Etappe 78 – San Miguel naar Santander, inclusief veerboot – 29,7 km – 1.992,7 km – dag 13

We naderen 2.000 km op onze lange tocht. Vandaag een hele mooie en gevarieerde etappe.

Vanmorgen goed vroeg vertrokken. De voorspelde regenbuien bleven uit. Eerst trok de Camino door het groene heuvelachtige land. Een beeld van San Miguel die er in de zon veel aantrekkelijker uitziet dan gisteren in de regen.

San Miguel de Meruelo in de zon

Na een kleine kilometer trof me het mooie kleurenspel door de zon op de kerk en de kerktoren.

Toch nog steeds dreigende lucht.

Naar beneden ging eerst de tocht. Naar het groen en naar een riviertje. Een oude middeleeuwse brug bracht me naar de overkant. Alleen jammer voor de brug want op haar oude dag was er een stuk uitgereden. Dat wordt herstellen.

Mooi middeleeuwse brug
Maar met een stuk uit.

Het bleef droog. De temperatuur rond de 15 graden. De wegjes waren goed begaanbaar. Tot de middag, tot in Guemes e vervolgens Galizano ging het op en neer tussen weiden, koeien en geiten, boerderijen en bossen van eucalyptus. Een pelgrim (ik vermoed een Nederlandse naam gelezen te hebben op het naamplaatje van de rugzak) stond te communiceren met de koeien toen een groep fietsers hem voorbijschoot.

Na de middag veranderde het landschap helemaal. Het werd cliff walking. Met prachtige vergezichten over de ruwe kust.

Playa van Galizano
Playa de Langre

Een mooie wandeling die eindigde aan het strand van Loredo. Mezelf op een ijsje getrakteerd want het was wel een pak warmer geworden ondertussen. De lagen kleren gingen uit. En dan een nieuwe ervaring. Een paar kilometer zandstrand te overbruggen naar Somo. Gelukkig was het geen hoog tij en kon ik op het harde zand stappen langs de opkomende golven.

Op naar Somo

Onderweg sepia zien liggen. Dat vind je vaak aan onze vlaamse noordzeekust.

Maar ook een eerder stadium van die sepia kwam ik tegen. Een hele octopus spoelde ook aan. Het is de schedel van dit beestje dat sepia levert bij het vergaan.

Nog steeds strand. Goed dat ik niet te veel moest ploeteren in dat droge zand. De sukkelaars die dit bij hoog water moeten afleggen moeten tocht zweetdruppels achterlaten. Bepakt en bezakt…pfff.

Het strand gaat maar door

Rechts van me bulderen de golven op het strand. Vrij grote golven hoor. Wat verderop doemde een eiland met 2 vuurtorens op.

Eindelijk was dat zand achter de rug en kwam een dijk onder de zolen. Het is zaterdag en heel wat volk op de been. (op terras)

Terrasjesweer

Ook veel surfers gezien die met hun planken de golven trotseren. Ookheel wat winkeltjes die surfmateriaal aan bieden. Of het

Zou mijn maat er tussen hangen?

Uiteindelijk de laatste activiteit van de dag. Deze keer had ik minder geluk want de veerboot vertrok juist toen ik aankwam. Dat betekende een half uur wachten. Een groep Franse pelgrims kwam ook aan en een vijftal pelgrimdames die wel bier lustten e in verschillende talen het hoge woord voerden.

Juist vertrokken. 30 minuten wachten.
Gezellige pelgrimdames

Ziezo, de tocht over de monding verliep met nogal wat kronkels om de vele zandbanken te ontwijken maar daar was Santander. Eindpunt voor vandaag.

Vaargeul naar Santander; let op de boeien

Etappe 77 – Liendo naar San Miguel de Meruelo – 27 km – 1963,0 km – dag 12

Van zonneschijn naar regen. In tegenstelling tot gisteren volgde ik vandaag de markeringen en niet de gidsen. Deze laatsten sturen de pelgrims via de weg naar Laredo, maar de gemarkeerde route loopt naar de kust en is daar een kustpad met prachtige vergezichten.

Liendo in een groene vallei

Liendo ligt in een vallei die veel regen krijgt vanuit zee. Je ziet het eraan. Water en groen overal. Ik was het pension pas verlaten of ik werd bijgehaald door een lange pelgrim. Het was een Duitser die vanmorgen rond 6u30 vertrokken was een paar dorpen verderop. We keuvelden wat. Hij komt uit Düsseldorf en heeft vorige jaren reeds de Camino Frances afgestapt. Toen de weg begon te klimmen had ik last zijn lange benen te volgen en liet ik hem verder stappen.

Pelgrim in de verte

Het pad startte als bospad. Ik moet toegeven dat ik wat ongerust was, want noch kaart, noch beschrijving klopte met wat ik zag. Maar de dag was vroeg, de etappe niet zo vreselijk lang en de markeringen heel goed. Wat hogerop een ruïne.

Een paar gieren vlogen op en gingen de hoogte in. Grote cirkels draaiend. Wat een gigantische vogels zijn dat toch. Naar omhoog klauteren werd duidelijk dat de bomen langzaam kleiner werden en plaats moeten maken voor struiken. Het landschap breekt open en de vergezichten komen tevoorschijn.

Op en neer gaat het pad. Soms vervaarlijk dicht bij de rand. Niet dat ik gevaar liep, maar ik ben geen ‘stoeten’ in de hoogte.

Het wandelpad, of wat er moet voor doorgaan verandert van richting en gaat ook langzaam naar beneden. En plots opent zich het zicht op de baai, op de zandstranden van Laredo, de bestemming voor de middag. Daar wacht de veerboot.

De baai van Laredo

Een steile afdaling over een stenig pad vol scherpe keien en blokken brengt me via weiden naar het oude centrum. Smalle straatjes en oude gebouwen langs tot in het levendige centrum waar de terrastafels buiten gehaald werden. Het was nog steeds droog, maar de wind ging harder blazen. Meer wolken verschenen ook.

Naar het oude centrum van Laredo

Een gigantisch strand daar in Laredo. En in het water wat surfers, op het strand wat wandelaars met hond. Ongelooflijk hoeveel honden er hier zijn. Elk Spaans huis heeft minstens één viervoeter.

Strand met veel zand

De namiddag was wat saaier. Eerst volgde een kilometers lange tocht langs een promenade. Gelukkig kwam er achter mij plots de Duitse pelgrim van deze morgen opdagen. Reinert heet hij en vandaag stapte hij tot aan de andere zijde van de rivier, in Santona.

Eindeloze wandeldijk

Na 5 a 6 km wandeldijk kwamen we op het einde van het zanderige schiereiland. We hadden geluk. De overzetboot was er juist om 4 jonge pelgrims, ook Duitsers bleek, mee te nemen.

Voor 2 euro vaarden we naar de andere kant.

Santona is een gekende naam voor ingemaakte vis in blik in Spanje. Verschillende winkels prezen hun viswaar aan. Vooral ansjovis zag ik.

Etalage met vis in blik.

Even lunchpauze en dan ging de route verder, weer een lang vrij saai stuk voetpad. Het enige spannende was dat die langs een grote gevangenis liep. Ik hoopte of er een gevange probeerde over de hoge muur met prikkeldraad met grote pinnen zou klimmen maar het bleef rustig.

Gevangenismuur

De dag bood eigenlijk niet veel spectaculairs meer. Voetpaden en wat verderop landwegen. Het begin grijzer en grijzer te worden en de druppels kwamen naar beneden. Rinkel deze schattige Jacobus gezien.

Droge pelgrim

Vergelijk hem maar met die natte pelgrim die zich moet beschermen met zijn regencape.

Natte pelgrim

Langs de (natte) landwegen was het rustig heel rustig. Alleen een paar houthakkers met stevig materiaal.

Boomzaag industrieel
Rustige landwegen

Tenslotte terug een drukkere weg met voetpad en nogal wat auto’s. Een arme das was recent aangereden. Wat is dat groot! Zeker de grootte van een middelgrote hond, zoals Basiel. (de hond van Dries en Manon). Ik trok er een foto van, maar vond het zo triest dat ik hem hier niet plaats. Aangekomen in San Miguel. Hopelijk geen regen meer morgen.

Etappe 76 – Castro Urdiales naar Hazas Liendo – 25,7 km – 1936,0 km – dag 11

Ik moet eerst iets bekennen. Vandaag heb ik een stukje afgesneden van de officiële route en die uit de gids. Anders zat ik weer een stuk in de 30 km en gisteren had ik al een ferme portie groen gehad. Daarbij gaan de temperaturen flink de hoogte in en zit ik nu met een rode (verbrande) neus. De start verliep door Castro Urdiales langs een saaie stadslaan.

Verschillende kilometer stappen eer ik in het centrum was, nabij de zee. Maar daar was het wel één van de hoogtepunten van de dag. Koffietje met prachtig uitzicht.

De haven, kerk en vuurtoren van Castro Urdiales.

Daarna de stad uit via weer kilometers lanen allerhande. Onderweg toch wat verwondering met deze muurschilder aan het werk. Benieuwd wat hij uit zijn spuitbussen tovert.

Muurschilder aan het werk.

De route veranderde pas bij een typisch Spaans gebouw. De Arena. Daar ging de route naar de autoweg om via een pad ernaast richtingIslares te gaan.

Een mooi pad. Let op de prachtige blauwe lucht! Vandaag was het uitkleeddag. Om het uur ging er wel een laagje uit. En vergeten me in te smeren vanochtend. Dus kreeftjeskleur vanavond. De autoweg kwam dichterbij. Veel lawaai. Maar daar helpen de oortjes en de muziek wel tegen.

Wandelweg, autoweg en oceaan

Voorbij het dorpje Cerdigo gaat de wandelweg onder de autoweg door en wordt het een kustpad, eerst tussen de bomen en daarna langs de klippen.

Geiten kom je vaker tegen

Je loopt er door een paar weiden met afgewisseld geiten en schapen. Hogerop verdwijnen de bomen en worden de vergezichten over rotskust en zee mooier en indrukwekkend.

Daar is de zee

Boven de kliffen heb je schitterend zicht. De meeuwen zijn present en ik kon zelfs een jonge Jan van Gent spotten. Zeer herkenbaar. Jammer dat ik er geen foto kon van trekken.

Uitzicht richting Islares

Aankomst Islares. Daar volgt de route de monding van een rivier. Ook hier weer een wild estuarium waarbij water ongehinderd naar zee vloeit. Een paar surfers oefenden op de veel te kleine golven. Hard surfen was moeilijk.

Strandje van Islares met surfers

De route wordt dan vrij monotoon langsheen de nationale verkeersweg. Tot Nocina loopt de Camino naast die weg. Toch een leuk plaatsje gevonden om te picknicken. Mooi uitzicht op het estuarium. Terwijl ik aan het eten en rusten was kwamen er toch een koppel en één enkele pelgrim voorbij gesjokt.

Voetpad naastde weg.
Picknick time met zicht op monding.

Dan gaat de officiële route nog een toer van bijna 20 km rond in de binnenlandse heuvels. Ik nam echter de hoofdweg verder. Die liep af en toe langs de autoweg ook. Dus wel wat kabaal. Ook een stukje via een paralel bospad.

Uiteindelijk kwam ik op bestemming aan. Liendo, een heel stil dorpje. Wat ingeslapen. Of viel die stilte op omdat ik toch vaak langs snelwegen stapte vandaag? Vanavond nog wat verder gewerkt aan de planning van de volgende etappes. Ook die worden heel gevarieerd kon ik vaststellen.

Etappe 74 – Bilbao naar Zierbena – 22,8 km – 1883,3 km – dag 9

Een haven in transitie

De Camino is niet één weg, maar eigenlijk een kluwen van mogelijke paden richting Compostella. Vandaag had ik de keuze uit diverse routes. Ofwel terug omhoog door het groen, of één van de routes langs de rivier richting de monding, richting de zee. Omdat het vlakker was, maar vooral om eens iets anders te zien koos ik de rivier. En het viel niet tegen verre van.

Vanuit het stadcentrum kom je al snel aan de promenade en meteen wordt je geconfronteerd met de maritieme geschiedenis. Een museum en museumweekend zien er heel interessant én levendig uit.

Museum scheepswerf

Onder het zeildoek wordt een houten schip hersteld volgens oude methodes. Er is werk aan.

Planken moeten vervangen worden, ook van de romp. En die planken moeten dus verbogen worden ZONDER breken. Omdat de roots van schoonvader Alex zaliger in de schrijnwerkerij (wagenmaker) lagen onderstaand beeld.

Het plooien van planken.

Voor de Kv supporters, mocht KVM doorstoten Europees én ze moeten tegen Bilbao spelen, dan is dit het stadion van het Spaanse thuistreffen.

Stadion van bilbao

Je ziet echt van alles onderweg. Zoals elke oude haven moet ook Bilbao zich aanpassen. De oude haveninfrastructuur, die eigenlijk bijna niet meer gebruikt wordt en verloederd zoekt andere toepassingen of maakt plaats voor bewoning. Veel voorbeelden gezien langs de voortreffelijke promenade.

Prachtige gevel op zoek naar nieuwe bestemming.

De route is meestal goed aangegeven, alleen bij een schroothoop kan je niet meer door en moet de route een omweg nemen. Toen ik stond te twijfelen met mijn kaartje sprongen meteen hulpvaardige Spanjaarden toe om mij op de goede weg te zetten. Met heel veel Spaanse woorden waar ik jammergenoeg zo weinig van versta.

Hier moet je uitkijken, welke kant uit?

Al dat bouwen, verbouwen, verkommeren, restaureren, enz geeft een zekere lelijkheid maar ook schoonheid en charme aan de stad. Vooral als je dan nog eens zicht hebt op de bergen.

De wandeling gaat verder langs de promenade. Veel volk op de wandel, jong en oud. Spanjaarden wandelen veel, de ouderen toch.

Barakaldo nieuwe stadswijk.

Verderop is al flink afgebroken en hele nieuwe woonblokken zijn neergezet. Bilbao is druk bewoond. Ik las ergens dat helft bewon ers Baskenland in die agglomeratie wonen. Barakaldo en dan Sestao zijn plaatsen waar heel veel haven verwijderd werd ten voordele van woonblokken. Maar toch staat er nog productie van een gekend bedrijf. Arcelor Mital, staal. Maar ook daar staat industriële archeologie te roesten.

En toch weeral die transitie. Centrale buurtverwarming met gerecupereerde warmte van de fabriek.

En dan nader ik Portugalete met een bijouke van metalen constructie. Er bestaan slechts een 5 tal van deze overzetsystemen. Lieve schoonbroer Frank liet me weten dat dit de eerste transportbridge is.

En dat ding functioneert. Voor 50ct reis je naar de overzijde. Dus ikke heen, koffie drinken, en terug. Superhandig.

Voetgangers, fietsers, auto’s gaan mee naar de overkant.

Ziezo, dat hadden we dan gehad. Een “vaut le voyage” attractie. Industrieel erfgoed op zijn best.

Daarna ging het verder richting monding. De bedrijven en constructies werden moderner. Bij de zeevaartschool (met prachtig zwembad!) Staat een vissersboot van eind vorige eeuw.

Te bezoeken. Maar wat verderop ligt een nog actieve scheepswerf, en daar worden de moderne visserijboten bewerkt. Wat een verschil. Groter, efficiënter, nieuwe technologie.

En zo zie je dat alles in transitie is naar meer efficiëntie en meer duurzaamheid. Het is verre van gerealiseerd, maar de transitie is volop bezig, dat is duidelijk. Het laatste plaatje van de haven toont dat nog beter met oa windmolen fragmenten die verscheept moeten worden, edg.

Aankomst in Zierbena om daar te overnachten. Ferryhaven.

Zie hoe blauw alles geworden is. Zonnig maar koud. Zo een wandeling doet je wel honger krijgen! Vanavond vis op het bord!

Etappe 68 – San Sebastian naar Getaria – 24,0 km – 1745,2 km – dag 3

Het wordt grijzer, het wordt kouder. Een heel gevarieerde wandeling vandaag. Voormiddag wispelturig kustpad en namiddag doorheen Zarauts en een wandeling langs de dijk naar de vissersstad Getaria.

Opstaan deed ik met dit mooie uitzicht met vuurtorentje. Eigenlijk was ik al 3 km verder gestapt gisteren. Zo kon ik meteen goed starten voor de etappe vandaag.

2 vuurtorens

Het weggetje ging omhoog, slingerde parallel aan zee doorheen de groene weiden. Het was frisser, grijs maar droog.

Let op de appelsienenboom naast dit boerderijtje. De weg ging kwalitatief achteruit. De uitzichten bleven mooi, maar de weg zelf verdween en werd een stijgend en slingerend pad.

Bosweg met Gr
De oude pelgrimswegen met grote plavuizen komen vaak voor in de streek.

Een verlaten streek met taaie begroeing, want nabij de oceaan en het kan er flink stormen. De grote steenblokken schijnen al heel oud te zijn, gelegd om pelgrims vlotter te doen reizen. Verschillende kilometer afgelegd op deze reuze kinderkoppen. Kunst kom je ook tegen en een natuurlijke fontein met drinkbaar water .

Kunst langs de Camino

Drinkbaar water uit de rots

Op en neer gaat de tocht. Geen levende ziel te bespeuren. Het is een stukje desolaat gebied waar ik doorheen loop. Doet me wat denken aan de Landes, maar dan heuvelachtiger. Na 6 a 7 km toch teken van leven.

We love you! I love it.

Toch fijn dat de mensen hier de pelgrims zo welkom heten, getuige dit bord, of de auto die plots naast mij vertraagde en waar de bestuurder met bewonderende blik mij vroeg: Camino? Of een koppel in Zarauts die je kruist en vol overtuiging ‘Buen Camino’ toeroept. Zelfs een paar hulppostjes onderweg ontmoet met water en een box met materiaal voor verzorging.

Hulp bij pijne voeten.

Uiteindelijk komt de Camino terug in de bewoonde wereld aan in Orio (nee niet de koekjes) via de ermita San Martin. Gesloten. Daar iets gegeten en achter mij zag ik Alex voorbij stappen

De ermita San Martin en het zicht naar de zee.

Orio zelf is een kleine haven waarlangs een luidruchtige autoweg dendert. Het lawaai weergalmt in de vallei en overdondert na een dag stilte. Het stadje zelf is typisch gebouwd.

Orio

De tocht gaat verder, vlak en langsheen de monding met havenactiviteiten en resten ervan.

Nog een oude baggeraar

En zoals steeds volgt een bocht met een klim. De weg loopt eerst langs weiden en eindigt in wijngaarden. Hier wordt een witte tintelende wijn verbouwd. Nette gaarden voor Txakoli.

Wijngaarden van txakoli

Eenmaal over de heuvelkam gaat de Camino langs een gewone weg naar beneden naar stadje Zarautz. Strand!

Getaria in de verte.

De stad Zarautz is gebouwd in dambord met een lange laan centraal. Daar staan wel wat beelden en monumentje langs.

Kaarsrecht
Industrieel erfgoed

In de stad zelf even langs gegaan in de toeristische dienst de stempel halen.

Verder gaat het vlak langs een lange promenade die naast de weg aan de rotsen hangt richting Getaria. Mooi maar na 4km wel wat saai. De golven beuken er tegen gigantische stenen blokken. Op zee zie je vissersbootjes dobberen.

Wandeldijk
Wandeldijk bis

Aankomst in Getaria met eerst een koffietje en een leuke ongekende 50ct surprise.

Andorra

De kerk binnengestapt. Origineel, want door de vele verbouwingen door de eeuwen heen ligt de vloer volledig schuin en zijn doksaal en dgl in verschillende niveaus. Hopelijk zichtbaar op de foto’s.

Schuine vloer

Ziezo, de wandeling is voorbij. Morgen naar Deba, maar eerst lekker eten en slapen.

Leve de asperges

Etappe 61 : Saint Jean Pied de Port – 20,3 km (1.601,0km)

Aankomst tweede deel

Vandaag is het de tweede tussenhalte en stopt de tocht voor even. Het wordt wel een vreemde tocht, een drukke.

Het begint bij de eerste bocht. Ik ben meteen omringd door pelgrims. Twee heren, die me aan stevig tempo voorbij stappen, daarna steek ik 2 oudere Duits pratende dames voorbij en wat verderop komt er nog een pelgrim uit het groen. Zoveel heb ik er over de ganse tocht niet gezien.

Pelgrims naar Compostella
Pelgrims naar Saint-Jean

De tocht trekt de valei in langs glooiene graspaden. Af en toe wordt er even gepraat, maar vooral hard gestapt. Vreemd dat men al snel de pelgrims volgt… en volgt op het verkeerde pad. Want plots gaat de weg stevig omhoog en ik moet mijn collega’s lossen tijdens de klim. Tot na een tiental minuten er een tetugkeert met de melding dat we fout zitten. In het terugkeren komen we er nog 8-tal pelgrims tegen die ook mogen omkeren!

Af en toe wordt wat gebabbeld zoals tijdens een koffiepauze in de schuur van een landbouwer die tegen een vrije gift (donativo) koffie en warme drank + zuivel uit zijn hoeve aanbiedt. Zo leer ik Martin kennen uit Quebec, die samen met zijn maat vanuit Le Puy en Vellay zijn gestapt tot hier. Blijkbaar was het weer daar iets minder want ze hadden kou toen het er sneeuwde.

Wat verderop ontmoet ik een andere pelgrim die vanuit Brest de Atlantische route heeft gevolgd. En ondertussen stapt iedereen op eigen ritme verder. Rond de middag zie ik een bende van 8 langs de weg picnicken.

En dit in een mooi, groen heuvelend landschap. Onderweg nog een paar kerkjes binnengestapt. Ik was wel verwonderd van het binnen schrijnwerk. In 2 kerkjes was een volledige gaanderij opgebouwd.

En langzaamaan naderden we met zijn allen ons doel. Een laatste klim naar de citadel en via de porte St. Jacques stapte ik de drukte in.

Wat een andere wereld. De nauwe straatjes lopen vol mensen van allerlei leeftijd, ras en kaliber. Veel mooie nieuwe uitrustingen en blitse (te) zware rugzakken. Ik moet aanschuiven bij het Compostella genootschap, zo druk. Ik haal er mijn stempel maar de meeste mensen halen er de credential. Ik sta verwonderd te luisteren hoe onvoorbereid heel wat van die pelgrims aan die tocht beginnen. Gelukkig krijgen ze hier wel wat raad en waarschuwingen. Het is te koud op de pas naar Spanje en het waait te hard. De pas is 3 dagen gesloten want de avond voordien werden heel wat pelgrims ontzet door de Spaanse politie.

Via de stadspoort stapte ik dan naar het station. Plots hoorde ik mikn naam roepen. Stephane! Ook hij was er al. Had zijn tentje in de camping neergezet. In afwachting van de trein hebben we nog wat bijgepraat, samen met een derde pelgrim en gekeken hoe hordes pelgrims door een net aangekomen trei werden afgezet. Ook hier terug. Wat een zware pakken, zakken en rugzakken! Om 16u30 vertrok de trein dan naar Bayonne, waar ik overnachtte om de volgende dag naar huis te rijden. We wensten elkaar Bon chemin toe. Hij stapte verder naar de Camino del Norte. Ik moet nu wat wachten.

Etappe 60 : Osserain naar Larcevaux – 29,6 km (1.580,7km)

Stephane

Weer geluk vandaag als ik naar de lucht kijk. Blauw en zonnig. Vannacht regende het, maar de buien zijn overgetrokken. Het ontbijt in de door Britten uitgebate B&B is ok. Ik kan er dus weer tegen, want er staan 2 flinke klauterpartijen op het programma.

Eerst de rivier over. Die stroomt tegen vreemde steenformaties aan. Niet alledaags.

De witte bergtoppen, die ik gisteren zag zitten verstopt achter dikke wolken. En dan kwam ik Stephane tegen.

Stephane vertrokken vanuit Limoges. Samen gestapt tot Saint-Palais. Daar afscheid genomen want ik wou er per se nog iets eten en hij trok verder.

Na middag kwamen 2 beklimmingen. Hier startte de eerste. Een betonnen pad eerst hielp het klimmen. Al vlug vetraagde mijn snelheid en kwamen regelmatige haltes.

Wel was het uitzicht soms adembenemend, en ook de besneeuwde toppen kwamen terug piepen. Boven aangekomen was het minder aangenaam door de kille stevige wind. Een paar beelden verwelkomen de bezoekers op de top.

Na de klim ging het stevig naar beneden. Ondertussen waren hoog in de lucht verschillende vogels met gigantische vleugels aan het ronddraaien. Ik vermoed gieren, want die beestjes zijn ondertussen terug uitgezet in de Pyreneeën. Echt gigantisch. De tocht ging vervolgens steil naar beneden het dal in.

Maar het was wat ik andere kant zag die mij wat minder op mijn gemak stelde. Dat pad steil omhoog… Toch niet het vervolg van de tocht? Tijdens het afdalen kon ik volop genieten van de vergezichten.

Beneden in het dal stond de gedenksteen in het baskisch. Blijkt de samenkomst te zijn van 3 caminos van Frankrijk, waaronder de populaire vanuit le Puy en Vellay, die door de Fransen zelf wordt gestapt.

Mijn vrees was gegrond daarstraks. Het pad omhoog was het vervolg van de tocht. Flink de hoogte in dus.

En heel vreemd qua ondergrond. Zachte vlakke rots, die volop afschilfert. De tocht ging traag. Vervelender werd wel de wind, die koud en stevig werd. Heel onaangenaam bergop en wind tegen. Ik moest constant mijn hoed vasthouden of ie was weg.

Na flink zwoegen was de top zichtbaar. Daar staat een kapel met oa waterkraantje. En wie stond me daar op te wachten. Stephane.

Samen zetten we dan de tocht verder. De landschappen bleven schitterend. Enkel de wind was vervelend. De tocht ging verder omhoog en dan omlaag.

We gingen verder en in Ostabat besloot Stephane zijn tentje op te zetten voor de nacht. Hij stapte de plaatselijke bar binnen na afscheid te hebben genomen. Ik stapte nog een 5km verder. En toen ik aankwam toonde de lucht dat er morgen nog wat meer wind te verwachten was.

Etappe 59 : Orthez naar Osserain – 29,9 km (1.551,3 km)

Verdraaid. Waar loop ik nu eigenlijk rond?

De streek werd gisteren terug heuvelachtiger en vandaag zou het nog erger worden. Maar vooraleer de tocht aan te vatten kocht ik eerst de treintickets om vrijdag naar huis terug te rijden. Na het bezoek aan het station verliet ik Ortez over de nieuwe autobrug en zo kon ik een foto maken van de oude brug met ongelijke bogen.

Le vieux pont d’Ortez

De tocht vandaag ging veel minder langs tarmac, maar meer door bos en weilanden. De hoogteverschillen leidden wel tot gek zicht zoals dat kerkje dat daar beneden lag.

Vreemd heerschap ontmoet rond de middag. Een leuk beeld van een pelgrim dat me deze middag gezelschap hield tijdens het eten op een bankje onderweg.

Het was een hele natuurrijke wandeling vandaag. Slechts één frustratie. De kaart van mijn gids ,de “mjammjamdodo”, was volledig fout. Zo fout dat ik helemaal niet meer wist waar ik was! Hoe lang de tocht zou duren en of ik wel in de juiste richting stapte. Wel kon ik steeds de tekens van de Camino  onderweg volgen. Gelukkig maar! De problemen begonnen al bij deze klim.

Gelukkig waren er de vele mooie bloemen en planten langs de weg zoals deze prachtige orchideetjes. Ik wist niet waar ik was, maar waar ik was, was het wel mooi.

En mag ik jullie, wel wat vroeg, deze meiklokjes aanbieden.

Zoals gemeld had ik eigenlijk geen flauw idee waar ik was; buiten, dat wel,  ergens in de bossen. Een mens krijgt dan toch ook honger en ik ging even zitten om een hapje te eten en vooral om te drinken. Een houtstapel zou een ideale zitplaats moeten zijn, totdat…

Ik zat amper neer of een hele horde mieren overspoelde mij, mijn rugzak, mijn eten, mijn hoed… ik vloog meteen terug recht en stond daar als een gek rond te dansen om me van die beestjes te ontdoen. Brrrr…

Dat de Pyreneeën in de buurt waren was wel duidelijk! Als de tocht naar boven ging zag je in de verte een paar besneeuwde bergtoppen “naderen”. Maar door de nevel waren ze niet zo goed te fotograferen. Daarom een paar paarden erbij.

De natuurpaden zijn heerlijk om langs te stappen. Door bossen, weiden en heide. Niet steeds comfortabel, maar wel heel avontuurlijk en heel afwisselend. Zoals op de foto hieronder. Inderdaad, dit is een wandelpad!

Na de middag pakten de regenwolken zich samen, en uiteindelijk vielen de regendruppels uit de lucht. En kijk maar wat de koeien deden, toen het regende. Ze schuilden onder de bomen. Slimme dieren! Ik integendeel liep verder door de regen. Met regencape aan wel te verstaan!

Het einde van de dagtocht liep door een vallei en in de verte waren de stadsmuren van Osserain te zien. Indrukwekkend hoog wel. Als je dit als arme soldaat moest opklimmen tijdens een belegering….brr ik durf er niet aan te denken.

Blijkbaar werd er uiteindelijk van mij verwacht dat ik na al die wandelkilometers dartel de trappen opstormde.

Ik ben wel boven geraakt, maar door af en toe halt te houden en ondertussen rond te kijken. Zo zag ik dan de resten van de oude brug staan.

Aan de overzijde geraak je niet via dit exemplaar.

Etappe 57: Saint-Sever via Hagetmau tot Beyries – 30,6 km (1.502,3 km)

Paasdag – waar is iedereen?

Deze paasdag begon nogal merkwaardig. Ik kwam in zekere zin ook de paasklok tegen. Op zoek naar een hap voor op de middag onderweg stapte ik naar een bakker. Ik ontmoette een man, die me meteen aansprak over de Camino. Hij was ook gestapt maat was nu naar Rome en Assisi gestapt. Vond dat formidabel samen met de vrienden. Dat het belangrijk is om een goede fles mee te nemen en dat het ergste wat kan gebeuren het verlies van de kurkentrekker. Ik volgde hem naar binnen bij de bakker. Toen ik wilde betalen voor mijn brood mocht ik niet want de mijnheer voor mij betaalde zei de verkoopster. Toen ik buitenstapte reed hij voorbij met de wagen, uitbundig zwaaiend.

Saint-Sever heeft een monikkengeschiedenis en is gebouwd rond een klooster. De abdijkerk als centrum van het stadje en ook nog andere gebouwen.

Of deze couvent des Jacobins.

Paasdag was echt heel rustig. Bijna niemand op straat. En eigenlijk valt dat mee, want de tocht loopt vandaag bijna volledig langs gewone wegen. En op deze paasdag is er omzeggens geen verkeer. Mooi meegenomen voor het eerste deel richting Hagetmau.

Weer een ander landschap, licht glooiend en heel veel lemige geploegde akkers.

Het vervelende vandaag was de lucht. Die zag er wel wat dreigend uit. Donkere wolken, maar gelukkig toch geen druppels.

Hagetmau zelf was uitgestorven. Een gezin was in de voortuin aan het barbecuen. Verder alles dicht en stil. Alleen wat verderop was er een sportwedstrijd aan de gang. Ik kon wel niet uitmaken of het een voetbalwedstrijd was of een stierenspectakel.

Volgende stille halte was Labastide-Chalosse. Weinig mensen, ook in de kerk. Maar wel mooi met vele oude beelden, zoals dit altaarstuk.

Doch, je moet niet steeds in kerken en gebouwen naar binnen gaan om mooie zaken te zien. Ook buiten kan het heel mooi zijn, zoals deze mooie bloemen langs de weg.

De tocht door de Landes loopt op zijn einde, het landschap wijzigt. Het wordt glooiender en groener, natter. In zo’n groene vallei naast de weg vond ik de resten van een middeleeuwse kerk en kerkhof. Goed dat er een bord stond want buiten een paar 16de eeuwse grafstenen zag je niet veel meer van La Bastide de Pont la Reine.

Die vochtigere omgeving zorgt ook voor bredere beken, meet water en opnieuw watermolens.

En uiteindelijk ging de weg weer flink klimmen. Die laatste kuitenbijter voorspelt niets goed voor het vervolg van de tocht naar de Pyreneeën. Aankomst in Souslens.

Etappe 51 : Perregrue naar La Reolle – 28,8 km (1.310,4 km)

Nog een beeld van gisteren of hoe men hier bomen restaureert. Polyurethaan schuim inspuiten.

Vrij vroeg vertrokken vanmorgen. De marktplaats achtergelaten en even langs de kerk van Perregrue gestapt.

Blijkbaar was die hoger vroeger. De tocht daalde af naar een riviertje en langs de weg dit sympathieke bord dat eigenlijk geen luxe is op sommige wegen. Gelukkig was het hier rustig.

Maar wie plukt er al die druiven?

Is toch een vraag die je je stelt als je door die opeenvolgende wijngaarden stapt. Duizenden wijnstokken staan hier naast een. De meeste zijn kort geknipt, klaar voor de komende lente en zomer.

Een uitzondering is nog niet onder handen genomen. Zie je het verschil? Vrij intensief werk allemaal.

Tussen die wijngaarden door nog een paar huppelende reeën gezien. Vrij dicht maar foto trekken? Neen.

Een stukje antwoord op die vraag van wie plukt. Veel seizoenarbeiders en fie hebben ook sanitair nodig.

Halfweg de dag door het stadje Saint-ferme gestapt. Zoals zoveel dorpen omzeggens uitgestorven maar de van oorsprong 12de eeuwse kerk is impressionant.

Naarmate de dag vorderde nam jet aantal wijngaarden wat af. Meer akkers verschenen maar de Entre-deux-mers wijngaarden bleven aanwezig.

Wie zou daar wonen? Ruïnes van een kasteel die deels hergebruikt worden als woning. Lekker boven op een rots.

En zo kwam ik aan in Saint-Reole. Heel antiek stadje met minuscuul smalle straatjes en veel huizrn van plak en stak. Ik wou nog een stempel halen in het stadhuis, maar uitzonderlijk gesloten, alle diensten.

Morgenochtend nog eens proberen.

Ondertussen staat Frankrijk verbouwereerd te kijken op televisie naar de brand van de Notre dame de Paris. Vorig jaar was ik er nog en haalde ik er een stempel voor mijn credential.

Vreemd hoe het kan verkeren.