Etappe 63 : Bidaray naar Espelette – 18,2 km (1.646,2 km)

Het werd een stevige wandeling vandaag op de Camino Bidasoa. De klim mocht er zijn. Maar laat me beginnen bij het begin.De tocht startte met het oversteken van de rivier de Nive via de “devilsbridge”, een oude stenen voetgangersbrug.Gezien het zondag was ging ik nog even langs bij de artisanale bakker, die ik de avond vooraf gespot had, om lokale lekkernijen als mondvoorraad mee te nemen. Een mens moet toch de lokale gastronomie leren kennen, niet? En op zondag moet je er van uit gaan in Frankrijk dat de winkels vaak gesloten zijn. De ervaring leert dat snel tijdens de wandeltocht.De voormiddag liep de tocht langs de rivier. Het voordeel is dat een groot deel van de tocht onder overhangende bomen liep. Handig als het warm is.Voor de gieren in de streek verliep de dag zoals gisteren. Dus in de voormiddag zag ik ze vrij goed, na de middag enkel als kleine stipjes hoog in de lucht.De wandeling verliet de rivier om hier en daar een kabbelend beekje over te steken. Wat verderop liep de weg terug naar de rivier. Daar waren jonge lui aan het raften. Prima weer om te raften. Lekker fris op de rivier.Wat verderop was een taverne waar een broodje ham kaas lekker smaakte en veel water het verloren zweet kon aanvullen. Want zweten, dus drinken blijft de boodschap. Maar goed ook dat de krachten konden opgedaan worden, want ze waren nodig in de namiddag. Een bergpas moest overgestoken worden.Een kilometerslang pad klom maar hoger en hoger. Snel ging het niet. Bij elke boom stopte ik even om mijn tikker wat te sparen en wat af te koelen uit de zon. In het nieuws werd gemeld dat hartpatiënten inspanningen moeten vermijden bij warm weer. Maar ik kon moeilijk blijven wachten tot het donker werd. Dus rustig verder klimmen en af en toe stoppen en kijken naar het landschap.

Tenslotte kwam de top in zicht en na een bocht lag een prachtig vergezicht voor me.

De rest van de wandeling was een lange afdaling richting Espelette. Er was wel nog een venijnig staartje, vooraleer het dorp binnen te stappen. Een leuk dorp, gekend voor les piments en nog een reeks culinaire specialiteiten. Mooie gekleurde huizen vormen er een mooi centrum.  Rond etenstijd werd het wel wat toeristisch, maar dat betekende dat je er makkelijk eten vond, leuk meegenomen voor een vermoeide pelgrim.

Etappe 62 : Saint-Jean-Pied-de-Port naar Bidaray – 27,0 km (1.628 km)

Etappe 1 van de Camino Bidassoa die me van Saint-Jean-Pied-de-Port naar Hendaye aan de Atlantische kust zal brengen. Daar kan ik dan via de Camino del Norte naar Compostella stappen volgende lente.

Met het treintje aangekomen in het station rond 8u45. Na een koffie en een kaarsje in de kerk van Saint-Jean-Pied-de-Port terug op stap met de rugzak. Het dorpje Lasse was het eerste op de kaart. De tocht verliep al bij al vlot.

Het was mooi rustig wandelweer en daar kwam aangenaam gezelschap op het landbouwwegje, met zijn allen op stap naar de melkmachine.

Alles liep vlot dacht ik, tot ik in het 2de dorpje terechtkwam. Dat dorpje bleek opnieuw Lasse te zijn en het kwam me bekend voor. Een soort dejà-vu effect.  Was ik wel niet verloren gelopen en in een mooie cirkel terug aangekomen waar ik reeds was geweest? Inderdaad!

De tocht die ik nu afstap is eigenlijk een verbinding tussen de klassieke Camino Frances en de Camino del Norte, waar ik heen wil. Deze Camino del Norte loopt langsheen de Atlantische kust naar Compostella en als halve Nieuwpoortenaar, opgegroeid aan de Belgische kust, trekt deze kustroute mij heel erg aan.

Veel vogels gezien vandaag.

Om te beginnen een ganse meute gieren die ’s morgens in grote cirkels omhoog zeilden op de thermiek. Tegen de middag zag je enkel nog kleine stipjes hoog in de lucht rond de bergtoppen zweven. Naast de klassiekers als vlaamse gaai en roodstaart ook een klapekster zien zitten op de electriciteitsdraad.

In Irrouleguy was het tijd voor de picnic. Een mooie overdekte picnictafel, lekker in de schaduw en een kraan om drinkbaar water bij te tappen. Super.

Het werd al aardig warm en de zweetstraaltjes waren flink aanwezig. Dus drinken en drinken. De temperatuur lag rond 25 graden denk ik. Ook de schapen zijn in zomerplunje.

Onderweg een mooi brugje over gegaan. Zag er oud uit. En aan de overzijde lag een viskwekerij met waterbekkens die stevig belucht werden. Vol vol vis. Zalmachtigen van wel 30 a 40 cm lang. Echt vol.

De tocht werd zwaarder. Ik was vergeten hoe de rugzak ook zwaarder wordt als je omhoog moet. Gelukkig was er veel schaduw van bomen en struiken. Tot aan de boomgrens.

De route liep langsheen een kabbelend riviertje. Eerst stroomopwaarts en dan stroomafwaarts hoorde je het klaterend water.

Alleen helemaal boven was het stil. De tocht eindigde in Bidaray vandaag, langsheen de spoorlijn en het riviertje. Langsheen verschillende frontons gelopen vandaag.

Bij aankomst in Bidaray was er een competitie bezig. Je moet het maar doen om die bal met de hand iedere keer terug tegen de muur te kaatsen.

Ziet er eenvoudig uit maar is het niet. Morgen loopt de tocht verder langs het riviertje. Met de pas van Roland als uitdaging.