidstrein langs. Een witte van DB. Wel indrukwekkend als die volle bak voorbij vliegt.

Tot het oog reikt wijnvelden en daar in de velden de beboste heuveltoppen die mij van Epernay, de échte chzmpagnestad scheiden.

En dan begon de klim naar boven. Het bos in. Weer een flink stuk doorheen de bomen.

Veel sporen van gewoel door everzwijnen en pootafdrukken van reeën. Ook de eerste koekoek gehoord. Heel duidelijk. De lente is duidelijk zichtbaar in het bos.

Grote stroken bos waren goed begaanbaar maar dan kwam ik in het bovenste stuk. Vandaag 2 keer geklommen van +100m naar 250m en dat voel je in de benen. In de ruigste stukken komen alleen houthakkers, jagers én everzwijnen. Vooral die laatste zorgen voor kwalijke wegen. De eenzame wandelaar laveert van links naar rechts om een begaanbaar stukje te vinden.

Na het bos kwam een mooi uitzicht op de vallei van Epernay waar boven een immens gebouw is neergezet. Ik vermoed een school, Maar nog in aanbouw. Met zo een zicht zou ok ook wel willen lesgeven. Alleen was de omgeving veel waziger geworden. Komt het door de wolken? Komt hey door het stoken van het snoeihout het en der?

Epernay is echt het centrum. Veel wijnhuizen, aanlevetnedtikven edg. Ik passeerde oa langs een atelier waar champagnekurken worden gemaakt en een drukkerij gespecialiseerd in de metaalachtige sleefs die rond de hals van de flessen hangen. Morgen ga ik Epernay eerst even bezoeken voor de weg verder te zetten.

Etappe 14 : Reims (centrum) – Reims buitenwijk Cormontre 12,5 km (356,0 km)

Vandaag rustdag met bezoek aan kathedraal en stad.

Vanmorgen na het ontbijt terug even naar de kathedraal en de gregoriaanse dienst meegenomen. We zijn toch zondag.

Het museum met de kerkschatten naast de kathedraal wou ik ook nog bezoeken maar dat kon niet. Mocht niet binnen met rugzak (stel je voor dat ik zo’n kelk of schilderij in mijn rugzak meepak) én nog triester, er is geen vestiaire waar je de rugzak kunt achterlaten. (Veiligheid want die zou vol metaal en springstof kunnen zijn).

En zo mocht ik het bezoek dus op mijn buik schrijven. Uit pure frustratie een koffieterrasje gedaan met zicht op de fijn gebeeldhouwde torens. Bijna een stripverhaal op zich.

2 koppels voor mij. Nederlanders. En wat drinken ze? Hoegaarde en Leffe. Ik die dacht dat Reims de stad was van de champagne. Eigenlijk heb in tijdens mijn tocht nog niets gezien van de wijnbouw. Wel winkels natuurlijk. Ik vermoed dat de druiven er morgen zullen aankomen.

Zo saai als de tocht gisteren was, zo gevarieerd was die vandaag. Door de stad trekken is steeds een ontdekking. Zo werd ik plots voorbijgereden door een tram. Op zich niks speciaals. Alleen waren er geen elektriciteitsdraden te zien waar die tram stroom moest aftappen. Nogal een verschil met die rammelbakken in Antwerpen en Gent. Het zicht van de winkelstraat was heel wat mooier. Iets voor de Veldstraat bij de Stroppen.

Nog straffer was een eetgelegenheid waar je kon eten en drinken, (niks speciaals tot daar) maar ook een kat kon adopteren. Kattentherapie. Bij het binnengaan verplicht handjes wassen en gele overschoenen aantrekken.

Ik denk dat je bij ons wat problemen zou hebben met voedselveiligheid?

De weg van de Camino liep dan langs een kanaal. Veel zondags volk. Joggers, fietsers, jonge gezinnen. Tot 3 keer toe werd ik er aangesproken ivm mijn schelp.

En terwijl ik langs het kanaal stapte liep schoondochter Anja haar marathon uit in Parijs! Een dikke proficiat.

Compostelle, c’est par la 2400 km riep een visser. Ook joggers stopten om een babbeltje te doen of te vertellen dat ze ook de tocht of een deel ervan gedaan hadden.

Die vaart was ook het centrum van de roeivereniging. Verschillende 4 mans boten met stuurman of vrouw waren voorbijgevaren en werden opgewacht door volk en een muziekgroepje dat carnavalesk uitgedost vrolijke hoempa deuntjes speelde. Een van de roeiers vond dat ik na Compostela maar moest beginnen roeien.

Tja, waarom niet.

De tocht ging verder en na een zonde in de Kfc (Kentucky Fried Chicken) kwam ik aan in het hotelleke en kon ik kijken naar Paris-roubaix. Kwestie iemand anders te zien die door wind en stof moet ploeteren.

Ondertussen was Anja in Parijs aangekomen na haar meer dan 42km lopen. Super knap. En ze ziet er nog heel fit uit.

Is het geen schatje.

En zo zijn we klaar voor de etappe naar Epernay morgen.

Etappe 13 : Ecaille naar Reims 26,6 km – (343,5 km)

Het traject naar Reims was saai. Eén rechte lijn door velden en akkers met daarop grote tractoren met een stel piepende ratelende wielen aan. Je hebt die vergezichten, de akkers, de tractoren én de wind. Het zonnetje was flink present maar de wind maakte dat jas, kap en pet ook vandaag aan bleven.

Gelukkig waren er in de voormiddag 3 bochten een paar bosjes en al eens een paar herten die over staken. Maar na de middag was er zelfs geen boom meer. Wel verschenen er in de verte de 2 torens van de kathedraal van Reims. Maar naderen deden ze maar heel langzaam.

Blijkbaar stapte ik zo een 6 km op een oude Romeinse heirbaan. Veel Romeins was er niet aan te zien en Asterix heb ik ook niet gezien.

Maar de lange rechte tocht werd dan toch bezegeld met aankomst aan de kathedraal.

Gemakkelijk die selfies. Daar stempels gehaald bij de dames die de pelgrims opvangen en terug buiten.

En in Reims, Champagnestreek tijd voor er kirr, maar wel een kirr royaal

Etappe 11 : Aubigny les Pothees naar Wasigny 25,6 km – (284,9 km)

Na het hartelijke onthaal in “Au bois du loup” terug op weg. Mijn Canadese collega wou wel een fotootje maken.

Hij zelf komt uit Quebec. Vertrokken met pak en zak (meer dan 20kg!) Op stap naar de voet van de Pyreneeën! Vroeger had ie al een Spaans deel gelopen.

Samen gingen we op stap. We hebben uiteindelijk samen zo’n 16 km afgelegd. Blijft toch een speciaal taaltje dat frans uit Quebec.

Het onthaal was prima zoals gemeld. Het uitzicht vanuit het huis ook. We zagen voor het vertrek een mooie dubbele regenboog. En een rijdende goederentrein. Staking even opgeschort blijkbaar.

De tocht vertrok droog maar tegen de middag kregen we een paar fikse buien over hoofd. De wegwijzers met schelp begeleiden ons maar zijn niet steeds consequent wat richting betreft. Eigenlijk moet de onderkant van de schelp de richting aangeven vertelde Roger, mijn collega.

Hier is het niet steeds consequent toegepast. Opnieuw wisselen velden, weiden en bossen elkaar af. Wel zie je dat meer en meer weilanden omgebouwd worden naar akkers en het vee op stal wordt gehouden. Eenvoudiger te beheren. Om elke hoek is er wel fauna waar te nemen. Ooievaars oa en herten in de verte.

Een constante na de middag was de modder. Wegen door de bossen zo drassig als wat.

Het is goed als het eventjes drassig wordt, Maar als je stroken hebt van een paar honderd meter lang waar je door moet ploeteren, dan is dat wel flink vermoeiend. Wat wel meevalt is dat de weg, ondanks de glooiingen toch iets naar beneden gaat. Vorige dag klom de Camino regelmatig boven de 300 meter. Nu dalewmn we naar de 150 meter. Maar de modder is wel de constante uitdaging.

Mijn arme schoenen zagen af vandaag. En mijn broekspijpen ook.

En het kon nog heviger. Op sommige plaatsen diende je de weg gewoon te ontwijken want er was een beek in de plaats. Ook de benen naast het pad zijn meestal flink verzadigd.

Rond 17u kwam ik dan aan in Wasigny. Weer zo een typisch landelijk dorpje waar tijd geen vat heeft. Getuige deze markthalle uit lang vervlogen tijden.

Ook de klassieke Lavoir of publieke wasplaats was ik voorbijgestapt. Daar werd vroeger gewassen. Nu ligt het et verlaten bij met dank aan Dash en Bosch die de was doen thuis.