Een nieuwe boeiende ontmoeting.
Heel goed geslapen vannacht. Misschien zitten de vele kilometers van gisteren er voor iets tussen. Ingepakt, ontbeten, blauwe lucht en weer op weg. De gite achterlatend.

Het was er heel rustig. Nu in La Coquille is hey heel rustig buiten langs de route nationale die door het dorp loopt. Nog even de kerk bezocht en vertrokke voor een korte rechtlijnige etappe.

Eerst ging de weg over in een grindweg, zakkend naar een dal. Daar beneden lag een oude vervallen watermolen aan een vliedend beekje.

Geen levende ziel te bespeuren en dat zou zo de ganse voormiddag blijven. Niks dan natuur, een afwisseling van weiden en bossen, zonder huis, zonder een levende ziel.

Wel mooi, rustig en soms avontuurlijk met wat modderige strookjes, maar al bij al heel goed begaanbaar. We hebben erger meegemaakt vorig jaar in de Ardennen.
Rond de middag even uitgebreid halt gehouden om wat te pauzeren. Etappe van beperkte afstand en geen tijdsdruk. Met dank aan de gele plastiek zak van Gamemania ideale zitplaats.

De weg liep 10 km rechtdoor om dan naar een riviertje te zakken en een bruggetje erover.

Aan de overzijde van het bruggetje zag ik plots 2 mensen. 3 rugzakken ook. Eén van beide herkende ik als Wu, die ik de dag ervoor had zien vertrekken. De andere pelgrim was een jonge blonde vrouw die aanstalten maakte om te vertrekken. Ik begroette Wu en zei dag aan de vrouw. Zij vroeg of ze mee mocht stappen. Wu was bmijkbaar juist aan pauze toe. En zo ging de tocht verder, maar in het gezelschap van Anna. Een Nederlandse, gehuwd met Spaanse echtgenoot en gestart begin maart in het Nederlandse Sittard. Ze woonde in Schotland en Spanje en vooraleer aan kinderen te beginnen wilde ze nog de Camino srappen, in één ruk tot Compostella. Ze hoopte einde mei er te geraken want dan zou ze vertrekken met haar man naar Azie. Haar echtgenoot vertrok nu naar Chili voor een maandenlange tocht daar. We vertelden elkaar onze verhalen. Het was leuk en gezellig. Even samen op de foto.

Anna hield er wel een stevige tred op na. Gisteten had ze 42 km gestapt, maar dat was toch wat uit de comfortzone vond ze. Ze pikkelde flink vooruit en bergop moest ik al flink doorstappen om haar bij te houden. Zo kwam de eindbestemming in zicht. Anna wou nog wat beelden schieten en dus fotografeerde ik de fotograaf.

Aangekomen in het centrum dronken we samen een koffie in de bar op het marktplein e daarna namen we afscheid. Ze ging naar de camping en zou morgen een wandeling van een 35 km stappen, iets meer dan wat ik van plan ben. Straffe meid.






















“U kan met een gerust hart vertrekken” wist de dokter te vertellen. Dus dan inpakken en telkens opnieuw controleren of ik wel al het nodige mee heb. Vrijdagmorgen heb ik de rugzak opgepakt en gestapt naar het station. In mijn enthousiasme ben ik echt vergeten te wegen hoeveel mijn ingepakte rugzak eigenlijk weegt. Een ding is zeker, het is prachtig lenteweer. De zon schijnt volop en de stad bruist om 8 uur ’s morgens op zo een mooie lentedag.
Aan het station verschijnen juist de eerste draagstructuren voor het nieuwe dak. Misschien is dat dak klaar als ik terugkom? De reis ging dan eerst naar Brussel en vervolgens naar Parijs. In de plaats van daar de RER te nemen had ik voldoende tijd ingepland om te wandelen naar het station Austerlitz.
Eigenlijk valt het wel op dat in het straatbeeld van Parijs volop fietspaden verschijnen en dat er al wat Parisiens en Parisiennes rondpedaleren op allerhande rijwielen. Ook huurfietsen en huursteps zijn flink aanwezig. Maar een meerderheid zijn die cyclisten nog niet! Er is nog heel wat werk aan de winkel om de verkeersknoop van Parijs te ontwarren, maar dat is in onze steden eigenlijk ook zo. De tocht ging deze keer langs de feestzaal Le Bataclan en via de place de La Bastille. Allebei berucht voor bloedvergieten in het nabije en niet zo nabije verleden. Op de bordjes op de place de la Bastille stond er zelfs dat het plein het strijdtoneel was in 3 verschillende revoluties. Die Fransen en hun revoltes toch…
Een plaatje voor de watersportliefhebbers. Per boot kan je ook naar Parijs. Natuurlijk hoor ik je al zeggen… via de Seine. En inderdaad, via een sas vaar je de stroom op. In de verte een duidelijk herkenbare toren.
Let op de prachtige blauwe lucht. Ik had me natuurlijk véél te warm aangekleed en in centrum Parijs is het moeilijk een plaatsje te vinden waar je je kan strippen. Dus was het zweten geblazen. Rond 14u40 vertrok de trein naar Châteauroux voor het vervolg van de rit. Die verliep vlot en 2 uur later stapte ik uit in het station waar vorig jaar mijn Camino was gestopt.
Een 3-tal km stappen op de route leidde mij naar het hotel. Onderweg stapte ik voorbij het ziekenhuis van de stad. Daar hebben ze boven het gebouw een groot platform gebouwd waarop een helikopter staat. Dat geeft je echt een gerust gemoed mocht het fout gaan onderweg. Aan het hotel de klassieke wegmarkeringen in blauw geel terug gevonden.
Ik weet dus welke kant ik uit moet gaan morgenvroeg voor de eerste langere etappe!