Etappe 26 : Van Vezelay naar Thurigny – 26,7 km – (634,4 km)

Terug op stap. Het werd de dag van het weerzien. Na een rustige nacht vrij vroeg vertrokken uit Vezelay. Ik ben niet meer naar de kathedraal geweest want vorige keer heb ik er een paar uur doorgebracht.

Vanuit Vezelay heb je de keuze. Ofwel ga je via Nevers of je kiest de route via Bourges. Die laatste koos ik.

Dus meteen op weg begeleid door een paar laaghangende wolken. De kathedraal kon je zelfs niet zien want verstopt in de wolken.

Het landschap was wisselend Velden, weiden en bossen. Vooral bos in het eerste deel van de tocht. En wat je zoal tegen komt in die bossen.

Een wrak van een bus. Het was ook een weerzien. Van de modder onze andere. Hier en daar zelf naast de weg moeten lopen wegens veel nattigheid.

Ook voor iets anders was het een weerzien. De slakken. Escargots. Ferme dikke. En naaktslakken zonder huisje. Des limaces. Dikke oranje.

Na de middag kwam er plots een heel ander landschap onder de wandelschoenen met vooral grote velden.

En op een van die velden rare kleine plantjes die ik al eens gezien had was mijn indruk. Inderdaad. Zonnebloemen zoals Dries die kweekt in mijn tuin. Ze moeten nog wat groeien!

Een ander weerzien kwam er tegen etenstijd. De weg ging toen aar beneden en daar lag ….. de Yonne. Eigenlijk 2 Yonnes en een kanaal er naast. Maar met een schitterende picknick plaats naast het water!

Met 3 bruggen en de resten van wat ooit eens een watermolen geweest is. Drooggelegd en omgebouwd tot moestuin. Ik zou nog uitvinden waarom later op de avond.

Omdat een pelgrim niet zou vergeten waar zijn focus op moet liggen volgend bordje. Nog wat km te gaan. Gelukkig is men hier wel gastvrij. Geen café meer in de dorpen maar wel wc én water in het gemeentehuis met de revolutionaire boodschap van broederlijkheid, enz…

Nog een weerzien vandaag. De speciale bloemetjes van kalkgrond nl. De orchidee. De ene al uitgebloeid en de andere met kleine bloempjes.

En wat verderop een ander specialeke. Een parasitaire plant die leeft op een andere planten en die bremraap heet. Makkkelijk herkenbaar want heeft geen bladgroen.

Op het einde van de dag begon het te rommelen. De lucht werd dreigend boven de Camino. Maar gelukkig trok het gerommel wat verder en bleef het droog. De poncho bleef ingepakt.

En zo kwam ik aan in de gites moulin du merle. Een watermolen, met water en die dus de gehele nacht flink luidruchtig kabbelt. Afsluiten doe ik met dit vredevolle beeld van een rustig platteland in Thurigny.

Etappe 23 : Van Auxerre naar Mailly-la-Ville – 29,0 km – (573,4 km)

Gisterenavond kreeg ik bericht dat de slaapplaats die ik gereserveerd had toch niet beschikbaar was. Pech dus. Na zoeken en puzzelen toch een nieuwe bestemming gevonden. Betekent wel meer kilometers de eerste dag en dan 2 korte etappes naar Vezelay.

Brr. Heel fris vanmorgen. Amper 3 graden. Gelukkig heb ik mijn lange onderbroek nog mee! De route verliet Auxerre door de buitenwijken en dook rap de velden in. Gelukkig had ik nog een bakker gevonden deze 1 mai en wat mondvoorraad en water mee. Na een lange rechte lijn kwamen boven op het plateau plots de wijnstokken terug. Iets meer blaadjes al. Een paar kilometer slechts verder ging het plots steil naar beneden. En met de rugzak betekent dit: voorzichtig!

Beneden gekomen kwam ik een oude bekende tegen! De rivier de Yonne, die me de rest van de dag zou begeleiden vele kilometers lang.

Volgens de mensen van het departement de Yonne zou ‘hun’ rivier ongeveer 2/3 van de watertoevoer leveren aan de waterloop in Parijs. Dus zou de Seine eigenlijk Yonne moeten heten. Aan de oevers en de zandzakken daar te zien is het een natte winter geweest en hadden ze last van natte voeten.

Het was eerst echt pal naast het water dat de Camino liep vandaag. Dat was wel plezanter en meer afwisselend dan de weg op de jaagpaden later op de dag.

Hier en daar zijn er stroomversnellingen en heel vaak vind je dan een sas en een waterval die hey debiet van de stroom kan regelen. Geen boten vandaag. Niemand aan de sassen en sluizen.Kwam het door 1 mei of door de omgevallen boom?

De installaties lagen er ongebruikt bij.

Wel meer mensen dan vorige dagen. Wat fietsers en joggers. Ook vissers vaak en zelfs een man met een miniatuur bootje.

Onderweg ook deze constructie gezien. Deze diende om hey debiet van de stroom te regelen en zo ook het houttransport via het water aan te sturen. De opening kon zo groot of klein gemaakt worden als gewenst door de latjes dwars latje per latje in het water te laten zakken.

En verder hing de weg wel zo een 25 km als jaagpad tot aan de bestemming. Hier en daar nog een orchidee gezien op de kalkbodem. En daar het zon was vandaag kwamen de kleuren beter tot hun recht. Morgen meet natuur. Beloofd.

Smakelijk en gezondheid.

Etappe 22 : Naar en in Auxerre centrum – 8 en 4 km. – (544,4 km)

Oei. De gids meldt dat de musea op maandag en dinsdag gesloten zijn. Ik hoop toch iets te vinden in Auxerre om wat cultuur te kunnen tonen na al die natuur van de voorbije dagen.

De temperaturen zijn vannacht flink gezakt. Het is amper 10 graden als ik het hotel verlaat. En de wolken die voorbij zoeven zijn zo grijs dat er wel nattigheid van moet komen. Ik ga eerst van het hotel terug naar de Compostella route en dan naar Auxerre. Afstand is beperkt vandaag.

Eerst nog wat platteland met akkers en weiden en een laatste dorpje.

De stad Auxerre is ongeveer de grootte van Mechelen. Vooral gekend voor zijn voetbalploeg. Nu je van Mechelen niet zeggen dit jaar. Auxerre is ook niet meer in zo’n goede doen schijnt het. Via de uitdeinende stadswijken daalt de Camino naar het stadscentrum.

Mijn poncho had ik ondertussen aan want het was kil en nat. De weg daalde af tussen de huizen met hier en daar wat winkels en handelszaken. Zelfs een vioolbouwer gezien. Veel was er wel niet open op deze 30 april, vooravond van 1 mei.

Het stadscentrum is vrij beperkt qua oppervlakte. Veel kleine smalle straatjes en nog veel huisjes in plak en stak. De tour de l’horloge moet wat opgelapt worden. Iemand is met de wijzers gaan lopen.

Verderop ging de tocht tot bij de kathedraal. Het office du toerisme was gesloten op maandag. Hopelijk kon ik dan maar een stempel krijgen in de kathedraal?

Maar in de kathedraal was er niemand. Het onthaal én de toegang tot de crypte was pas open op woensdag tot en met zondag. Dus weer pech. Uit pure frustratie dan maar deze selfie pm te bewijzen dat ik er wel geweest ben.

Wel zag ik bij het buitengaan van de kathedraal dat de pastorij er juist naast lag. Maar die was pas open om 14u. Dan maar eerst een sandwich ementhal jambon gaan eten. De patron had wel een originele manier gevonden om speciale Belgische bieren te tappen. 3 perfect drafts stonden naast elkaar voor Leffe, Hoegaerden enz.

Om 14u dan toch de stempel gekregen. Zie hoe mooi.

Wat verderop zag ik een rugzak met schelp! De 2 Fransen die ik gisteren even had ontmoet waren ook toegekomen. Even dag gezegd en hen verteld dat ze de stempel voor hun boekje in de pastorij moesten halen. Daar trokken ze meteen naar toe. In de stad nog wat rondgekeken en toch huizen zien staan die de wetten van de fysica aan hun hiel lappen.

Neen. Geen trucage. Dat huis staat echt zo krom. Verderop nog een poging gedaan om het museum te bezoeken. Museum was dicht. Ik kon wel klooster enz bezoeken met de rugzak op de rug want vestiaire was er niet. En eerst moest ik de rugzak laten doorzoeken. Uit veiligheidsmaatregelen. Ik heb bedankt want ik had geen zin om alles uit en in te pakken. Na het spotten van een chocolade winkeltje met lekkere pralines naar het maisons des randoneurs voor inchecken.

Smakelijk.

Etappe 11 : Aubigny les Pothees naar Wasigny 25,6 km – (284,9 km)

Na het hartelijke onthaal in “Au bois du loup” terug op weg. Mijn Canadese collega wou wel een fotootje maken.

Hij zelf komt uit Quebec. Vertrokken met pak en zak (meer dan 20kg!) Op stap naar de voet van de Pyreneeën! Vroeger had ie al een Spaans deel gelopen.

Samen gingen we op stap. We hebben uiteindelijk samen zo’n 16 km afgelegd. Blijft toch een speciaal taaltje dat frans uit Quebec.

Het onthaal was prima zoals gemeld. Het uitzicht vanuit het huis ook. We zagen voor het vertrek een mooie dubbele regenboog. En een rijdende goederentrein. Staking even opgeschort blijkbaar.

De tocht vertrok droog maar tegen de middag kregen we een paar fikse buien over hoofd. De wegwijzers met schelp begeleiden ons maar zijn niet steeds consequent wat richting betreft. Eigenlijk moet de onderkant van de schelp de richting aangeven vertelde Roger, mijn collega.

Hier is het niet steeds consequent toegepast. Opnieuw wisselen velden, weiden en bossen elkaar af. Wel zie je dat meer en meer weilanden omgebouwd worden naar akkers en het vee op stal wordt gehouden. Eenvoudiger te beheren. Om elke hoek is er wel fauna waar te nemen. Ooievaars oa en herten in de verte.

Een constante na de middag was de modder. Wegen door de bossen zo drassig als wat.

Het is goed als het eventjes drassig wordt, Maar als je stroken hebt van een paar honderd meter lang waar je door moet ploeteren, dan is dat wel flink vermoeiend. Wat wel meevalt is dat de weg, ondanks de glooiingen toch iets naar beneden gaat. Vorige dag klom de Camino regelmatig boven de 300 meter. Nu dalewmn we naar de 150 meter. Maar de modder is wel de constante uitdaging.

Mijn arme schoenen zagen af vandaag. En mijn broekspijpen ook.

En het kon nog heviger. Op sommige plaatsen diende je de weg gewoon te ontwijken want er was een beek in de plaats. Ook de benen naast het pad zijn meestal flink verzadigd.

Rond 17u kwam ik dan aan in Wasigny. Weer zo een typisch landelijk dorpje waar tijd geen vat heeft. Getuige deze markthalle uit lang vervlogen tijden.

Ook de klassieke Lavoir of publieke wasplaats was ik voorbijgestapt. Daar werd vroeger gewassen. Nu ligt het et verlaten bij met dank aan Dash en Bosch die de was doen thuis.

Etappe 4 : Van Ittre over Nijvel naar Seneffe (eigenlijk Manage) 25,8km – (110,4 km)

Geen regen vandaag. Om 9u terug de weg op naar de volgende bestemming. De weg en de pelgrim. De camino. Geen pelgrim zonder weg. In dit Brabantse landschap waren het deze voormiddag lange stukken tussen akkers en weiland met daarboven een wijde hemel met wolkenspel.

IN een rechte lijn ging het tot Nijvel. Een grauw stadje met groot marktplein en kerk. Tegen de kerk staat een modern stadhuis. Het oude staat aan de andere kant wat troosteloos te zijn. In de kerk doorverwezen naar de pastorie voor de stempel. In het frans of in het latijn vroeg een gezellige pastoor. Er waren nog niet veel pelgrims langs geweest dit jaar. Hij wou nog wat verder babbelen, maar hij had om 11u een dienst en verontschuldigde zich dat ie niet meer tijd had voor mij.

Een koffietje kon er dan af. Bij het verlaten een bepakte collega stapper gekruist die vroeg waar ik vandaan kwam. Hij stapte ook maar compostela was voor later. Onze wegen scheidden. Nu, het zou de laatste mens zijn met wie ik contact had tot bij de stopplaats vanavond. En weer ging de route over landelijke lange wegen. Niet veel te beleven. Gelukkig nog eens iemand gezien on een spiegel

Totdat de route aankwam bij het oude kanaal van de Samme. De aanvang deed me direct denken aan de sluizen van de narrowboats in UK. Het leverde wat mij betreft het mooiste beeldje van de dag op.

En voor hen die niet weten hoe een sascomplex in UK voor die smalle boten er uit ziet. (Er moeten wel wat deuren aanwezig zijn om te functioneren maar dat is detail.)

Na een wandeling langs het met bomen omzoomde kanaal in Seneffe aanbeland waar nog meer waterarcheologie te bewonderen os met zwaaidok en replica van de kleine aken die er vaarden.

Dan de N27 naar mijn hotel. Dit is een drukke verbindingsweg. Gelukkig waren er werken aan een spoorwegbrug. Alle verkeer moest omrijden, maar de voetgangers konden over via voetgangersbrug. Zo toch weer wat geklommen vandaag.

Dan was het een rechte lijn naar het hoevekasteel waar het slapen is gepland.

Morgen verlaat ik de schelpenroute en sla ik af op de GR12 richting abdij van Aulne. Die ruïne staat op de eerste postzegel die ik kocht voor mijn postzegelverzameling. Heel lang geleden. Tot morgen.