Etappe 16 : Epernay naar Montmort-lucy 28,1 km – (410,4km)

Wakker onder blauwe hemel deze morgen. Prima wandelweer. Eerst naar Epernay centrum gestapt met volle rugzak. Vol met drank en met kleren. De temperatuur blijft aangenaam en dus geen jas of lange onderbroek. En extra drinkwater mee.

De eerste halte was de kerk met de hoop een stempel te halen. Is dan toch maar toerisme kantoor geworden want in de kerk was geen levende ziel te bespeuren.

Onderweg naar het centrum over de bruggen van de Marne gestapt. Ik had gezelschap van nog iemand met een rugzak daar beneden.

De Marne is ook een rivier met gevoelige geschiedenis in Frankrijk. Speelde een rol in elke oorlog. Juist aan de brug staat een grote mijlpaal van de Voie de la liberte. Vanop de Marne brug valt een grote toren op. Is nu een plaats waar het verhaal over de champagne wordt verteld en getoond. Indrukwekkende toren wel.

Voor echte pelgrims is de stad niet interessant. Achteraf gezien zou ik beter meteen naar Moussy zijn gestapt. Daar is meer champagne te beleven. Onderweg toch wat gebabbeld met wijnboer.

Die vertelde me dat ze nu na het snoeien, de struiken aan het binden zijn. On liet la vigne. Dat doet ie gezeten op zijn karretje met een speciaal instrumentje dat een draadje rond de stengel en de draagdraad draait, vastzet en afsnijdt.

De voormiddagtocht liep verder door de wijngaarden van beroemde en minder beroemde champagnehuizen.

Langs de weg liep water in een kunstmatige goot en er was zelfs een bonnetje waar het water uit de kalkhoudende bodem vloeide.

Het was weer heel druk in de wijngaard. De wijnboer vertelde me dat er 27 verschillende handelingen nodig zijn om van de druif in het champagneglas te geraken. Ook werd er volop gewoeld zond de wortels met de speciale tractoren. Een eenzaat probeert het op de ouderwetse manier.

Om de wijnbouwstreek te verlaten was een flinke klim nodig naar een Romaans kerkje. Dat was al de 2de km van de dag.

Nu lag de weg open naar de beboste toppen boven de wijnstreek. Juist voorbij het kerkje stond een bank en een tafel. En gezien het middaguur was heb ik mijn koffiekoek opgepeuzeld met mooi uitzicht als extra. En zo staan mij 2 schelpen ook eens op de foto.

Zoals gemeld liep de weg verder langs de grens tussen bos en wijngaarden. Toen ik even achterop keek zag ik een pelgrim die me volgde op korte afstand. Een dame in het rood met blauwe rugzak. Ze zwaaide met haar pelgrimsstaf en vroeg of ik de camino wandelde. Ik had meteen door dat ze Nederlandstalig was. Haar naam was Katrien en ze kwam uit het Leuvense. Ze doet haar Camino in stukjes tijdens de paasvakantie. Vorig jaar was ze thuis vertrokken tot Rocroi en dit jaar liep ze van Rocroi naar Reims.

Ze vertelde honderduit over haar belevenis, over haar 5 kinderen, over haar minder goede been maar dat het toch goed ging om te stappen, enz… Je kan haar Camino volgen op haar blog.

De tocht ging dan door een heel ander landschap. Geen druiven meer, Maar bomen. En de narcissen hebben plaats gemaakt voor hele velden bosannemonen.

Een flink stuk van de weg liep door bos. Weer flink veel sporen van everzwijnen en hun gewroet. Toen we even pauzeerden aan een vijver kwam een pick-up, vol maïs en een aanhangwagen met quad. 2 fransen stapten uit en vertelden dat ee de evers kwamen voederen. De eeugen hebben jongen en die kunnen extra eten gebruiken zeiden ze. Het gewroet in de modder van de wegen komt omdat drachtige zeugen op zoek zijn naar extra proteinen en regenwormen opsnorren.

Al pratend en zonder teveel verloren te lopen naderden we onze bestemming, Montmort-lucy. Zij ging overnachten bij een dame die kamers ter beschikking stelt aan pelgrims. Ze wou morgen dan meteen tot Sezanne stappen.

Samen dronken we dan nog een glaasje voor onze wegen scheidden. Buen Camino Katrien

Etappe 15 : Reims naar Epernay 26,25 km – (382,3 km)

De tocht laat zich samenvatten in woorden: wijngaarden, bossen en heuvels.

Net buiten Reims de eerste wijngaarden opgemerkt. En tussen de wijnstokken mensen die op karretjes aan het werken waren. Met een pneumatische snoeischaar waren ze de stokken aan jet kort snoeien. Heel kort zelfs.

Naarmate de voormiddag vorderde steeg ook de activiteit in de wijngaarden. Ook de temperatuur steeg met een beetje zonlicht en al vlug mocht ik beginnen laagjes uit te trekken.

Heel vreemde tractoren verschenen die heel behoedzaam tussen de aanplant reden. Met kleine metalen schijven werd de grond wat omgewoeld. Een heel ander type landbouw in vergelijking met die akkers vorige dagen.

De velden volgden elkaar af met alleen een weg of de tgv lijn als onderbreking. Met luid geraas vloog een hoge snelheidstrein langs. Een witte van DB. Wel indrukwekkend als die volle bak voorbij vliegt.

Tot het oog reikt wijnvelden en daar in de velden de beboste heuveltoppen die mij van Epernay, de échte chzmpagnestad scheiden.

En dan begon de klim naar boven. Het bos in. Weer een flink stuk doorheen de bomen.

Veel sporen van gewoel door everzwijnen en pootafdrukken van reeën. Ook de eerste koekoek gehoord. Heel duidelijk. De lente is duidelijk zichtbaar in het bos.

Grote stroken bos waren goed begaanbaar maar dan kwam ik in het bovenste stuk. Vandaag 2 keer geklommen van +100m naar 250m en dat voel je in de benen. In de ruigste stukken komen alleen houthakkers, jagers én everzwijnen. Vooral die laatste zorgen voor kwalijke wegen. De eenzame wandelaar laveert van links naar rechts om een begaanbaar stukje te vinden.

Na het bos kwam een mooi uitzicht op de vallei van Epernay waar boven een immens gebouw is neergezet. Ik vermoed een school, Maar nog in aanbouw. Met zo een zicht zou ok ook wel willen lesgeven. Alleen was de omgeving veel waziger geworden. Komt het door de wolken? Komt hey door het stoken van het snoeihout het en der?

Epernay is echt het centrum. Veel wijnhuizen, aanlevetnedtikven edg. Ik passeerde oa langs een atelier waar champagnekurken worden gemaakt en een drukkerij gespecialiseerd in de metaalachtige sleefs die rond de hals van de flessen hangen. Morgen ga ik Epernay eerst even bezoeken voor de weg verder te zetten.

Etappe 13 : Ecaille naar Reims 26,6 km – (343,5 km)

Het traject naar Reims was saai. Eén rechte lijn door velden en akkers met daarop grote tractoren met een stel piepende ratelende wielen aan. Je hebt die vergezichten, de akkers, de tractoren én de wind. Het zonnetje was flink present maar de wind maakte dat jas, kap en pet ook vandaag aan bleven.

Gelukkig waren er in de voormiddag 3 bochten een paar bosjes en al eens een paar herten die over staken. Maar na de middag was er zelfs geen boom meer. Wel verschenen er in de verte de 2 torens van de kathedraal van Reims. Maar naderen deden ze maar heel langzaam.

Blijkbaar stapte ik zo een 6 km op een oude Romeinse heirbaan. Veel Romeins was er niet aan te zien en Asterix heb ik ook niet gezien.

Maar de lange rechte tocht werd dan toch bezegeld met aankomst aan de kathedraal.

Gemakkelijk die selfies. Daar stempels gehaald bij de dames die de pelgrims opvangen en terug buiten.

En in Reims, Champagnestreek tijd voor er kirr, maar wel een kirr royaal

Etappe 12 : Wasigny naar L’Equaille 32,0 km – (316,9 km)

Waar de vorige dagen het vooral ging over regen en het omhoog en omlaag klauteren in de modder, vandaag was het de wind die een hoofdrol speelde. Een vrij lange en eigenlijk saaie etappe. Maar wat was ik blij dat ik een jasje met kap aanhad. Dat de wind even van links blaast is niet erg, maar 6 uur lang is van het goede te veel. Dus liep ik met kap op en met de pet daarover. Geen zicht, maar prima was dat.

De wegen zelf lagen er goed bij. Door het zonnetje en de schrale wind gaat het droge en boven op de plateaus is het al niet zo nat omdat het water naar de valleien stroomt. De rivier Als je was wel goed gevuld.

Wat wel voor wat afwisseling zorgde waren de herten of reeën die hier en daar stonden te grazen en die sierlijk wegliepen bij het naderen.

Ander verwondering zijn de mooie vergezichten als je boven op die plateaus wandelt. Soms stopte ik wel even om gewoon te kijken naar de verte.

Boven op de heuvels staan hier en daar windmolens te draaien. Met dat stevig blazen draaiden ze goed door vandaag. Maar wat me wel opviel was dat ze flink wat lawaai maken bij het draaien. Net een vliegtuig dat overtrekt.

Af en toe moet je rusten natuurlijk en die rustpauzes worden frequenter in namiddag. Tijdens één van die rustpauzes zag ik plots dit creatuur over mijn schoen klauteren. Gisteren had ik ook al een dikke zwarte (Maar andere) kever ontmoet. Voorbode van de komende lente. Over lente gesproken. Vandaag ook de eerste boerenzwaluw gespot.

Op aanraden van Jos van de refuge 4 mains ben ik in gestopt in de bar tabac “au longchamp” “pour casser la croute”. Werd één van de toffere momenten van de dag. Een klein restaurantje bestaande uit 2 plaatsen volgestouwd met tafeltjes en stoelen. En daaraan zittend allemaal mannen druk pratend en etend. Op de vraag of ik kan eten wordt ik meteen aan een tafeltje geplaatst en na enkele ogenblikken staat een bord met witloofsla, quiche met spek en een snee salami voor mij, samen met het brood. Dan volgde snel kipfilet met champinonsaus en Pomme dauphinois en daarna fromage ou dessert. Natuurlijk koos ik voor een super lekkere crème brûlée. Zie maar.

Na het eten verder gestapt. De landerijen werden groter en groter. Op die landerijen dikke tractoren met een hele reeks wielen achter hen aan om te eggen. Net alsof alle boeren wakker geworden zijn.

Zelfs de weg wordt bewerkt. Wat niet veel helpt aan het wandelcomfort. Gelukkig regent het niet, anders was me dit een modderpoel van jewelste.

Wat verder leuk was onderweg is bovenstaand. Een auto van de gemeente rijdt rond op het voetbalterrein om dit speelklaar te maken. Ideetje voor Malinwa?

Ik werd terug opgepikt door Jos van de refuge te Ecaille. De volgende dag zette hij me dan daar terug af.

In de refuge waren juist 2 pelgrims aangekomen. Een koppel uit Huy. Ze hadden de Camino al gelopen in 2012. Nu waren ze vertrokken naar Rome! Daar gaan toch alle wegen naartoe….buiten de Camino natuurlijk!

Etappe 11 : Aubigny les Pothees naar Wasigny 25,6 km – (284,9 km)

Na het hartelijke onthaal in “Au bois du loup” terug op weg. Mijn Canadese collega wou wel een fotootje maken.

Hij zelf komt uit Quebec. Vertrokken met pak en zak (meer dan 20kg!) Op stap naar de voet van de Pyreneeën! Vroeger had ie al een Spaans deel gelopen.

Samen gingen we op stap. We hebben uiteindelijk samen zo’n 16 km afgelegd. Blijft toch een speciaal taaltje dat frans uit Quebec.

Het onthaal was prima zoals gemeld. Het uitzicht vanuit het huis ook. We zagen voor het vertrek een mooie dubbele regenboog. En een rijdende goederentrein. Staking even opgeschort blijkbaar.

De tocht vertrok droog maar tegen de middag kregen we een paar fikse buien over hoofd. De wegwijzers met schelp begeleiden ons maar zijn niet steeds consequent wat richting betreft. Eigenlijk moet de onderkant van de schelp de richting aangeven vertelde Roger, mijn collega.

Hier is het niet steeds consequent toegepast. Opnieuw wisselen velden, weiden en bossen elkaar af. Wel zie je dat meer en meer weilanden omgebouwd worden naar akkers en het vee op stal wordt gehouden. Eenvoudiger te beheren. Om elke hoek is er wel fauna waar te nemen. Ooievaars oa en herten in de verte.

Een constante na de middag was de modder. Wegen door de bossen zo drassig als wat.

Het is goed als het eventjes drassig wordt, Maar als je stroken hebt van een paar honderd meter lang waar je door moet ploeteren, dan is dat wel flink vermoeiend. Wat wel meevalt is dat de weg, ondanks de glooiingen toch iets naar beneden gaat. Vorige dag klom de Camino regelmatig boven de 300 meter. Nu dalewmn we naar de 150 meter. Maar de modder is wel de constante uitdaging.

Mijn arme schoenen zagen af vandaag. En mijn broekspijpen ook.

En het kon nog heviger. Op sommige plaatsen diende je de weg gewoon te ontwijken want er was een beek in de plaats. Ook de benen naast het pad zijn meestal flink verzadigd.

Rond 17u kwam ik dan aan in Wasigny. Weer zo een typisch landelijk dorpje waar tijd geen vat heeft. Getuige deze markthalle uit lang vervlogen tijden.

Ook de klassieke Lavoir of publieke wasplaats was ik voorbijgestapt. Daar werd vroeger gewassen. Nu ligt het et verlaten bij met dank aan Dash en Bosch die de was doen thuis.

Etappe 10 : Rocroi naar Aubigny-lez-Potheez 23,7 km – (259,3 km)

Het ziet er naar uit dat de eergisteren meegebrachte rugzakhoes weer flink haar werk zal doen. Donkere regenwolken boven het kleine centrum van dit vestingstadje waar de tijd amper vat op heeft. Hele brede omwallingen beperken alle verandering.

Vandaag werd het een wandeling in 2 werelden. Eerst een lange boswandeling op een prima asfalt bosweg. We hebben andere paden meegemaakt vorige dagen. Een pijlrechte weg omzoomd door bomen van alle slag.

Ik verstond de benaming niet goed van dit bos. Gesyndiceerd? Betekent het dat het eigendom is van de vakbonden?

Ik heb ’s avonds vernomen dat het niks met vakbonden te maken heeft maar een schenking van bossen is geweest aan 17 omliggende gemeenten die deze domeinen samen exploiteren.

En ja. Het is lente. De bloeiende narcissen bleven aanwezig maar ook deze wilde primula ofte sleutelbloem stond te pronken langs de weg.

Het landschap is opnieuw veranderd. Veel weiland doorsneden van kabbelende beekjes en aan een van die beekjes juist op tijd voor de middagpauze een bank voor vermoeide pelgrim. Elke pelgrim stopt er even al was het maar voor de richtingaanwijzer.

Door die velden trekkend kom ik aan in de buurt van Aubigny. De laatste kilometers van de tocht lopen langs het spoor. Een beetje cynisch want vandaag staakt het spoor. Te voet gaat rapper vandaag.

Na een laatste klim kom ik dan aan bij Marie-Josee en Jean-Marie die pelgrims opvangen. Het onthaal is super. Met hen en een collega pelgrim uit Quebec hebben we een supergezellig avondmaal. Kaas inbegrepen. Was op en top verzorgd en aan te bevelen. Maar foto zal voor morgen zijn.