Etappe 30 : Van Brecy naar Bourges – 30,1km – (761,8 km)

Na een uitgebreid ontbijt in La fauconiere met een koppel Fransen en Australiërs terug de rugzak opgetild en vertrokken. Vandaag geen bossen maar akkers. En daar tussen Een groen strook waar je over moet.

Sedert lang plots een hert gezien. Het stond heel alert in de maïs. Ik hoop dat je iets ziet op de foto.

Buiten velden met gerst of maïs toch iets anders te melden. Boven op een heuvel een grote onderneming met veel appelbomen. Nog in knop natuurlijk. En dan volgen opnieuw de akkers.

Rond de middag plots heel in de verte 2 vierkante torens. De kathedraal. Ik herinnerde me Reims nog. Het is niet omdat je de torens ziet dat je meteen aangekomen bent.

Dus stappen we maar moedig verder. En die torens werden maar héél langzaam groter. Er leek geen zin te komen aan die departementale. Tot in de verte een notenboom zichtbaar werd. Een notenboom met in de schaduw een bankje.

Op de boom was een papier gespijkerd en er hing een plastiek potje met ijzerdraad aan de boom. In dat potje kon je een papiertje nemen en een wens of berichtje schrijven en achterlaten. Het perceeltje achter de boom was een wijngaard die zijn grootvader had geplant en getuigde als restant voor de vele wijngaarden met verschillende soorten druiven die er ooit stonden.

De weg ging verder maar verliet de departementales en werd een aardeweg. Een oude chaussee romaine. Lijnrecht richting Bourges.

In de velden koolzaad mooie poppies te zien. Het is niet alleen in de Vlaamse velden dat de klaprozen bloeien.

En zo naderde Bourges heel langzaam. Maar er kwam nog een verrassing! De lijnrechte Romeinse steenweg werd plots onderbroken door een nieuwe ringweg voor autoverkeer. Maar ipv een voetgangersbrug te hebben aangelegd moest deze vermoeide pelgrim (En alle andere pelgrims) zo een 800 m lopen naar de brug verderop en dan 800m terug stappen om de weg verder te zetten. Echt balen is dat.

Via de eerste woonwijken en dan een paar technische scholen en een aantal sociale woningblokken daalde de steenweg veder naar Bourges. Via een brug over het spoor kwam ik rond 16u30 aan in het station. Daar kon ik mijn tickets voor woensdag aanstaande laten drukken en een broodje eten.

Nog wat stappen en na een lichte klim zag ik plots de rechthoekige torens heel nabij.

En dus was ik aangekomen aan de kathedraal van Bourges. Naar goede gewoonte de selfie.

Binnen mijn stempel ontvangen, nog een fotootje van het monumentale moraal.

En dan naar het hotel gestapt. Oh wat zalig! Een ligbad in de kamer. Zondaggevoel.

Avondmaal in La scala pizzeria. Zit die Franse pelgrim architect daar niet. Hij had gratis dessert gekregen omdat zijn pizza koud was van het wachten. Lekker bijgepraat. Misschien tot morgen?

Etappe 20 : Paron naar Joigny – 35,2 km – (500,7 km)

De hoofdpersonage vandaag is de rivier de Yonne. Het grootste deel van de dag werd ik begeleid door de rivier. Maar eerst werd ik heel hartelijk uitgeleide gedaan door mijn gastheer en vrouw. Ze trokken zelfs hun stapschoenen aan om een stukje mee te stappen.

Michel boerde jaren en kent alle weggetjes als zijn broekzak. Hij is het die me aanraadde waar ik onderstaande vergezicht van de Yonne kon trekken.

De weg is hier wel heel wat mooier dan in de streek van Reims! Glooiende heuvels met bloeiend koolzaad. Her en der bossen op die heuveltoppen. Daar doorheen gooit de goed onderhouden aarde weg. Plots sprong er zelfs een ree 3 meter voor mij uit het kreupelhout pal op de weg. En even sierlijk sprong het dan terug het bos in. Je verschiet wel even want nogal onverwacht die ontmoeting!

Het eerste dorpje heet Gron. Klein en landelijk met kabbelend beekje in de tuin. Echt zo een beekje dat je wil meenemen om ook in je tuin te leggen.

Na Gron volgt een tocht door veld en bos. En na een paar kilometer in het glooiende landschap daalt de weg naar de rivier die we voor de rest van de dag volgen.

Na een flinke wandeling op het jaagpad langs de meanderende rivier tussen de velden en bossen komt de Camino aan in Villeneuve sur Yonne.

Omdat het middag was ging ik even zitten in een bar om een koffie te drinken. Dat deed deugd zo een koffie op een terrasje. Toen ik klaar was en aanstalten maakte om te vertrekken klonk een stem uit het cafee. Moet ik geen stempel in je boek zetten vraagt een in het zwart gekleed mannetje terwijl hij zijn glaasje likeur in een keer naar binnen kapt. “Graag” zeg ik. “Een pastoor moet ook al eens een glaasje drinken, he!” Zegt hij. “Met miswijn op zondag alleen ga ik niet ver geraken” zegt hij terwijl hij een dikke bundel sleutels mee gritst en naar buiten komt. Hij troont me mee aar de kerk alsof ik oorlogsbuit was. In de sacristie werd dan een stempel bij gedrukt in het pelgrimboekje.

En dan ging de weg verder langs het jaagpad van de Yonne. Af en toe had ik het gezelschap van een Zwitserse plezierboot die mij inhaalde. Maar wat verderop haalde ik die weer in wanneer de boot verrast werd. Er is wel wat verval op de rivier. Dus hier en daar stuwinstalaties om de Yonne bevaarbaar te houden.

Pleziervaart is er wel. Mooie boten ook. Iets breder dan de narrowboats in UK maar af en toe wel een kleurrijk exemplaar.

Doordat het verval hoger werd stroomopwaarts werd een kanaal naast de rivier gegraven voor de boten. Een vertrouwd gezicht voor Vlaanderen die vaart met bomen. Wel geen wielertoeristen hier want pad is van aarde. Slechts een paar vtt rijders.

En zo stappen na een dikke 33 km kwam Joigny in zicht. Wat in de hoogte. Volgens de gids wat vergane glorie. En dat klopte wel.

Ik bezocht nog even 2 van de 3 kerken. Restauratie van de stukken is voorzichtig aangevat. Ook huizen allerhande vind je er.

Zie zo. Aangekomen. Beentjes wat laten rusten nu.