Etappe 57: Saint-Sever via Hagetmau tot Beyries – 30,6 km (1.502,3 km)

Paasdag – waar is iedereen?

Deze paasdag begon nogal merkwaardig. Ik kwam in zekere zin ook de paasklok tegen. Op zoek naar een hap voor op de middag onderweg stapte ik naar een bakker. Ik ontmoette een man, die me meteen aansprak over de Camino. Hij was ook gestapt maat was nu naar Rome en Assisi gestapt. Vond dat formidabel samen met de vrienden. Dat het belangrijk is om een goede fles mee te nemen en dat het ergste wat kan gebeuren het verlies van de kurkentrekker. Ik volgde hem naar binnen bij de bakker. Toen ik wilde betalen voor mijn brood mocht ik niet want de mijnheer voor mij betaalde zei de verkoopster. Toen ik buitenstapte reed hij voorbij met de wagen, uitbundig zwaaiend.

Saint-Sever heeft een monikkengeschiedenis en is gebouwd rond een klooster. De abdijkerk als centrum van het stadje en ook nog andere gebouwen.

Of deze couvent des Jacobins.

Paasdag was echt heel rustig. Bijna niemand op straat. En eigenlijk valt dat mee, want de tocht loopt vandaag bijna volledig langs gewone wegen. En op deze paasdag is er omzeggens geen verkeer. Mooi meegenomen voor het eerste deel richting Hagetmau.

Weer een ander landschap, licht glooiend en heel veel lemige geploegde akkers.

Het vervelende vandaag was de lucht. Die zag er wel wat dreigend uit. Donkere wolken, maar gelukkig toch geen druppels.

Hagetmau zelf was uitgestorven. Een gezin was in de voortuin aan het barbecuen. Verder alles dicht en stil. Alleen wat verderop was er een sportwedstrijd aan de gang. Ik kon wel niet uitmaken of het een voetbalwedstrijd was of een stierenspectakel.

Volgende stille halte was Labastide-Chalosse. Weinig mensen, ook in de kerk. Maar wel mooi met vele oude beelden, zoals dit altaarstuk.

Doch, je moet niet steeds in kerken en gebouwen naar binnen gaan om mooie zaken te zien. Ook buiten kan het heel mooi zijn, zoals deze mooie bloemen langs de weg.

De tocht door de Landes loopt op zijn einde, het landschap wijzigt. Het wordt glooiender en groener, natter. In zo’n groene vallei naast de weg vond ik de resten van een middeleeuwse kerk en kerkhof. Goed dat er een bord stond want buiten een paar 16de eeuwse grafstenen zag je niet veel meer van La Bastide de Pont la Reine.

Die vochtigere omgeving zorgt ook voor bredere beken, meet water en opnieuw watermolens.

En uiteindelijk ging de weg weer flink klimmen. Die laatste kuitenbijter voorspelt niets goed voor het vervolg van de tocht naar de Pyreneeën. Aankomst in Souslens.

Etappe 51 : Perregrue naar La Reolle – 28,8 km (1.310,4 km)

Nog een beeld van gisteren of hoe men hier bomen restaureert. Polyurethaan schuim inspuiten.

Vrij vroeg vertrokken vanmorgen. De marktplaats achtergelaten en even langs de kerk van Perregrue gestapt.

Blijkbaar was die hoger vroeger. De tocht daalde af naar een riviertje en langs de weg dit sympathieke bord dat eigenlijk geen luxe is op sommige wegen. Gelukkig was het hier rustig.

Maar wie plukt er al die druiven?

Is toch een vraag die je je stelt als je door die opeenvolgende wijngaarden stapt. Duizenden wijnstokken staan hier naast een. De meeste zijn kort geknipt, klaar voor de komende lente en zomer.

Een uitzondering is nog niet onder handen genomen. Zie je het verschil? Vrij intensief werk allemaal.

Tussen die wijngaarden door nog een paar huppelende reeën gezien. Vrij dicht maar foto trekken? Neen.

Een stukje antwoord op die vraag van wie plukt. Veel seizoenarbeiders en fie hebben ook sanitair nodig.

Halfweg de dag door het stadje Saint-ferme gestapt. Zoals zoveel dorpen omzeggens uitgestorven maar de van oorsprong 12de eeuwse kerk is impressionant.

Naarmate de dag vorderde nam jet aantal wijngaarden wat af. Meer akkers verschenen maar de Entre-deux-mers wijngaarden bleven aanwezig.

Wie zou daar wonen? Ruïnes van een kasteel die deels hergebruikt worden als woning. Lekker boven op een rots.

En zo kwam ik aan in Saint-Reole. Heel antiek stadje met minuscuul smalle straatjes en veel huizrn van plak en stak. Ik wou nog een stempel halen in het stadhuis, maar uitzonderlijk gesloten, alle diensten.

Morgenochtend nog eens proberen.

Ondertussen staat Frankrijk verbouwereerd te kijken op televisie naar de brand van de Notre dame de Paris. Vorig jaar was ik er nog en haalde ik er een stempel voor mijn credential.

Vreemd hoe het kan verkeren.

Etappe 48 : Saint-Astier naar Mussidan – 31,0 km (1.222,2 km)

Een stevige wandeling maar heel mooi.

De dag startte zonnig en de ganse dag bleef de zon prominent aanwezig. Vanuit de gite moest ik eerst naar het centrum van Saint Astier wandelen.

Eerst een bezoek aan de kerk. Daar was de organist volop aan het repeteren voor een recital volgend weekend. Een bezoek met muzikale begeleiding.

Daarna wat boodschappen in de lokale supermarkt en uiteindelijk was het toch flink 10 uur vooraleer ik goed gestart was met stappen.

Het landschap was golvend en open, maar de wandeling had vandaag toch 2 flinke daal-en klauterpartijen in peto. Rond 11u30 was ik even gestopt om de eerste van mijn kledinglaagjes uit te spelen of ik ontmoette een stapper, een Fransman die lokaal aan het oefenen was om later de echte Camino te stappen.

Wat verderop stond een richtingaanwijzer met Santiago 1.119 km. En wie fotografeerde? Collega pelgrim Wu, die ik gisteren verlaten had met een “bis morgen”. Hij was 2 maal verloren gelopen deze morgen. We liepen dan samen anderhalf uur verder. Dan liet hij me verder stappen want hij wou toch even rusten.

Wat verderop in de wei heel veel blauwe bloemen. Massa’s orchideeën. Vorig jaar heb ik er al een paar gefotografeerd.

De tocht liep vandaag vooral over paadjes en grindwegen. Wat een luxe. Bijna geen auto’s gezien vandaag.

Een plezier voor een pelgrim onderweg is een zitbank. Hier degene die ik deze middag ontmoette om te lunchen, daarachter een lavoir.

De tocht ging terug naar de rivier L’isle. Dus terug naar beneden en daarna terug naar boven. De hoogste top achter de rug kwam de Camino op een plateau terecht. Gewoon prachtig. Een soort heidelandschap met sparren en heideplanten. En wat een heerlijke geuren. Heel stil ook.

Soms had ik het gevoel dat dierbaren van mij aan het meestappen waren. Een vreemde gewaarwording zo reel was ze. Maar dan ging de tocht terug naar de rivier beneden. Mooie vergezichten waren er te zien.

Beneden ging de tocht lzngs de L’isle naar Mussidan. Het was al 18u30 voorbij eer dat de torens in zicht kwamen.

Morgen staat er weer een dyevige wandeling klaar. Hopelijk ook even mooi.

Etappe 44 : La Coquille – Thiviers – 21,9 km – (1.115,9 km)

Een nieuwe boeiende ontmoeting.

Heel goed geslapen vannacht. Misschien zitten de vele kilometers van gisteren er voor iets tussen. Ingepakt, ontbeten, blauwe lucht en weer op weg. De gite achterlatend.

Het was er heel rustig. Nu in La Coquille is hey heel rustig buiten langs de route nationale die door het dorp loopt. Nog even de kerk bezocht en vertrokke voor een korte rechtlijnige etappe.

Eerst ging de weg over in een grindweg, zakkend naar een dal. Daar beneden lag een oude vervallen watermolen aan een vliedend beekje.

Geen levende ziel te bespeuren en dat zou zo de ganse voormiddag blijven. Niks dan natuur, een afwisseling van weiden en bossen, zonder huis, zonder een levende ziel.

Wel mooi, rustig en soms avontuurlijk met wat modderige strookjes, maar al bij al heel goed begaanbaar. We hebben erger meegemaakt vorig jaar in de Ardennen.

Rond de middag even uitgebreid halt gehouden om wat te pauzeren. Etappe van beperkte afstand en geen tijdsdruk. Met dank aan de gele plastiek zak van Gamemania ideale zitplaats.

De weg liep 10 km rechtdoor om dan naar een riviertje te zakken en een bruggetje erover.

Aan de overzijde van het bruggetje zag ik plots 2 mensen. 3 rugzakken ook. Eén van beide herkende ik als Wu, die ik de dag ervoor had zien vertrekken. De andere pelgrim was een jonge blonde vrouw die aanstalten maakte om te vertrekken. Ik begroette Wu en zei dag aan de vrouw. Zij vroeg of ze mee mocht stappen. Wu was bmijkbaar juist aan pauze toe. En zo ging de tocht verder, maar in het gezelschap van Anna. Een Nederlandse, gehuwd met Spaanse echtgenoot en gestart begin maart in het Nederlandse Sittard. Ze woonde in Schotland en Spanje en vooraleer aan kinderen te beginnen wilde ze nog de Camino srappen, in één ruk tot Compostella. Ze hoopte einde mei er te geraken want dan zou ze vertrekken met haar man naar Azie. Haar echtgenoot vertrok nu naar Chili voor een maandenlange tocht daar. We vertelden elkaar onze verhalen. Het was leuk en gezellig. Even samen op de foto.

Anna hield er wel een stevige tred op na. Gisteten had ze 42 km gestapt, maar dat was toch wat uit de comfortzone vond ze. Ze pikkelde flink vooruit en bergop moest ik al flink doorstappen om haar bij te houden. Zo kwam de eindbestemming in zicht. Anna wou nog wat beelden schieten en dus fotografeerde ik de fotograaf.

Aangekomen in het centrum dronken we samen een koffie in de bar op het marktplein e daarna namen we afscheid. Ze ging naar de camping en zou morgen een wandeling van een 35 km stappen, iets meer dan wat ik van plan ben. Straffe meid.

Etappe 43 : Flavignac – La Coquille – 34,7 km – (1.094,0 km)

Het was een minder goede nacht. Mijn kamergenoot Wu ronkte soms als een vliegtuig met het gevolg dat ik niet zoveel uurtjes slaap heb gehad. Pas was ik goed ingslapen of hij stond rond 6u op om in te pakken en te ontbijten. Hij vertrok rond 7u15, toen ik aanstalten maakte op te staan. Het zou een lange wandeling worden vandaag.

De lucht was blauw en een lichte mist lag in de lagere delen van het landschap. Deze mooie alleenstaande boom zwaaide me uit in Flavignac.

Het landschap was golvend en open. Veel groen. Maar dat blijft nooit lang want plots gaat de Camino naar een rivier in een dal en na een brug gaat de tocht terug naar boven. Vaak via een al dan niet kronkelend bospaadje.

Les Cars en dan Chalus waren de dorpjes van de dag. Het 2de duidelijk de grootste van beide. Even gestopt om er een koffie en een stuk “gateaux de Corse” te smullen.

Maar dat was het midden van de dag en amper een derde van de tocht vandaag. De wandeling trok zich terug op gang.

Nog een laatste blik op de donjon en het stadje wandelde ik terug naar boven, naar de velden en vooral de uitgestrekte weiden waar er terig wat bruine koeien vetschenen. De kleur van de weiden was wel opvallend.

De gele paardebloemen maakten door hun grote aantal er een groen/geel tapijt van. Ik vond het alleszinds heel mooi. Het vervelende van zo alleen te stappen is dat je je indrukken niet kunt delen. En indrukken, die krijg je de ganse dag door. Dus als er kandidaten zijn om mee te stappen, steeds welkom!

Over indrukken gesproken. Onderstaande beeldje getrokken onderweg. Heel vredelievend.

Wat met echter opviel was dat alle ooien (=vrouwelijke schapen) gekleurd waren met rode verf. Ook een aantal lammeren kleurden groen. Maar een aantal van die lammetjes waren rood gekleurd zoals dat op de voorgrond. En na wat scherp toekijken viel het me op dat het bijna allemaal jonge bokjes waren. Zou het lamskroontje met Pasen er voor iets tussen zitten?

De route volgde dan een stukje een spoorlijn. Met heel wat geraas in deze stille omgeving denderde er plots een dieselstel van de SNCF voorbij. De conducteur toeterde vriendelijk toen hij me zag de foto maken.

De tocht leek niet te willen ophouden. La Coquille kwam maar niet in zicht. En als je eenmaal 30 km in de benen hebt en er verschijnt een nieuwe stevige kuitenbijter als helling voor je, dan sakker je wel wat.

Maar uiteindelijk geraak je wél op bestemming. Een gite die nog wat verderop lag en waar ik juist aankwam toen het begon te druppelen. Weer geluk met het weer gehad vandaag! De Thomas More collega’s en studenten die de Camino stappen in Spanje in de buurt van Compostella hebben blijkbaar meer water die uit de lucht valt. Buen Camino en sterkte.

Etappe 42 : Limoges naar Flavignac – 31,1 km (1.059,3 km)

Zoals verwacht een lange wandeling om de stad Limoges te verlaten. ‘sMorgens goot het water. Dus haastte ik me niet om te vertrekken. Gelukkig stopte het met regenen en vertrok ik droog. Wat echt opviel waren de veel gekleurde mensen in de stad. Zeker in het centrum. Ik vermoed dat de blanke bevolking in de mooiere buitenwijken woont.

Wat wel opviel in de stad was de versmarkt díe momenteel verbouwd wordt. Het gebouw achter is de oude versmarkt in verbouwing, de huidige markt gaat door in de witte tent op de voorgrond.Na de vele kilometers om de stad te verlaten kwam ik iets nieuws tegen. Een voetpad naast de weg. Wat een luxe om niet constantte moeten opletten voor aanstormende tegenliggers.

Aixe-sur-Vienne was het eerste stadje van betekenis. Belangrijk wegens oversteekplaats over de Vienne.

Daarna ging de tocht weer omhoog uit het dal en langs een kabbelend beekje met verschillende watermolens (niet meer werkend).

Na een regenloze dag kwamen de wolken terug opzetten zoals je ziet boven het kasteel van La Judie.

En toen ik in Flavignac aankwam was het zacht aan het druppelen.Vannacht overnacht ik in de gemeentelijke gite. Daar kwam ik mijn eerste pelgrim tegen. Wu, 72 jaar, van Mongoolse origine op weg vanuit Koningsbergen Duitsland. Wil het ganse stuk naar Santiago in één keer afleggen. We zijn samen gaan eten en hij vertelde dat hij en zijn vrouw thee verkopen, zij in Keulen en hij in Koningsbergen.

Etappe 41 : St-Leonard naar Limoges – 26,2 km (1.028,2km)

Een speciale ontmoeting

Een etappe die het moest hebben van het begin en het einde. Tussenin een wandeling zonder veel afwisseling, buiten het stijgen en dalen. Ik denk dat er geen 5 meter vlak ligt hier.

Sint-Leonard ligt in een dal. Dus de rivier eerst over via een mooi oud bruggetje. De spoorwegbrug mag ook gezien worden.

En dan het riviertje over doorheen een schattig dorpje

Na de brug liep de route nog even langs het water tot bij een mooi watermolencomplex. Ik denk dat er minstens 3 watermolens in de gebouwen zijn verwerkt.

Wat volgt er na een afdaling naar een brug en water? Inderdaad, een klauterpartij. Deze startte naast een fabriekje voor tegels uit, jawel, Limoges.

Na het geklauter volgde dan een 20 km lange eentonige tocht. Gelukkig zat er hier en daar iets leuks zoals deze auto die blijkbaar al even niet gereden heeft.

Of wat verderop een wei waar ik moest denken aan wat ik ooit aan mijn enige broer zei: zie je broertje staat in de wei…

Wat je wel hebt in Frankrijk is dat het oude erfgoed om de hoek kan liggen. Zoals deze oude kerk die nu bewoond wordt, maar jammerlijk genoeg niet goed onderhouden.

En zo kwam ik na een 15 kilometer wandelen aan in de stad Limoges. Aankomen in steden is nooit leuk omdat je vaak via een drukke invalsweg moet om in het centrum te geraken. En daar zijn voetpaden eerder schaars. Niet leuk als er dan 40-tonners naast je voorbij denderen.

Gelukkig liep de weg dan via een stadswijk verder naar beneden, naar de Vienne en de oude brug waar ik over heen moest. Juist voor ik die brug overstapte werd ik aangesproken door een heer die uit een bar kwam.

Of ik pelgrim was, of ik de Camino stapte? Omdat ik bevestigd antwoordde wees hij naar de bar en zei dat het lokale jacobusgezelschap samen zat op vrijdagnamiddag. Wat een toeval. Ik stapte binnen voor een koffie en maakte kennis met de groep personen die de route bewegwijzert. Met open armen werd ik ontvangen.

Ze hoorden mij uot over mijn ervaring tijdens de wandeling en vroegen naar waar de route aanduiding beter kon. Een plaatsje kon ik aanduiden. De stempels werden in mijn credentialboekje gezet en als aandenken kreeg ik nog een aanduidingssticker. Leuk.

Van de barman kreeg ik nog een porseleinen schelpje mee als aandenken.

En zo kon ik de brug over naar de kathedraal van Vezelay.

Nog wat klauteren en ik was op bestemming bij dit gotische bouwwerk dat ik dan even bezocht. Toch eens een selfie.

Slapen doe ik in de buurt van het grote stationsgebouw in Limoges. Indrukwekkende constructie.

Andere opvallende verschijning in de stad zijn de bussen. Geen stinkende dieselmotoren maar electrisch… trolleybussen.

Tot morgen.

Etappe 35 : Châteauroux – Saint-Marcel – 34,6 km (887,6 km)

De kop is er af!

Onder een stralende zon vertrokken deze morgen en die zon zou de ganse dag mij vergezellen. Het voelde eigenlijk meer als meimaand aan, dan eind maart! De narcissen en de hyacinten in het bos zijn uitgebloeid en langs de weiden bloeit de meidoorn.

Vandaag was de caminotocht zoals vaak in 2 delen opgesplitst: eerst een tocht door het bos en vervolgens ging het verder door een heel gevarieerd landschap.

Een lange rechte lijn doorheen bossen. Zo een 14 kilometer lang. Zoals gemeld zijn enkel de bladeren van de narcissen aanwezig. De bloemen zijn er jammer genoeg niet meer.

Na de middag ging het landschap over in een mengvorm van velden en bosjes. Ideaal voor hertjes en ja hoor, plots sprongen er 3 de weg over.

Het is me zelfs gelukt een foto te maken. Natuurlijk waren ze snel weg.

Ander opvallend feit. Veel lege boerderijen. Vaak ook toegankelijk. Eigenlijk zou je er kunnen overnachten mocht je een slaapzak meebrengen. Maar ik zou niet willen weten welke wezens mee komen slapen…

Veel waterplasjes verderop. Met hier en daar mooie gebouwen erbij. Leven als God in Frankrijk.

Uiteindelijk ging de tocht verder tot in Saint-Marcel, een stadje langsheen de rivier de Creuze. Morgen gaat de tocht eerst langs die Creuze.

Tot dan.

Etappe 33 : Van Neuvy-Pailloux naar Châteauroux – 25,4 km – (849,6 km)

Dit wordt weer een dag met een stopbord. Het is de bedoeling om vandaag de dikke 20km te overbruggen naar Châteauroux en dan om 16u18 de trein huiswaarts te nemen, want het thuisfront roept. Daarom ook is het vertrek heel vroeg (om 8u) uit Neuvy-Pailloux. Een typisch Frans dorpje met kerk, mairie en dorpsschool rond het gemeenteplein met zijn oorlogsmonument.

20180530_0817505411210783737564264.jpg

De tocht loopt verder over en even langs de spoorlijn waar ik straks over heen naar Mechelen rij. Vervolgens gaat de tocht weer over een grindpad door de velden.

20180530_0858361949138432980584862.jpg

Er volgen stukken rustige departementale tussen jonge zonnebloemscheuten en graanvelden. De zonnebloemplantjes zijn nog heel klein. Wat verderop een schitterend korenveld gezien vol klaprozen en blauwe korenbloemen. Heel mooi. Zal wel een bio veld geweest zijn.

20180530_092119108422585238261333.jpg

Omdat het zo mooi is een 2de foto.

20180530_0920093612129484812739607.jpg

De zon klom stilaan hoger en de weg slingerde van departementale naar veldweg en terug naar departementale. Het werd zwoel. Dat betekent dus zweten en vaak drinken.

20180530_0932531650009473252411519.jpg

Soms kom je echt vreemde dingen tegen onderweg zoals een put langs de veldweg in ‘the middle of nowhere, geen huizen in de buurt. En toch een put met flink wat dikke elektriciteitskabels in. Waar zouden die heen lopen?

20180530_0946514278220846172482166.jpg

De wandeltocht loopt dan verder het langs een bos. Na een bocht zag ik in de verte een groot oud herenhuis. Tegenover het huis daalde een landwegje af tussen de velden naar een lager gelegen bosje. En een 10-tal meter lager zag ik een koppeltje oudere mensen zitten. Het leek dat ze een intiem gesprek hadden. Zo een dingen ga je niet vragen. Dus liet ik ze gerust en stapte richting dorpje met een bekende naam. Diors.

20180530_1025572012121138928344864.jpg

Daar stonden een paar zitbanken in de schaduw van grote lindebomen. De ideale plaats om te drinken en wat te bekomen. Na een kwartiertje de rugzak terug op de rug en klaar om verder te trekken. Vergeet niet dat de trein niet wacht! Komt er daar een klein ouder mevrouwtje met grote rugzak de straat over gewandeld. Ik ben toch even dag gaan zeggen want zij maakte aanstalten om ook even te gaan zitten op de bank waar in juist van was opgestaan.

Zij bleek ook aan de wandeltocht bezig te zijn en ook zij stopte vanavond in Châteauroux wegens andere activiteiten om dan later verder te doen. Ze was samen met een vriend uit Japan die achter kwam. En inderdaad, in de verte naderde langzaam een andere wandelaar. Blijkbaar was dat het stel dat daar naast de weg zat. We wenste elkaar verder goede tocht.

20180530_1133287219310172066625749.jpg

Bij het naderen van de stad was de departementale er terug. Vrij druk ook en eigenlijk weinig plaats voor het stappen. Ik probeerde achter de vangrail te stappen. De muisjes en hagedisjes sprongen voor me uit. Na een flink aantal kilometers en 2 ronde punten ging de weg door een oude kazerne van de logistieke eenheden. Die oude kazerne wordt momenteel omgebouwd tot logistiek centrum én scholencampus buiten de stad. Dan draaide de route even weg van Châteauroux om naar de ruïne van een cisterienser abdij te gaan. Op de velden daar nog een bos zien weg springen.

20180530_1334401205645306509858106.jpg

Daar mijn stempel opgehaald. Is al eeuwenlang een halteplaats op de camino vanuit Vezelay.

20180530_1335597796612727217873524.jpg

Ondertussen schoven dikkere wolken langs. Zoals vorige keer begon het hevig te regenen bij aankomst op mijn halteplaats. Ook in toerisme bureau stempel gehaald en even naar de post om de kamersleutel van de gite terug te sturen. Ik had die sleutel per ongeluk in mijn zak mee.

20180530_1404171004063507889295597.jpg

Ik was ruim op tijd en om 16u12 vertrok ik uit het natte station en om 21u18 was ik thuis via Parijs.

20180530_1610152940681767314008502.jpg

Ik kijk er nu al naar uit om wandeltocht verder te zetten. Bedankt voor het volgen.

Etappe 31 : Van Bourges naar Charost – 25,3 km – (787,1 km)

Rond 9u terug op stap. Eerste mooie beeld van de dag. Bourges nog niet verlaten en ik kon deze bloemmolen trekken. Werkt nog!

Zoals gisteren weer een lange wandeling voorstad, maar nu om de stad te verlaten. Er wordt heel wat gebouwd. De Fransen willen blijkbaar een nieuw huis buiten de stad. Liefst met tuin en garage voor de auto die je nodig hebt om naar de stad te rijden.

Daarna wat wandelen door het industrieterrein. Deze windwijzers waren werkloos vandaag.

Wel een foutje gemaakt bij het inkopen. Omdat ik wel veel water gedronken had gisteren kocht ik wat door. 6 flesjes (te laat gezien van 0,5l) en dan 6 fruitsap van 0,2l en wat yoghurt. Ik zit aan bijna 5 kilo! Dat voelde ik meteen aan de rugzak. Pfff. Wat een gewicht mee te sleuren. En dan startte de wandeling langs een wapenfabriek. Groot terrein. Alleen was het stappen op een drukke verkeersweg.

De rustige weg lag langs de fabrikant en daar mocht je niet op. Wat verderop ging het toch even door wat velden. Met orchideetjes.

En dan dwars door een bos. De Franse architect had me gisteravond een foto getoond van everzwijnen die hij gezien had. Bij mij zijn het enkel sporen van die lieve dieren.

Daarna bleef het pad naast een streng verboden bos met vele dreigementen bordjes. Schietoefeningen, mijnen, edg. Ik kreeg bijna zin om te gaan kijken want ik hoorde allerhande machines grollen achter het struikgewas.

Dan weer bos is met slechts onderbreking voor een weg…. waarlangs elektriciteit wordt vervoerd. Hoogspanningskabels dus.

Hier moet je niet omlopen zoals gisteren…

Wat wel opvalt is dat de natuur hier wat voor op ons Vlaanderenland. Vee kersen eten jullie nog niet denk ik. Hier is het stilaan pluktijd.

In Morthomiers even gepauzeerd bij de rivier. Mooi plantenschouwspel. Die witte bloemen slingeren heen en weer met de stroom.

Vandaag zat het venijn in de staart. Meer dan 6km stappen langs een drukke weg doorheen het bos. Regelmatig moest ik in de berm springen om niet weggeblazen te worden door voorbij razende wagens en vrachtwagens.

En dat is nog niks, maar als die berm vol staat met jonge brandnetels…Brr.