Etappe 99 – San Marcos naar kathedraal van Sint Jakob in Santiago de Compostella- 6,4 km – 2.458,0 km – dag 32

1.494 pelgrims kwamen vandaag hun certificaat ophalen in Santiago. En één van hen ben ik dan.

Een van de laatste Camino wachters.

Een van de laatste Camino wachters toonde me de weg. De autoweg over en de stadsring. Een signaal dat ik er was en daar was het bord dat ik de stad introk. Vanaf nu enkel huizen.

Santiago here I am.

Het was nog vrij vroeg. Nog geen 10u en weinig volk op straat. Wel een eenzame pelgrim voor mij die de stad introk. Na de verplichtte tocht door de voorstad komt het oude stadsdeel.

Kathedraal nadert

Wat meer beweging. Smallere straten. De torens van de kathedraal duidelijker. Een pelgrim extra en daar zijn de statige gebouwen.

Alles onder één stralende zon. Fijn dat ik zo vroeg ben want ik kan het moment goed beleven. Velen stappen in gedachte met me mee.

Langs steegjes, trapjes en uiteindelijk door een overdekt straatje gaat het naar beneden.

De laatste meters zijn trappen

En daarna een bocht naar links en kom ik op het ruime bijna lege plein voor de kathedraal.

Kathedraalplein

Hier en daar zit of ligt een pelgrim op de stenen. Hoera, ik ben er. Het doel van de tocht is gehaald na zoveel stappen dagen, maanden, jaren…

Hoera, aangekomen na die gele stappen.

Na het ogenblik intens beleefd te hebben de paar pelgrims die ook aangekomen waren gevolgd naar het pelgrimcentrum. Daar de oorkonde afgehaald. Dat liep ontzettend goed. Eerst digitaal voorregistreren en dan naar een loket voor de afhandeling, de finale stempel en de Compostella.

De oorkonde

En dan tijd voor het ontbijt. Tijd om alles te laten bezinken en te kijken hoe de stroom pelgrims aanzwelde stilaan. Na mijn 2de koffie was het al flink druk aan het centrum.

Gezellige drukte

Terug naar het kathedraal plein om de dag verder te plannen en Santiago te bezoeken. Transitie van pelgrim naar toerist.

Indrukwekkend

Het verslag van wat ik verder in de stad zag wordt etappe 100.

Etappe 96 – Pobra de Parga naar Sobrado dos Monxes – 25,0 km – 2.356,5 km – dag 30

Een leuke verassing van de pensionuitbater. Vanmorgen kregen de aanwezige pelgrims een ontnijtpakket met elk zo een leuke getekende pelgrim. Naast de 3 Spaanse pelgrims, die ik vorige dagen al zag was er ook de Franse Laure. Een verpleegster die de Camino in omgekeerde richting!

Ze waarschuwde ons voor de cultuurschok. Op de andere Camino is het werkelijk veel drukker. Mensen zijn gehaast en duwen elkaar bijna van de weg. Zij hoopte naar Metz terug te stappen, maar was niet altijd evident om de pijlen van de Camino wachters te vinden. Maar ze kon wel genieten van de rust op de Norte zei ze.

Het had blijkbaar weer flink geregend vanacht en de start was in de mist.

Waterzonnetje

Rustig glooiend door bos en veld komt de Camino aan bij een breder riviertje. Wat verderop is een watervalletje. Midden in die poel steekt een rotspunt uit het water en daarop zit een bruine vogel met grote witte borstplek. Een waterspreeuw! Het is de eerste keer dat ik die zo goed zie. Knap! Natuurlijk gaat de vogel vliegen wanneer ik die wil fotograferen.

Daar zat dus die waterspreeuw

De rest van de voormiddag gaat de wandeling langs aardewegen zonder één mens of auto te zien. Wat hoger en droger.

Wat lager en wat natter op een oude heirbaan die 2.000 jaar lang amper onderhouden werd.

Of nog lager waarbij je je afvraagt hoe je hier nu weer droog over geraakt.

Waar is mijn polsstok?

Gewoonlijk loop je in de loop van de dag wel door een dorp of stadje, maar vandaag niets van dat. Enkel bomen, bos, velden en weiden met op het hoogste punt als hoogtepunt deze windmolens.

Hier wordt elektriciteit gemaakt.

Natuurlijk levert de hoogte mooie vergezichten op als de bossen juist gerooid zijn. En ik moet toegeven dat dit samenspel van groen, blauw en witte wolken mooi is.

Kleurenpalet

Eenmaal over de heuvelkam loopt de Camino in een andere provincie. Ook de weg verandert.

Gedaan de rots en aardewegen. Bijna de ganse namiddag loopt de route langs deze weg. Met auto’s en vrachtwagens die voorbij rijden en soms vliegen. Betekent continu op je hoede zijn.

Bijna aangekomen in Sobrado (dos Monxes). Voor mij zie ik terug de 3 Spaanse pelgrims lopen die vorige nacht ook in de herberg waren. Boven hen wordt de lucht donkerder en dan beginnen de druppels te vallen.

Wat hangt boven ons hoofd?

Niet enkel regen, maar de donder doet ook mee. Een heel luide knal zorgt er voor dat de stapsnelheid meteen naar omhoog gaat. Maar de regen is snel over wanneer ik aankom in Sobrado die als dorp volledig rond een oud cisterienzen klooster is gebouwd.

Toegangspoort kloostet

Knap staaltje Gallische barokstijl

Overnachten doe ik in een herberg die inde tuin van het klooster ligt. Is heel aangenaam en rustig, ware het niet dat de klok elkaar en half uur slaat. Hopelijk stopt dat tijdens d4 nacht? Antwoord: morgen.

Ps: antwoord vraag over plant die je langs de weg vindt hier. Het gaat over venkel.

Etappe 95 – Vilalba naar Pobra de Parga – 27,7 km – 2.331,5 km – dag 29

Door het stille groen.

Vertrek uit Vilalba gaf toch een hoopvol beeld. Een oude toren die mee is geïntegreerd in nieuwbouw. Blijkbaar een hotel.

Lekker slapen in oude toren.

Vandaag had ik de indruk in een groot weinig onderhouden Bokrijk te lopen. Veel natuur en af en toe oude gebouwen, triestig onderhouden.

Voor de culinairen onder jullie. Deze plant zie je vaak langs de weg. Idee wat het is? Wordt in de keuken gebruikt en er is ook een gekende drank die er van wordt gemaakt.

Antwoord morgen. De Camino wachter geeft 118 km aan. Dat betekent dus vanavond onder de 100! Hoera.

Eerste bokrijk gebouw, deze watermolen in verval. Het kabbelend beekje doet nog zijn werk, maar de molen heeft betere tijden gekend. De wegen zijn goed begaanbaar. Er zijn zelfs stroken bij waar volgens mij Julius Caesar nog is gepasseerd. Of was het een andere Romeinse veldheer hier in de streek?

Heirwegbrug?

Als ik aan een heerbaan denk, dan denk ik aan zo iets. De weggetjes en paden zijn vaak afgezoomd met platte stenen. Soms geeft dit zelfs een tunneleffect.

Ze hebben iets prehistorisch, iets Keltisch vind ik. Veel mos die al die spullen een oude originele look geeft. Zoals gisteren weer een kerkhof gotische stijl bij de oversteek van de grote weg.

Naast bouwsels, erfgoed (er rijden hier wagens rond die ik al 30 tot 40 jaar niet meer heb zien rijden) is er nog steeds de natuurpracht met vogels allerhande en deze paddestoelen bv.

Ik moet eerlijk zijn. Ik heb ze opgemerkt omdat één van de voor mij lopende pelgrims ze fotografeerde. 3 Duitsers op stap, die wat verderop halt hielden om te drinken. Ik drink een grote als ik de 100 voorbij ben zei ik hen.

Duitse kolonne

En wat verderop opnieuw een stukje Bokrijk. Oud bruggetje met daar juist een Spaanse pelgrim op. Leuk toch.

Compostella, hier kom ik.

Ondertussen was ik Baamonde genaderd. Vooraleer in de stad aan te komen de Parijzenaar ontmoet die ik feliciteerde met de overwinning van Macron. (Hij is hevige fan en ook van Verhofstad) Pratend gingen we dus naar Baamonde en daar hebben we samen gegeten. Reiner, de Nederlandet, zat er ook en was juist klaar met eten. In San Alberte deze mooie kapel en nog mooiere boom gespot. Beide kunnen in Bokrijk. Alhoewel het spreekwoord zegt dat je oude bomen niet verplant. En samen kwamen we dan aan de 100km.

Eigenlijk is er geen 100 km Camino wachter, maar een aantal goede zielen hebben dan maar zelf monumentje gemaakt om de 100 km te plaatsen en 6 meter voor de wachter vind je dit.

Nog 100 km

Leuk. Na de strook langs de weg draait de Camino de bossen in voor een laatste kapel.

Boskapel

En dan weer iets vreemds. 2 Camino wachters. Met 2 verschillende afstanden! Plots krijg ik er een kleine 10 km cadeau.

Links of rechts?

De keuze is de oude wat mer bewoonde langere route of de ‘eenzamere’ kortere route. Die laatste is het geworden en dus ben ik vertrokken voor een 20 km door bos en wei. Toch vind je hier af en toe constructies.

Heel stil allemaal. Er is wel een werknemer en verderop staan nog een 3-tal van die constructies. Met omheining en bord verboden toegang. Megastallen? Of iets anders? Was het niet in noord-spanje dat de grootste cannabis plantage werd gevonden? Spannend spannend.

Etappe 94 – Abadin naar Vilalba – 21,0 km – 2.331,5 km – dag 28

Overgangsetappe, rustetappe, losloopetappe. Noem het hoe je wil, maar opstaan was heel lastig vanmorgen.

Groen, zacht glooiend.

Wat een verschil met gisteren! Geen hard klimmen, maar zacht glooiend. Een groene wereld waar je door stapt, van dorp tot dorpje. Af en toe een beekje met zijn brugje.

Spanje is klaar om pelgrims te ontvangen.

De weg is hier goed begaanbaar. Er werd hard gewerkt om pelgrims te laten stappen in veiligheid zoals deze spiksplinternieuwe brug toont.

Blauwe lucht.

Stralend blauwe lucht en al snel mogen er kledinglaagjes uit. Ik heb de indruk dat het hier vooral ’s avonds regent. De dag startte blauw en eindigt grijs. Maar dan ben ik dus binnen.

De Camino del Norte volgt zo wat de grote autoweg en vaak gaat die er onder door of overheen. Weinig pelgrims te zien eigenlijk. Nederlander Reiner een paar keer. We kwamen samen aan op bestemming aan vanavond.

Holle weg

Heerlijk holle wegen ook. Dat moet vooral in de warme maanden voor afkoeling zorgen. Pelgrims wandelen door een groene tunnel werkelijk. Rond 14 u lunchtijd. Een idyllisch plaatsje gevonden dit keer. Een oud brugje, banken, lommer en rust. Hier is Caesar nog gepasseerd.

Picknicken

Wat een rust, wat een kalmte. In al de tijd dat ik er zat passeerde niks of niemand. Reiner vertelde me achteraf dat hij er ook gestopt is om te eten.

Idyllisch

Bij het oversteken van de N634 viel dit kerkhof op. Een Gotisch kerkhof zegt de gids.

Gotische stijl kerkhof

Wie wil daar begraven worden. Nu begraven doet men hier niet in de grond, maar wel bovengronds. Vreemd ook dat heel vaak de Camino een dorp binnenkomt of verlaat via het kerkhof.

Aankomst in Vilalba. Erfgoed zien liggen langs straat. Jammer dat industrieel materiaal noem maar erfgoed zo verwaarloosd wordt. Ik kon eigenlijk mijn ogen niet geloven. Kijk maar naar naamplaat.

Avelino porter rochester

Het is blijkbaar een stoommachine pletwals. Prachtig, maar wel wat werk aan!

Eigenlijk is er aan heel vilalba werk aan. Veel huizen in erbarmelijke staat. Te koop of over te nemen. Gelukkig werd in het hotel gerenoveerd. Toch een positieve toekomst. Pelgrims, kom maar af! Welkom.

Er is werk aan

Etappe 77 – Liendo naar San Miguel de Meruelo – 27 km – 1963,0 km – dag 12

Van zonneschijn naar regen. In tegenstelling tot gisteren volgde ik vandaag de markeringen en niet de gidsen. Deze laatsten sturen de pelgrims via de weg naar Laredo, maar de gemarkeerde route loopt naar de kust en is daar een kustpad met prachtige vergezichten.

Liendo in een groene vallei

Liendo ligt in een vallei die veel regen krijgt vanuit zee. Je ziet het eraan. Water en groen overal. Ik was het pension pas verlaten of ik werd bijgehaald door een lange pelgrim. Het was een Duitser die vanmorgen rond 6u30 vertrokken was een paar dorpen verderop. We keuvelden wat. Hij komt uit Düsseldorf en heeft vorige jaren reeds de Camino Frances afgestapt. Toen de weg begon te klimmen had ik last zijn lange benen te volgen en liet ik hem verder stappen.

Pelgrim in de verte

Het pad startte als bospad. Ik moet toegeven dat ik wat ongerust was, want noch kaart, noch beschrijving klopte met wat ik zag. Maar de dag was vroeg, de etappe niet zo vreselijk lang en de markeringen heel goed. Wat hogerop een ruïne.

Een paar gieren vlogen op en gingen de hoogte in. Grote cirkels draaiend. Wat een gigantische vogels zijn dat toch. Naar omhoog klauteren werd duidelijk dat de bomen langzaam kleiner werden en plaats moeten maken voor struiken. Het landschap breekt open en de vergezichten komen tevoorschijn.

Op en neer gaat het pad. Soms vervaarlijk dicht bij de rand. Niet dat ik gevaar liep, maar ik ben geen ‘stoeten’ in de hoogte.

Het wandelpad, of wat er moet voor doorgaan verandert van richting en gaat ook langzaam naar beneden. En plots opent zich het zicht op de baai, op de zandstranden van Laredo, de bestemming voor de middag. Daar wacht de veerboot.

De baai van Laredo

Een steile afdaling over een stenig pad vol scherpe keien en blokken brengt me via weiden naar het oude centrum. Smalle straatjes en oude gebouwen langs tot in het levendige centrum waar de terrastafels buiten gehaald werden. Het was nog steeds droog, maar de wind ging harder blazen. Meer wolken verschenen ook.

Naar het oude centrum van Laredo

Een gigantisch strand daar in Laredo. En in het water wat surfers, op het strand wat wandelaars met hond. Ongelooflijk hoeveel honden er hier zijn. Elk Spaans huis heeft minstens één viervoeter.

Strand met veel zand

De namiddag was wat saaier. Eerst volgde een kilometers lange tocht langs een promenade. Gelukkig kwam er achter mij plots de Duitse pelgrim van deze morgen opdagen. Reinert heet hij en vandaag stapte hij tot aan de andere zijde van de rivier, in Santona.

Eindeloze wandeldijk

Na 5 a 6 km wandeldijk kwamen we op het einde van het zanderige schiereiland. We hadden geluk. De overzetboot was er juist om 4 jonge pelgrims, ook Duitsers bleek, mee te nemen.

Voor 2 euro vaarden we naar de andere kant.

Santona is een gekende naam voor ingemaakte vis in blik in Spanje. Verschillende winkels prezen hun viswaar aan. Vooral ansjovis zag ik.

Etalage met vis in blik.

Even lunchpauze en dan ging de route verder, weer een lang vrij saai stuk voetpad. Het enige spannende was dat die langs een grote gevangenis liep. Ik hoopte of er een gevange probeerde over de hoge muur met prikkeldraad met grote pinnen zou klimmen maar het bleef rustig.

Gevangenismuur

De dag bood eigenlijk niet veel spectaculairs meer. Voetpaden en wat verderop landwegen. Het begin grijzer en grijzer te worden en de druppels kwamen naar beneden. Rinkel deze schattige Jacobus gezien.

Droge pelgrim

Vergelijk hem maar met die natte pelgrim die zich moet beschermen met zijn regencape.

Natte pelgrim

Langs de (natte) landwegen was het rustig heel rustig. Alleen een paar houthakkers met stevig materiaal.

Boomzaag industrieel
Rustige landwegen

Tenslotte terug een drukkere weg met voetpad en nogal wat auto’s. Een arme das was recent aangereden. Wat is dat groot! Zeker de grootte van een middelgrote hond, zoals Basiel. (de hond van Dries en Manon). Ik trok er een foto van, maar vond het zo triest dat ik hem hier niet plaats. Aangekomen in San Miguel. Hopelijk geen regen meer morgen.

Etappe 76 – Castro Urdiales naar Hazas Liendo – 25,7 km – 1936,0 km – dag 11

Ik moet eerst iets bekennen. Vandaag heb ik een stukje afgesneden van de officiële route en die uit de gids. Anders zat ik weer een stuk in de 30 km en gisteren had ik al een ferme portie groen gehad. Daarbij gaan de temperaturen flink de hoogte in en zit ik nu met een rode (verbrande) neus. De start verliep door Castro Urdiales langs een saaie stadslaan.

Verschillende kilometer stappen eer ik in het centrum was, nabij de zee. Maar daar was het wel één van de hoogtepunten van de dag. Koffietje met prachtig uitzicht.

De haven, kerk en vuurtoren van Castro Urdiales.

Daarna de stad uit via weer kilometers lanen allerhande. Onderweg toch wat verwondering met deze muurschilder aan het werk. Benieuwd wat hij uit zijn spuitbussen tovert.

Muurschilder aan het werk.

De route veranderde pas bij een typisch Spaans gebouw. De Arena. Daar ging de route naar de autoweg om via een pad ernaast richtingIslares te gaan.

Een mooi pad. Let op de prachtige blauwe lucht! Vandaag was het uitkleeddag. Om het uur ging er wel een laagje uit. En vergeten me in te smeren vanochtend. Dus kreeftjeskleur vanavond. De autoweg kwam dichterbij. Veel lawaai. Maar daar helpen de oortjes en de muziek wel tegen.

Wandelweg, autoweg en oceaan

Voorbij het dorpje Cerdigo gaat de wandelweg onder de autoweg door en wordt het een kustpad, eerst tussen de bomen en daarna langs de klippen.

Geiten kom je vaker tegen

Je loopt er door een paar weiden met afgewisseld geiten en schapen. Hogerop verdwijnen de bomen en worden de vergezichten over rotskust en zee mooier en indrukwekkend.

Daar is de zee

Boven de kliffen heb je schitterend zicht. De meeuwen zijn present en ik kon zelfs een jonge Jan van Gent spotten. Zeer herkenbaar. Jammer dat ik er geen foto kon van trekken.

Uitzicht richting Islares

Aankomst Islares. Daar volgt de route de monding van een rivier. Ook hier weer een wild estuarium waarbij water ongehinderd naar zee vloeit. Een paar surfers oefenden op de veel te kleine golven. Hard surfen was moeilijk.

Strandje van Islares met surfers

De route wordt dan vrij monotoon langsheen de nationale verkeersweg. Tot Nocina loopt de Camino naast die weg. Toch een leuk plaatsje gevonden om te picknicken. Mooi uitzicht op het estuarium. Terwijl ik aan het eten en rusten was kwamen er toch een koppel en één enkele pelgrim voorbij gesjokt.

Voetpad naastde weg.
Picknick time met zicht op monding.

Dan gaat de officiële route nog een toer van bijna 20 km rond in de binnenlandse heuvels. Ik nam echter de hoofdweg verder. Die liep af en toe langs de autoweg ook. Dus wel wat kabaal. Ook een stukje via een paralel bospad.

Uiteindelijk kwam ik op bestemming aan. Liendo, een heel stil dorpje. Wat ingeslapen. Of viel die stilte op omdat ik toch vaak langs snelwegen stapte vandaag? Vanavond nog wat verder gewerkt aan de planning van de volgende etappes. Ook die worden heel gevarieerd kon ik vaststellen.

Etappe 74 – Bilbao naar Zierbena – 22,8 km – 1883,3 km – dag 9

Een haven in transitie

De Camino is niet één weg, maar eigenlijk een kluwen van mogelijke paden richting Compostella. Vandaag had ik de keuze uit diverse routes. Ofwel terug omhoog door het groen, of één van de routes langs de rivier richting de monding, richting de zee. Omdat het vlakker was, maar vooral om eens iets anders te zien koos ik de rivier. En het viel niet tegen verre van.

Vanuit het stadcentrum kom je al snel aan de promenade en meteen wordt je geconfronteerd met de maritieme geschiedenis. Een museum en museumweekend zien er heel interessant én levendig uit.

Museum scheepswerf

Onder het zeildoek wordt een houten schip hersteld volgens oude methodes. Er is werk aan.

Planken moeten vervangen worden, ook van de romp. En die planken moeten dus verbogen worden ZONDER breken. Omdat de roots van schoonvader Alex zaliger in de schrijnwerkerij (wagenmaker) lagen onderstaand beeld.

Het plooien van planken.

Voor de Kv supporters, mocht KVM doorstoten Europees én ze moeten tegen Bilbao spelen, dan is dit het stadion van het Spaanse thuistreffen.

Stadion van bilbao

Je ziet echt van alles onderweg. Zoals elke oude haven moet ook Bilbao zich aanpassen. De oude haveninfrastructuur, die eigenlijk bijna niet meer gebruikt wordt en verloederd zoekt andere toepassingen of maakt plaats voor bewoning. Veel voorbeelden gezien langs de voortreffelijke promenade.

Prachtige gevel op zoek naar nieuwe bestemming.

De route is meestal goed aangegeven, alleen bij een schroothoop kan je niet meer door en moet de route een omweg nemen. Toen ik stond te twijfelen met mijn kaartje sprongen meteen hulpvaardige Spanjaarden toe om mij op de goede weg te zetten. Met heel veel Spaanse woorden waar ik jammergenoeg zo weinig van versta.

Hier moet je uitkijken, welke kant uit?

Al dat bouwen, verbouwen, verkommeren, restaureren, enz geeft een zekere lelijkheid maar ook schoonheid en charme aan de stad. Vooral als je dan nog eens zicht hebt op de bergen.

De wandeling gaat verder langs de promenade. Veel volk op de wandel, jong en oud. Spanjaarden wandelen veel, de ouderen toch.

Barakaldo nieuwe stadswijk.

Verderop is al flink afgebroken en hele nieuwe woonblokken zijn neergezet. Bilbao is druk bewoond. Ik las ergens dat helft bewon ers Baskenland in die agglomeratie wonen. Barakaldo en dan Sestao zijn plaatsen waar heel veel haven verwijderd werd ten voordele van woonblokken. Maar toch staat er nog productie van een gekend bedrijf. Arcelor Mital, staal. Maar ook daar staat industriële archeologie te roesten.

En toch weeral die transitie. Centrale buurtverwarming met gerecupereerde warmte van de fabriek.

En dan nader ik Portugalete met een bijouke van metalen constructie. Er bestaan slechts een 5 tal van deze overzetsystemen. Lieve schoonbroer Frank liet me weten dat dit de eerste transportbridge is.

En dat ding functioneert. Voor 50ct reis je naar de overzijde. Dus ikke heen, koffie drinken, en terug. Superhandig.

Voetgangers, fietsers, auto’s gaan mee naar de overkant.

Ziezo, dat hadden we dan gehad. Een “vaut le voyage” attractie. Industrieel erfgoed op zijn best.

Daarna ging het verder richting monding. De bedrijven en constructies werden moderner. Bij de zeevaartschool (met prachtig zwembad!) Staat een vissersboot van eind vorige eeuw.

Te bezoeken. Maar wat verderop ligt een nog actieve scheepswerf, en daar worden de moderne visserijboten bewerkt. Wat een verschil. Groter, efficiënter, nieuwe technologie.

En zo zie je dat alles in transitie is naar meer efficiëntie en meer duurzaamheid. Het is verre van gerealiseerd, maar de transitie is volop bezig, dat is duidelijk. Het laatste plaatje van de haven toont dat nog beter met oa windmolen fragmenten die verscheept moeten worden, edg.

Aankomst in Zierbena om daar te overnachten. Ferryhaven.

Zie hoe blauw alles geworden is. Zonnig maar koud. Zo een wandeling doet je wel honger krijgen! Vanavond vis op het bord!

Etappe 57: Saint-Sever via Hagetmau tot Beyries – 30,6 km (1.502,3 km)

Paasdag – waar is iedereen?

Deze paasdag begon nogal merkwaardig. Ik kwam in zekere zin ook de paasklok tegen. Op zoek naar een hap voor op de middag onderweg stapte ik naar een bakker. Ik ontmoette een man, die me meteen aansprak over de Camino. Hij was ook gestapt maat was nu naar Rome en Assisi gestapt. Vond dat formidabel samen met de vrienden. Dat het belangrijk is om een goede fles mee te nemen en dat het ergste wat kan gebeuren het verlies van de kurkentrekker. Ik volgde hem naar binnen bij de bakker. Toen ik wilde betalen voor mijn brood mocht ik niet want de mijnheer voor mij betaalde zei de verkoopster. Toen ik buitenstapte reed hij voorbij met de wagen, uitbundig zwaaiend.

Saint-Sever heeft een monikkengeschiedenis en is gebouwd rond een klooster. De abdijkerk als centrum van het stadje en ook nog andere gebouwen.

Of deze couvent des Jacobins.

Paasdag was echt heel rustig. Bijna niemand op straat. En eigenlijk valt dat mee, want de tocht loopt vandaag bijna volledig langs gewone wegen. En op deze paasdag is er omzeggens geen verkeer. Mooi meegenomen voor het eerste deel richting Hagetmau.

Weer een ander landschap, licht glooiend en heel veel lemige geploegde akkers.

Het vervelende vandaag was de lucht. Die zag er wel wat dreigend uit. Donkere wolken, maar gelukkig toch geen druppels.

Hagetmau zelf was uitgestorven. Een gezin was in de voortuin aan het barbecuen. Verder alles dicht en stil. Alleen wat verderop was er een sportwedstrijd aan de gang. Ik kon wel niet uitmaken of het een voetbalwedstrijd was of een stierenspectakel.

Volgende stille halte was Labastide-Chalosse. Weinig mensen, ook in de kerk. Maar wel mooi met vele oude beelden, zoals dit altaarstuk.

Doch, je moet niet steeds in kerken en gebouwen naar binnen gaan om mooie zaken te zien. Ook buiten kan het heel mooi zijn, zoals deze mooie bloemen langs de weg.

De tocht door de Landes loopt op zijn einde, het landschap wijzigt. Het wordt glooiender en groener, natter. In zo’n groene vallei naast de weg vond ik de resten van een middeleeuwse kerk en kerkhof. Goed dat er een bord stond want buiten een paar 16de eeuwse grafstenen zag je niet veel meer van La Bastide de Pont la Reine.

Die vochtigere omgeving zorgt ook voor bredere beken, meet water en opnieuw watermolens.

En uiteindelijk ging de weg weer flink klimmen. Die laatste kuitenbijter voorspelt niets goed voor het vervolg van de tocht naar de Pyreneeën. Aankomst in Souslens.

Etappe 51 : Perregrue naar La Reolle – 28,8 km (1.310,4 km)

Nog een beeld van gisteren of hoe men hier bomen restaureert. Polyurethaan schuim inspuiten.

Vrij vroeg vertrokken vanmorgen. De marktplaats achtergelaten en even langs de kerk van Perregrue gestapt.

Blijkbaar was die hoger vroeger. De tocht daalde af naar een riviertje en langs de weg dit sympathieke bord dat eigenlijk geen luxe is op sommige wegen. Gelukkig was het hier rustig.

Maar wie plukt er al die druiven?

Is toch een vraag die je je stelt als je door die opeenvolgende wijngaarden stapt. Duizenden wijnstokken staan hier naast een. De meeste zijn kort geknipt, klaar voor de komende lente en zomer.

Een uitzondering is nog niet onder handen genomen. Zie je het verschil? Vrij intensief werk allemaal.

Tussen die wijngaarden door nog een paar huppelende reeën gezien. Vrij dicht maar foto trekken? Neen.

Een stukje antwoord op die vraag van wie plukt. Veel seizoenarbeiders en fie hebben ook sanitair nodig.

Halfweg de dag door het stadje Saint-ferme gestapt. Zoals zoveel dorpen omzeggens uitgestorven maar de van oorsprong 12de eeuwse kerk is impressionant.

Naarmate de dag vorderde nam jet aantal wijngaarden wat af. Meer akkers verschenen maar de Entre-deux-mers wijngaarden bleven aanwezig.

Wie zou daar wonen? Ruïnes van een kasteel die deels hergebruikt worden als woning. Lekker boven op een rots.

En zo kwam ik aan in Saint-Reole. Heel antiek stadje met minuscuul smalle straatjes en veel huizrn van plak en stak. Ik wou nog een stempel halen in het stadhuis, maar uitzonderlijk gesloten, alle diensten.

Morgenochtend nog eens proberen.

Ondertussen staat Frankrijk verbouwereerd te kijken op televisie naar de brand van de Notre dame de Paris. Vorig jaar was ik er nog en haalde ik er een stempel voor mijn credential.

Vreemd hoe het kan verkeren.

Etappe 48 : Saint-Astier naar Mussidan – 31,0 km (1.222,2 km)

Een stevige wandeling maar heel mooi.

De dag startte zonnig en de ganse dag bleef de zon prominent aanwezig. Vanuit de gite moest ik eerst naar het centrum van Saint Astier wandelen.

Eerst een bezoek aan de kerk. Daar was de organist volop aan het repeteren voor een recital volgend weekend. Een bezoek met muzikale begeleiding.

Daarna wat boodschappen in de lokale supermarkt en uiteindelijk was het toch flink 10 uur vooraleer ik goed gestart was met stappen.

Het landschap was golvend en open, maar de wandeling had vandaag toch 2 flinke daal-en klauterpartijen in peto. Rond 11u30 was ik even gestopt om de eerste van mijn kledinglaagjes uit te spelen of ik ontmoette een stapper, een Fransman die lokaal aan het oefenen was om later de echte Camino te stappen.

Wat verderop stond een richtingaanwijzer met Santiago 1.119 km. En wie fotografeerde? Collega pelgrim Wu, die ik gisteren verlaten had met een “bis morgen”. Hij was 2 maal verloren gelopen deze morgen. We liepen dan samen anderhalf uur verder. Dan liet hij me verder stappen want hij wou toch even rusten.

Wat verderop in de wei heel veel blauwe bloemen. Massa’s orchideeën. Vorig jaar heb ik er al een paar gefotografeerd.

De tocht liep vandaag vooral over paadjes en grindwegen. Wat een luxe. Bijna geen auto’s gezien vandaag.

Een plezier voor een pelgrim onderweg is een zitbank. Hier degene die ik deze middag ontmoette om te lunchen, daarachter een lavoir.

De tocht ging terug naar de rivier L’isle. Dus terug naar beneden en daarna terug naar boven. De hoogste top achter de rug kwam de Camino op een plateau terecht. Gewoon prachtig. Een soort heidelandschap met sparren en heideplanten. En wat een heerlijke geuren. Heel stil ook.

Soms had ik het gevoel dat dierbaren van mij aan het meestappen waren. Een vreemde gewaarwording zo reel was ze. Maar dan ging de tocht terug naar de rivier beneden. Mooie vergezichten waren er te zien.

Beneden ging de tocht lzngs de L’isle naar Mussidan. Het was al 18u30 voorbij eer dat de torens in zicht kwamen.

Morgen staat er weer een dyevige wandeling klaar. Hopelijk ook even mooi.