Het wordt grijzer, het wordt kouder. Een heel gevarieerde wandeling vandaag. Voormiddag wispelturig kustpad en namiddag doorheen Zarauts en een wandeling langs de dijk naar de vissersstad Getaria.
Opstaan deed ik met dit mooie uitzicht met vuurtorentje. Eigenlijk was ik al 3 km verder gestapt gisteren. Zo kon ik meteen goed starten voor de etappe vandaag.

Het weggetje ging omhoog, slingerde parallel aan zee doorheen de groene weiden. Het was frisser, grijs maar droog.


Let op de appelsienenboom naast dit boerderijtje. De weg ging kwalitatief achteruit. De uitzichten bleven mooi, maar de weg zelf verdween en werd een stijgend en slingerend pad.


Een verlaten streek met taaie begroeing, want nabij de oceaan en het kan er flink stormen. De grote steenblokken schijnen al heel oud te zijn, gelegd om pelgrims vlotter te doen reizen. Verschillende kilometer afgelegd op deze reuze kinderkoppen. Kunst kom je ook tegen en een natuurlijke fontein met drinkbaar water .


Drinkbaar water uit de rots
Op en neer gaat de tocht. Geen levende ziel te bespeuren. Het is een stukje desolaat gebied waar ik doorheen loop. Doet me wat denken aan de Landes, maar dan heuvelachtiger. Na 6 a 7 km toch teken van leven.


Toch fijn dat de mensen hier de pelgrims zo welkom heten, getuige dit bord, of de auto die plots naast mij vertraagde en waar de bestuurder met bewonderende blik mij vroeg: Camino? Of een koppel in Zarauts die je kruist en vol overtuiging ‘Buen Camino’ toeroept. Zelfs een paar hulppostjes onderweg ontmoet met water en een box met materiaal voor verzorging.

Uiteindelijk komt de Camino terug in de bewoonde wereld aan in Orio (nee niet de koekjes) via de ermita San Martin. Gesloten. Daar iets gegeten en achter mij zag ik Alex voorbij stappen


Orio zelf is een kleine haven waarlangs een luidruchtige autoweg dendert. Het lawaai weergalmt in de vallei en overdondert na een dag stilte. Het stadje zelf is typisch gebouwd.

De tocht gaat verder, vlak en langsheen de monding met havenactiviteiten en resten ervan.

En zoals steeds volgt een bocht met een klim. De weg loopt eerst langs weiden en eindigt in wijngaarden. Hier wordt een witte tintelende wijn verbouwd. Nette gaarden voor Txakoli.

Eenmaal over de heuvelkam gaat de Camino langs een gewone weg naar beneden naar stadje Zarautz. Strand!

De stad Zarautz is gebouwd in dambord met een lange laan centraal. Daar staan wel wat beelden en monumentje langs.


In de stad zelf even langs gegaan in de toeristische dienst de stempel halen.

Verder gaat het vlak langs een lange promenade die naast de weg aan de rotsen hangt richting Getaria. Mooi maar na 4km wel wat saai. De golven beuken er tegen gigantische stenen blokken. Op zee zie je vissersbootjes dobberen.


Aankomst in Getaria met eerst een koffietje en een leuke ongekende 50ct surprise.

De kerk binnengestapt. Origineel, want door de vele verbouwingen door de eeuwen heen ligt de vloer volledig schuin en zijn doksaal en dgl in verschillende niveaus. Hopelijk zichtbaar op de foto’s.


Ziezo, de wandeling is voorbij. Morgen naar Deba, maar eerst lekker eten en slapen.
































































De tocht startte met het oversteken van de rivier de Nive via de “devilsbridge”, een oude stenen voetgangersbrug.
Gezien het zondag was ging ik nog even langs bij de artisanale bakker, die ik de avond vooraf gespot had, om lokale lekkernijen als mondvoorraad mee te nemen. Een mens moet toch de lokale gastronomie leren kennen, niet? En op zondag moet je er van uit gaan in Frankrijk dat de winkels vaak gesloten zijn. De ervaring leert dat snel tijdens de wandeltocht.
De voormiddag liep de tocht langs de rivier. Het voordeel is dat een groot deel van de tocht onder overhangende bomen liep. Handig als het warm is.
Voor de gieren in de streek verliep de dag zoals gisteren. Dus in de voormiddag zag ik ze vrij goed, na de middag enkel als kleine stipjes hoog in de lucht.
De wandeling verliet de rivier om hier en daar een kabbelend beekje over te steken. Wat verderop liep de weg terug naar de rivier. Daar waren jonge lui aan het raften. Prima weer om te raften. Lekker fris op de rivier.
Wat verderop was een taverne waar een broodje ham kaas lekker smaakte en veel water het verloren zweet kon aanvullen. Want zweten, dus drinken blijft de boodschap. Maar goed ook dat de krachten konden opgedaan worden, want ze waren nodig in de namiddag. Een bergpas moest overgestoken worden.
Een kilometerslang pad klom maar hoger en hoger. Snel ging het niet. Bij elke boom stopte ik even om mijn tikker wat te sparen en wat af te koelen uit de zon. In het nieuws werd gemeld dat hartpatiënten inspanningen moeten vermijden bij warm weer. Maar ik kon moeilijk blijven wachten tot het donker werd. Dus rustig verder klimmen en af en toe stoppen en kijken naar het landschap.












